27 februari 2019
...

Freddy Van den Spiegel: Ik schrok zeker niet toen bij BNP Paribas Fortis, en later ook bij KBC, grote ontslagrondes werden aangekondigd. We wisten dat het zou gebeuren. En in tegenstelling tot bij andere sectoren is het hakmes niet bovengehaald: ik zou niet van een bloedbad spreken. Er wordt veel met natuurlijke afvloeiingen gewerkt en de banken doen inspanningen om mensen aan boord te houden in andere functies. Soms is de communicatie wat ongelukkig, maar dat is vooral om de aandeelhouders gerust te stellen. Wat zijn de belangrijkste oorzaken van al die ontslagrondes? Van den Spiegel: Vooral de opkomst van technologie. De voorbije twintig jaar zijn we massaal afgestapt van het klassieke bezoek aan een bankkantoor voor pakweg een overschrijving. Eerst kwam het telebankieren en intussen doet het overgrote deel van de bevolking alle dagelijkse bankverrichtingen op de computer of smartphone. De tijd dat elke grootbank een kantoor moest hebben onder elke kerktoren, is voorbij. De kantoren die er nog wel zijn, evolueren naar expertisecentra, met mensen gespecialiseerd in bijvoorbeeld fiscaliteit of kredieten. Er zijn dus veel minder routinejobs nodig. Bovendien kost het veel om performante informaticasystemen uit te bouwen. Voelen banken ook de naweeën van de financiële crisis? Van den Spiegel: De Belgische banken zijn daar vrij goed van hersteld, maar de regels zijn - terecht - veel strenger geworden. Zo moeten banken nu veel meer eigen vermogen hebben. Er zijn dus genoeg aandeelhouders nodig, maar die eisen een voldoende rendement gezien het risico dat ze lopen. Dat bereiken is heel moeilijk, onder meer door de zeer lage rentes die de Europese Centrale Bank nu hanteert. Om toch een aanvaardbare rentabiliteit te krijgen zijn er verschillende opties. Meer risico nemen: dat mag niet meer. Nieuwe bronnen van inkomsten zoeken: niet evident in de banksector. Dan is er dus nog optie 3: minder kosten maken. Wat met de nieuwe spelers op de financiële markt, zoals Facebook en Google? Van den Spiegel: De nieuwe regelgeving laat toe dat veel activiteiten die traditioneel waren voorbehouden aan banken, zoals betaalverkeer, nu ook door andere spelers gedaan kunnen worden. Zo is een nieuw businessmodel ontstaan, de zogenoemde fintech. Innovatieve spelers die geen bank willen zijn en ook niet de zware investeringen doen die daarbij horen, maar bijvoorbeeld wel een betaalapp ontwikkelen, of een eigen munt lanceren. Zo plukken ze de felbegeerde 'kersen' die vroeger voor de banken waren. Hebben banken nog toekomst? Van den Spiegel: De banken zoals we ze nu nog kennen, met loketten en duizenden bedienden, zullen verdwijnen. Maar financiële tussenpersonen zullen altijd nodig zijn. Als ze zich aanpassen aan de markt en de nieuwe concurrentie, zullen ze overleven. Vergelijk het met de bloeiende postkoetsbedrijven uit de 19e eeuw. Ineens was daar de trein en veranderde de markt totaal. Een deel van die bedrijven evolueerde naar expediteur en kon overleven, een ander deel investeerde in luxueuzere koetsen en ging over de kop.