Minister Kitir is op een zesdaags werkbezoek in Afrika, dat haar eerst naar Burkina Faso brengt en vervolgens richting Senegal gaat. Het verblijf in beide landen staat hoofdzakelijk in het teken van de internationale klimaatactie. Vandaag nam de minister vanuit de Burkinese hoofdstad Ouagadougou de helikopter naar het noorden om er projecten te bezoeken die precies daarop inzetten. Burkina Faso heeft door de klimaatverandering af te rekenen met droogte, verwoestijning, temperatuursstijgingen en verschraling van de bodem. Dat zorgt ervoor dat de landbouw, die voor 80 procent van de Burkinese bevolking de belangrijkste bron van inkomsten en eten is, een pak minder rendabel is dan vroeger. De droogte en verslechterde kwaliteit van het land doet de bevolking naar andere inkomstenbronnen grijpen, zoals de verkoop van hout, die de ontbossing in de hand werkt. Het project van Oxfam dat de minister bezocht, Cooperative Viimbaoré in Ouahigouya, probeert dat tij te keren. Het werkt daarvoor samen met de lokale bevolking, vooral vrouwen en jongeren, om verschraalde grond opnieuw vruchtbaar te maken. Dat doen ze onder meer door met waterputten en irrigatietechnieken de opbrengst van de regen te maximaliseren. In plaats van bomen te kappen en het hout te verkopen, wegens gebrek aan andere inkomsten, planten de landbouwers die er aan het werk zijn, net bomen. De bedoeling is om op termijn zo 90 hectare grond op te waarderen en de lokale gemeenschap voedselzekerheid en perspectieven te bieden. De minister ging ook langs bij een project van het Wereldvoedselprogramma, dat eveneens inzet op het opnieuw vruchtbaar maken van verschraalde grond. In samenwerking met de lokale bevolking, worden er vervolgens gewassen als rijst en sorgum op geplant, die kunnen voorzien in de noden van de al kwetsbare bevolking. Een ander project dat de minister bezocht, is microbedrijf Nerwaya. In die coöperatieve, met hulp van Broederlijk Delen, gaan vijftien vrouwen aan de slag met vruchten, onder andere die van baobab, om er sap van te maken. Dat sap is populair in de omliggende dorpen, onder meer voor doopfeesten en in scholen. De vrouwen die er werken zagen hun inkomsten met maar liefst 50 procent toenemen, zei een van hen tegen de minister. "Dit zijn projecten die de lokale bevolking echt helpen", zei minister Kitir nadat ze had gesproken met de lokale landbouwers. "De gouverneur, minister van landbouw en de partners zijn hier, dus dat betekent dat we echt een verschil kunnen maken. Het opzet is ervoor zorgen dat je de mensen hier sterker maakt, zodat ze zelf kunnen omgaan met de klimaatverandering. We hebben maar één klimaat, het is tijd om actie te ondernemen." (Belga)

Minister Kitir is op een zesdaags werkbezoek in Afrika, dat haar eerst naar Burkina Faso brengt en vervolgens richting Senegal gaat. Het verblijf in beide landen staat hoofdzakelijk in het teken van de internationale klimaatactie. Vandaag nam de minister vanuit de Burkinese hoofdstad Ouagadougou de helikopter naar het noorden om er projecten te bezoeken die precies daarop inzetten. Burkina Faso heeft door de klimaatverandering af te rekenen met droogte, verwoestijning, temperatuursstijgingen en verschraling van de bodem. Dat zorgt ervoor dat de landbouw, die voor 80 procent van de Burkinese bevolking de belangrijkste bron van inkomsten en eten is, een pak minder rendabel is dan vroeger. De droogte en verslechterde kwaliteit van het land doet de bevolking naar andere inkomstenbronnen grijpen, zoals de verkoop van hout, die de ontbossing in de hand werkt. Het project van Oxfam dat de minister bezocht, Cooperative Viimbaoré in Ouahigouya, probeert dat tij te keren. Het werkt daarvoor samen met de lokale bevolking, vooral vrouwen en jongeren, om verschraalde grond opnieuw vruchtbaar te maken. Dat doen ze onder meer door met waterputten en irrigatietechnieken de opbrengst van de regen te maximaliseren. In plaats van bomen te kappen en het hout te verkopen, wegens gebrek aan andere inkomsten, planten de landbouwers die er aan het werk zijn, net bomen. De bedoeling is om op termijn zo 90 hectare grond op te waarderen en de lokale gemeenschap voedselzekerheid en perspectieven te bieden. De minister ging ook langs bij een project van het Wereldvoedselprogramma, dat eveneens inzet op het opnieuw vruchtbaar maken van verschraalde grond. In samenwerking met de lokale bevolking, worden er vervolgens gewassen als rijst en sorgum op geplant, die kunnen voorzien in de noden van de al kwetsbare bevolking. Een ander project dat de minister bezocht, is microbedrijf Nerwaya. In die coöperatieve, met hulp van Broederlijk Delen, gaan vijftien vrouwen aan de slag met vruchten, onder andere die van baobab, om er sap van te maken. Dat sap is populair in de omliggende dorpen, onder meer voor doopfeesten en in scholen. De vrouwen die er werken zagen hun inkomsten met maar liefst 50 procent toenemen, zei een van hen tegen de minister. "Dit zijn projecten die de lokale bevolking echt helpen", zei minister Kitir nadat ze had gesproken met de lokale landbouwers. "De gouverneur, minister van landbouw en de partners zijn hier, dus dat betekent dat we echt een verschil kunnen maken. Het opzet is ervoor zorgen dat je de mensen hier sterker maakt, zodat ze zelf kunnen omgaan met de klimaatverandering. We hebben maar één klimaat, het is tijd om actie te ondernemen." (Belga)