Hij wordt er 64 vandaag, onze minister van Pensioenen. Van een goed voorbeeld gesproken. Of hij tijd heeft om dat te vieren? "Natuurlijk wel. Al moet dat niets speciaal zijn. Een diner met de kinderen en de kleinzoon, denk ik. Of het zou moeten zijn dat zij wat anders voorzien hebben. (lacht)"
...

Hij wordt er 64 vandaag, onze minister van Pensioenen. Van een goed voorbeeld gesproken. Of hij tijd heeft om dat te vieren? "Natuurlijk wel. Al moet dat niets speciaal zijn. Een diner met de kinderen en de kleinzoon, denk ik. Of het zou moeten zijn dat zij wat anders voorzien hebben. (lacht)"Aan stoppen denkt hij niet. "Eind deze legislatuur zal ik er 67 zijn, ik zou dus kunnen. Maar ik voel me en plein forme. Ik heb me nooit gefixeerd op mijn leeftijd, nu ook niet. Mensen zeggen wel eens dat iemand die de zestig voorbij is meer kans heeft op een burn-out. Dat choqueert mij. Dat klopt niet, als huisarts weet ik dat goed. Vooral mensen tussen de veertig en de vijftig kampen met een burn-out. Zolang ik me goed voel, doe ik verder."Je kan het ene niet los zien van het andere. De reële pensioenleeftijd is inderdaad het grote probleem in België. Het Europees gemiddelde is 62 à 63 jaar. Daar moeten we naartoe. Maar als je sommige mensen toelaat vroeger uit te treden, zware beroepen of mensen die op 18 jaar al gaan werken, dan moeten andere mensen langer werken. Dat is eenvoudige wiskunde.Tussen de verkiezingen en de regeringsvorming was er één belangrijk nieuw feit: de publicatie van het rapport van de pensioencommissie-Vandenbroucke. Die zei heel duidelijk dat de leeftijd omhoog moest. Anders zou een catastrofe volgen. Wel, dan moet je je verantwoordelijkheid opnemen. In aanloop naar de verkiezingen was pensioen inderdaad geen prioriteit, maar dat rapport heeft iedereen wakker geschud. (fijntjes) Let op: pas in 2030 verhoogt de leeftijd naar 67 jaar. Toekomstige regeringen zijn vrij dat weer in te trekken.Ik ben ervan overtuigd dat hij dat niet zal doen. Overal in Europa wordt 67 jaar de standaard.Die is duidelijk: zorgen voor een duurzame financiering van ons systeem en iedereen een goed wettelijk pensioen garanderen, dat is de sociale dimensie. Je hebt drie mogelijkheden om dat te doen. Ofwel verhoog je de sociale bijdragen, wat deze regering niet doet, ofwel verlaag je de pensioenbedragen zoals in Griekenland of Italië, wat ik sociaal onaanvaardbaar vind, ofwel gaat iedereen wat langer aan de slag.Dat is mijn overtuiging. Máár: het wettelijk pensioen zal niet voldoende zijn om de levensstandaard aan te houden die je gewoon bent met je laatste salaris. Daar ben ik ook eerlijk in. Om een meer comfortabel leven te leiden, zal je de tweede pijler nodig hebben, het aanvullend pensioen. Vandaag heeft drie op vijf werknemers toegang daartoe, dat is te weinig. Dat moeten wij verder stimuleren. Die tweede pijler moet fiscaal voordelig blijven, want dat bepaalt de aantrekkelijkheid daarvan, zeker nu de intrestvoeten laag zijn. Ik zie die twee pijlers als complementair.Kijk, tijdens de begrotingsopmaak hebben we twee belangrijke zaken beslist. Eén: de minimumpensioenen worden verder verhoogd. En mag ik toch even benadrukken dat ondanks de indexsprong wij de minima in twee jaar al meer verhoogd hebben dan de vorige regering de laatste twee jaar van haar legislatuur?Dat klopt, en dat blijft het objectief. Al zal ik niet beloven dat dat er deze legislatuur komt. Maar we maken wel vooruitgang. Veel hangt af van de economische groei de komende jaren. Naast de verhoging van de minima hebben we inderdaad ook de solidariteitsbijdrage verlaagd met 25 procent. En waarom? Omdat dat een fundamenteel onrechtvaardige taks was voor mensen die al heel hun leven belastingen betaald hebben. Die was destijds door de regering-Dehaene ingevoerd.Dat is populistische praat. Werknemers betalen die bijdrage vanaf een brutopensioen van 2.266 euro, wat neerkomt op ongeveer 1.690 euro netto. Dat gaat niet alleen over de hoogste pensioenen, hè. Onze maatregel komt zo'n 900.000 mensen ten goede.Het zou me verbaasd hebben mochten ze mij feliciteren. (lacht) Nee, ik vind het normaal dat vakbonden ongerustheden uitdrukken. Maar ik betreur dat ze ook foute informatie verspreiden. Dat vind ik over de limiet gaan. Zeggen dat iedereen tot 67 jaar zal moeten werken, klopt gewoon niet. Zo creëer je angst onder de mensen, en dat is toch hun rol niet, dacht ik.Ik zou niet kunnen kiezen. Ik zie die twee al heel mijn leven als complementair. Als politicus heb ik leren nadenken over het leven, als huisarts had ik voeling met het leven. Weet u, ik ben tegen de professionalisering van de politiek. Mensen die de universiteit verlaten, direct de politiek ingaan en niets anders doen, ik vind dat niet ideaal. Dan mis je voeling met het echte leven. Als parlementslid zou je ook iets anders moeten doen.Neen. Ik beschouw N-VA als een democratische partij. Al ben ik zeker geen nationalist. Als liberaal geloof ik niet in een collectieve identiteit. De enige identiteit die reëel bestaat, is de individuele identiteit. Al de rest is geconstrueerd.Dat heeft niets te maken met het communautaire, maar alles met de politieke context in Wallonië. De PS en de CDH voelen de druk van de extreemlinkse PTB. Ook in dit dossier is veel foute informatie verspreid. Zeggen dat wij overspoeld gaan worden met chloorkippen en hormonenvlees, is de publieke opinie onnodig ongerust maken. Dat staat niet in de teksten van CETA.Dat is paradoxaal, ja. Maar de Vlamingen hebben die regionalisering gevraagd. De Franstaligen hebben dat aanvaard in kader van het bredere compromis rond de staatshervorming.Dat komt te laat. Je moet de situatie zoals ze vandaag is, aanvaarden. Je kan dat betreuren, maar het is nu zo.(blaast) Onze positie wordt niet gedicteerd door de Vlamingen. Wij kiezen onze eigen koers. Wij zijn altijd voor vrijhandel geweest. Akkoord, we zijn de enige in Wallonië, maar dat ligt niet aan ons. Als je met een goed ontwikkeld land als Canada geen vrijhandelsakkoord meer kan sluiten, kan je dat met niemand meer.Dit artikel verscheen oorspronkelijk in De Zondag. Auteur: Paul Cobbaert.