Eerder deze maand kreeg de Vlaamse #MeToo-campagne er een case bij, toen twintig ex-medewerkers van Jan Fabre de choreograaf en theatermaker betichtten van seksisme en grensoverschrijdend gedrag - beschuldigingen die hij ontkent. Rond de case hangt een sterke geur van machtsmisbruik, zoals meestal in de #MeToo-context. Mannen misbruiken hun macht om vrouwen (of andere mannen) te dwingen tot dingen die ze niet willen.
...

Eerder deze maand kreeg de Vlaamse #MeToo-campagne er een case bij, toen twintig ex-medewerkers van Jan Fabre de choreograaf en theatermaker betichtten van seksisme en grensoverschrijdend gedrag - beschuldigingen die hij ontkent. Rond de case hangt een sterke geur van machtsmisbruik, zoals meestal in de #MeToo-context. Mannen misbruiken hun macht om vrouwen (of andere mannen) te dwingen tot dingen die ze niet willen. Ook wetenschappers mengen zich in het debat. Het vakblad New Scientist publiceerde een dossier over de kwestie nadat het, 62 jaar na zijn eerste editie en na 10 mannen aan het roer, voor het eerst een vrouwelijke hoofdredacteur had gekregen: Emily Wilson. Want ondanks zulke heuglijke feiten is er nog een lange weg te gaan. Van de 193 lidstaten van de Verenigde Naties worden er vandaag maar 12 door een vrouw geleid. Vrouwen bezetten niet meer dan 18 procent van de ministerposten en 23 procent van de zetels in de parlementen. Of neem de lijst van 923 Nobelprijswinnaars, die 49 vrouwen telt. Amper 6 van de 100 grootste Britse beursgenoteerde ondernemingen worden door een vrouw geleid. Vrouwelijke ceo's verdienen bijna de helft minder dan hun mannelijke evenknieën. Om de verschillen in machtsposities tussen mannen en vrouwen te verklaren, wordt er tegenwoordig graag naar sociale en economische factoren gekeken. Maar wie verder doordringt in het menselijke bestel, zal tot een onverbiddelijke conclusie komen: machtsmisbruik wortelt in het ontstaan van een patriarchaat, een uitsluitend door mannen geleide gemeenschap. Daar heeft niemand veel baat bij gehad, mannen evenmin als vrouwen. In een poging het patriarchaat te verklaren, vallen sommige waarnemers over het verschil in grootte en fysieke kracht tussen mannen en vrouwen. Ja, mannen zijn gemiddeld 15 procent groter en krachtiger dan vrouwen. Bij chimpansees manifesteert zich dat in echte terreur over vrouwen. Maar bij bonobo's is het omgekeerde gebeurd: daar zijn de fragielere vrouwen de baas (geworden?), omdat ze een systeem van vrouwelijke allianties hebben geïnstalleerd die de mannelijke overmacht overrulen. Zo spelen ze de mannen uit elkaar. Het kán dus. En er is natuurlijk nog meer dan dat. In onze tijd als jagers-verzamelaars werden mensen beoordeeld op hun verdiensten, niet op hun geslacht, leeftijd of andere eigenschappen. De vrouwelijke autonomie was een equivalent van de mannelijke. In de prehistorie was er geen seksisme. Dat veranderde zo'n 10.000 jaar geleden, zodra wij territoriale landbouwers werden en bezittingen gingen cultiveren. De mannelijke samenleving bevorderde toen de mannelijke superioriteit door eigendommen vooral in de mannelijke lijn door te geven. Vrouwen werden een deel van de eigendom van mannen. De maatschappelijke structuren - bestuur en religie op kop - evolueerden zo dat ze dat proces versterkten. Vandaag wijzen studies uit: hoe patriarchaler een gemeenschap, hoe ongezonder ze is voor vrouwen (en hun kinderen). In sterk patriarchale gemeenschappen zijn vrouwen vooral kindermachines, wat ten koste gaat van hun eigen welzijn en de gezondheid van hun nakomelingen. Kinderen zijn niet gebaat bij seksuele ongelijkheid. Daarom breken sommige wetenschappers nu een lans voor matriarchale gemeenschappen. Niet om de mannelijke dominantie te vervangen door vrouwelijke dominantie, wel om opnieuw te evolueren naar het egalitaire systeem uit onze tijd als jagers-verzamelaars. Volgens nogal wat rapporten, bijvoorbeeld van de Wereldgezondheidsorganisatie, zal een matriarchale structuur seksueel geweld - dat in alle maatschappijen voorkomt - terugdringen. Het wordt sterk gelinkt aan ongelijkheid, aan machtsposities. Dat impliceert wel dat alfamannen aan de top niet worden vervangen door vrouwen die hun vrouwelijkheid laten primeren, en niet door vrouwen die zich als alfamannen gedragen, zoals soms gebeurt - ook daarover zijn recent opvallende getuigenissen verschenen, niet zelden uit de wetenschappelijke wereld. Willen we de situatie omgooien, dan moeten we komaf maken met de stereotiepe ideeën over mannen en vrouwen die vastgeroest zitten in ons systeem. 'Door kleine biologische verschillen cultureel te versterken, ontstaat er een enorme kloof tussen wat mannen en vrouwen van zichzelf denken', stelt een wetenschapper in New Scientist. Die 'culturele versterking' overrulen zal tijd vragen. Onze hersenen zijn flexibel maar munten niet uit in het stimuleren van grote veranderingen. Omdat ze zoveel energie opslorpen, blijven mensen graag in stereotypen denken en routine cultiveren. Ergens actief voor ijveren kost moeite, zeker als het tegen de publieke opinie in moet gebeuren. Daarom is de #MeToo-beweging van belang: ze zet eindelijk een globaal veranderingsproces in gang, een proces dat al minstens een eeuw wordt voorbereid. Een onderschatte reden waarom die strijd zo traag verloopt, is deze: hij wordt ondermijnd door vrouwen die van mannelijk machtsmisbruik profiteren, en zo het systeem in stand houden. Er zullen ongetwijfeld vrouwen zijn die voordeel gepuurd hebben uit de Jan Fabres van deze wereld. Zij hullen zich nu in stilte. Een beetje verrassend in de analyse van New Scientist is de stelling dat het patriarchaat ook voor mannen geen zegen is. Ze kreunen onder de competitie met andere mannen. Als ze onder druk komen, zijn ze minder geneigd hulp te zoeken - dat wordt als 'minder mannelijk' ervaren. Globaal komt zelfdoding drie keer vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. In een nieuw boek, The Life of Dad, pleit de Britse antropologe Anna Machin ook voor meer aandacht voor het vaderschap. Moeders krijgen aandacht en steun, vaders worden aan hun lot overgelaten. Maar ook mannen ondergaan biologische veranderingen door een geboorte in hun bestaan. De druk op vaders kan groot worden, zeker nu de opvoeding steeds meer een joint venture tussen een man en een vrouw is en grootouders steeds minder beschikbaar zijn om bij te springen. Liefst 10 procent van de vaders zou met een vorm van postnatale depressie te kampen krijgen. De voor de hand liggende oplossing is dat mannen zich meer zouden toespitsen op hun taak als vader en vrouwen meer op hun loopbaan. En dat de maatschappij die beide evoluties zou waarderen. Zo zouden beide geslachten weer naar elkaar toe groeien en zou er gelijkheid komen, zoals in de prehistorie, wat de comfortabelste positie voor alle betrokkenen lijkt. Voor een evolutiebioloog is het hartversterkend om vast te stellen dat onze wortels finaal de oplossing kunnen bieden voor het ontaarde samenleven tussen mannen en vrouwen.