Het gaat om de allereerste Vlaamse monitor Sport & Beweging, waarvoor meer dan 5.000 mensen in oktober werden bevraagd. Die kwam er meteen in een bijzonder jaar, waarin door de coronapandemie een groot stuk van het georganiseerde sport- en beweegaanbod wegviel en tegelijk andere vormen van vrijetijdsbesteding (horeca, socio-culturele activiteiten) lange tijd onmogelijk waren, waardoor sporten en bewegen enkele van de weinige activiteiten waren die wel nog konden. Uit de resultaten blijkt dat 64,6 procent van de Vlamingen zijn of haar beweeggedrag heeft aangepast door de pandemie. Meer dan de helft (57,9 procent) van hen gaf aan minder te sporten dan voor de uitbraak van het coronavirus. De impact is het grootst bij kinderen en jongeren: 75 procent van de minderjarige respondenten beweegt of sport minder. Toch blijft het overgrote deel van de Vlamingen in beweging. Vier vijfde (79,8 procent) gaf aan wekelijks een sport- of beweegactiviteit te hebben beoefend tijdens de maand oktober. Meer dan een tiende (11,6 procent) zei daarentegen in het afgelopen jaar geen enkele keer een sport- of beweegactiviteit te hebben ondernomen. Hoe ouder de leeftijdscategorie, hoe groter het aandeel niet-sporters: bij de 65-plussers heeft 22,4 procent de voorbije twaalf maanden niet gesport. De populairste activiteiten zijn met grote voorsprong wandelen en recreatief fietsen: respectievelijk 68,9 en 61,3 procent van de respondenten gaf aan dat in het afgelopen jaar te hebben gedaan. Zwemmen (28,1 procent), joggen (27,6 procent) en fitness (22,7 procent) vervolledigen de top vijf. Bij minderjarigen worden die laatste twee verdrongen door voetbal en dansen. (Belga)

Het gaat om de allereerste Vlaamse monitor Sport & Beweging, waarvoor meer dan 5.000 mensen in oktober werden bevraagd. Die kwam er meteen in een bijzonder jaar, waarin door de coronapandemie een groot stuk van het georganiseerde sport- en beweegaanbod wegviel en tegelijk andere vormen van vrijetijdsbesteding (horeca, socio-culturele activiteiten) lange tijd onmogelijk waren, waardoor sporten en bewegen enkele van de weinige activiteiten waren die wel nog konden. Uit de resultaten blijkt dat 64,6 procent van de Vlamingen zijn of haar beweeggedrag heeft aangepast door de pandemie. Meer dan de helft (57,9 procent) van hen gaf aan minder te sporten dan voor de uitbraak van het coronavirus. De impact is het grootst bij kinderen en jongeren: 75 procent van de minderjarige respondenten beweegt of sport minder. Toch blijft het overgrote deel van de Vlamingen in beweging. Vier vijfde (79,8 procent) gaf aan wekelijks een sport- of beweegactiviteit te hebben beoefend tijdens de maand oktober. Meer dan een tiende (11,6 procent) zei daarentegen in het afgelopen jaar geen enkele keer een sport- of beweegactiviteit te hebben ondernomen. Hoe ouder de leeftijdscategorie, hoe groter het aandeel niet-sporters: bij de 65-plussers heeft 22,4 procent de voorbije twaalf maanden niet gesport. De populairste activiteiten zijn met grote voorsprong wandelen en recreatief fietsen: respectievelijk 68,9 en 61,3 procent van de respondenten gaf aan dat in het afgelopen jaar te hebben gedaan. Zwemmen (28,1 procent), joggen (27,6 procent) en fitness (22,7 procent) vervolledigen de top vijf. Bij minderjarigen worden die laatste twee verdrongen door voetbal en dansen. (Belga)