De KU Leuven bevroeg eind vorig jaar ruim 2.000 Belgische jeugdspelers en ouders over hun ervaringen, in opdracht van voetbalbonden KBVB, Voetbal Vlaanderen en het Waalse ACFF. Uit het onderzoek blijkt dat 37 procent van alle jeugdvoetballers (10-20 jaar) de voorbije twee seizoenen in aanraking kwam met discriminatie, de meesten meermaals. Bij meisjes gaat het zelfs om ruim de helft. Hoewel de bevraging erg breed gaat - ook fatshaming of homo- en transfobie zijn duidelijke aandachtspunten - drijft vooral racisme boven als een huizenhoog probleem. Bij liefst 31 procent van de jeugdspelers die in aanraking komt met discriminatie, ligt huidskleur aan de basis. Ook etniciteit (18 procent), moedertaal (15 procent) of religie (13 procent) worden vaak aangewezen als factor. Specifiek in Vlaanderen komen spelers met een zwarte huidskleur en moslims het vaakst in aanraking met discriminatie. De onderzoekers observeerden ook 32 jeugdwedstrijden. In vijf wedstrijden werden daarbij in totaal acht racistische incidenten opgemerkt. "Als je de huidige cijfers zou extrapoleren, valt vooral op hoeveel racistische incidenten zonder navolging blijven", zegt sportsocioloog en onderzoeksleider Jeroen Scheerder (KU Leuven). Via het bestaande meldpunt van Voetbal Vlaanderen liepen in 2020 amper zestien meldingen van racisme binnen. De cijfers zijn volgens de voetbalbonden een belangrijk deel van het nieuwe actieplan dat begin maart is voorgesteld. De wetenschappelijke aanbevelingen tonen volgens de bonden dat het actieplan de juiste klemtonen legt, onder meer via een laagdrempeliger meldpunt, een extra tuchtorgaan waar discriminatie strenger behandeld wordt en meer opleiding voor scheidsrechters en trainers. In de toplaag komt vanaf juni meer diversiteit. Een klankbordgroep zal er bovendien op toekijken dat het niet bij loze beloftes blijft. (Belga)

De KU Leuven bevroeg eind vorig jaar ruim 2.000 Belgische jeugdspelers en ouders over hun ervaringen, in opdracht van voetbalbonden KBVB, Voetbal Vlaanderen en het Waalse ACFF. Uit het onderzoek blijkt dat 37 procent van alle jeugdvoetballers (10-20 jaar) de voorbije twee seizoenen in aanraking kwam met discriminatie, de meesten meermaals. Bij meisjes gaat het zelfs om ruim de helft. Hoewel de bevraging erg breed gaat - ook fatshaming of homo- en transfobie zijn duidelijke aandachtspunten - drijft vooral racisme boven als een huizenhoog probleem. Bij liefst 31 procent van de jeugdspelers die in aanraking komt met discriminatie, ligt huidskleur aan de basis. Ook etniciteit (18 procent), moedertaal (15 procent) of religie (13 procent) worden vaak aangewezen als factor. Specifiek in Vlaanderen komen spelers met een zwarte huidskleur en moslims het vaakst in aanraking met discriminatie. De onderzoekers observeerden ook 32 jeugdwedstrijden. In vijf wedstrijden werden daarbij in totaal acht racistische incidenten opgemerkt. "Als je de huidige cijfers zou extrapoleren, valt vooral op hoeveel racistische incidenten zonder navolging blijven", zegt sportsocioloog en onderzoeksleider Jeroen Scheerder (KU Leuven). Via het bestaande meldpunt van Voetbal Vlaanderen liepen in 2020 amper zestien meldingen van racisme binnen. De cijfers zijn volgens de voetbalbonden een belangrijk deel van het nieuwe actieplan dat begin maart is voorgesteld. De wetenschappelijke aanbevelingen tonen volgens de bonden dat het actieplan de juiste klemtonen legt, onder meer via een laagdrempeliger meldpunt, een extra tuchtorgaan waar discriminatie strenger behandeld wordt en meer opleiding voor scheidsrechters en trainers. In de toplaag komt vanaf juni meer diversiteit. Een klankbordgroep zal er bovendien op toekijken dat het niet bij loze beloftes blijft. (Belga)