Het gemiddelde brutomaandloon is daarmee sinds 2010 met 15 procent gestegen. Statbel merkt op dat verder studeren loont. Loontrekkenden met een masterdiploma verdienen de helft meer dan de gemiddelde werknemer. Bovendien zagen bachelors en masters hun loon de voorbije jaren sterker stijgen in vergelijking met werknemers zonder een hogere opleiding.

Ook de functie speelt een grote rol bij de omvang van het loonzakje: directeurs van grote ondernemingen zien hun loon het snelste stijgen (+21,6 procent op 7 jaar tijd). De loontoename was een pak lager bij ongeschoolde arbeiders in transport en opslag (+7,2 procent) en bij kassiers (+8,2 procent). Het gemiddelde vormt echter geen goede waardemeter voor de reële loonspreiding, benadrukt Statbel.

Zo bedraagt de mediaan 3.140 euro. Dit bedrag houdt in dat 50 procent van de werknemers maximaal 3.140 euro verdient, terwijl de andere helft een hoger salaris ontvangt. De mediaan ligt met 3.664 euro het hoogst in Brussel en bedraagt respectievelijk 3.120 euro en 2.994 euro in Vlaanderen en Wallonië. De grootste groep, namelijk 45 procent van alle werknemers, verdient een bedrag dat zich situeert tussen de 2.250 euro en de 3.250 euro bruto per maand. Met een maandloon van 5.489 euro betaalt de petrochemie de hoogste lonen uit.

De laagste lonen zijn terug te vinden bij eet- en drinkgelegenheden (2.538 euro), verschaffen van accommodatie (2.631 euro) en de detailhandel (2.796 euro). Uit de cijfers blijkt ten slotte dat de loonspanning tussen de hoogste en laagste lonen toeneemt. Vooral hogere profielen zagen immers in de periode tussen 2010 en 2017 hun loon sterker dan het nationale gemiddelde toenemen.

Het gemiddelde brutomaandloon is daarmee sinds 2010 met 15 procent gestegen. Statbel merkt op dat verder studeren loont. Loontrekkenden met een masterdiploma verdienen de helft meer dan de gemiddelde werknemer. Bovendien zagen bachelors en masters hun loon de voorbije jaren sterker stijgen in vergelijking met werknemers zonder een hogere opleiding. Ook de functie speelt een grote rol bij de omvang van het loonzakje: directeurs van grote ondernemingen zien hun loon het snelste stijgen (+21,6 procent op 7 jaar tijd). De loontoename was een pak lager bij ongeschoolde arbeiders in transport en opslag (+7,2 procent) en bij kassiers (+8,2 procent). Het gemiddelde vormt echter geen goede waardemeter voor de reële loonspreiding, benadrukt Statbel. Zo bedraagt de mediaan 3.140 euro. Dit bedrag houdt in dat 50 procent van de werknemers maximaal 3.140 euro verdient, terwijl de andere helft een hoger salaris ontvangt. De mediaan ligt met 3.664 euro het hoogst in Brussel en bedraagt respectievelijk 3.120 euro en 2.994 euro in Vlaanderen en Wallonië. De grootste groep, namelijk 45 procent van alle werknemers, verdient een bedrag dat zich situeert tussen de 2.250 euro en de 3.250 euro bruto per maand. Met een maandloon van 5.489 euro betaalt de petrochemie de hoogste lonen uit. De laagste lonen zijn terug te vinden bij eet- en drinkgelegenheden (2.538 euro), verschaffen van accommodatie (2.631 euro) en de detailhandel (2.796 euro). Uit de cijfers blijkt ten slotte dat de loonspanning tussen de hoogste en laagste lonen toeneemt. Vooral hogere profielen zagen immers in de periode tussen 2010 en 2017 hun loon sterker dan het nationale gemiddelde toenemen.