Het hele begijnhof van Mechelen is sinds 1998 UNESCO werelderfgoed. De Begijnhofkerk werd vanaf 1629 in barokstijl opgebouwd als bedehuis voor de begijnen. In de 20ste eeuw takelde de kerk af. Eind jaren 1980 kwam het gebouw in de stellingen te staan. Dat duurde dertig jaar. Met een restauratiebudget dat Mechelen afsloot met de Vlaamse overheid, kon de buitenzijde tussen 2014 en 2018 gerestaureerd worden. Meteen daarop startten de restauratiewerken van het interieur. Die duurden tot begin dit jaar. Tijdens de interieurfase werden niet alleen de muren en de gewelven, maar ook de 23 schilderijen en 18 decoratieve doeken die op hoge hoogte in de kerk hangen gerestaureerd. De komende jaren wordt er verder werk gemaakt van de restauratie van nog eens 29 barokke schilderijen. Maar de stad wacht niet op die restauratie voor de opening. "De kerk is lang genoeg gesloten geweest", zegt Koen Anciaux, schepen van Monumenten. "Tijdens deze werken blijft ze publiek toegankelijk via onze vzw Torens aan de Dijle. Het is een enorme meerwaarde dat bezoekers de mogelijkheid krijgen om de schilderijen en restauratiewerken van dichtbij te bewonderen." De exterieurrestauratie van de kerk kostte 5.166.538 euro, waarvan 4.425.108 euro voor de rekening van de Vlaamse overheid. Voor de interieurrestauratie legde stad Mechelen 2.559.539 euro neer en kreeg ze een premie 1.885.592 euro van Vlaanderen. Met de inhuldiging komt een einde aan tien jaar intensief restaureren van de historische kerken van de binnenstad. Nu verruimt de stad de blik. "In de 19de eeuwse stadsrand tellen we immers nog een aantal kerken die onze aandacht verdienen en we mogen uiteraard de kerken van onze deelgemeentes niet vergeten. Zij vormen vaak het hart van de vroegere dorpskernen", zegt schepen Anciaux. "Verschillende restauratiedossiers liggen hier klaar, zoals de exterieurrestauratie van de Sint-Niklaaskerk in Leest en de restauratie van de daken van de Sint-Lambertuskerk in Muizen." (Belga)

Het hele begijnhof van Mechelen is sinds 1998 UNESCO werelderfgoed. De Begijnhofkerk werd vanaf 1629 in barokstijl opgebouwd als bedehuis voor de begijnen. In de 20ste eeuw takelde de kerk af. Eind jaren 1980 kwam het gebouw in de stellingen te staan. Dat duurde dertig jaar. Met een restauratiebudget dat Mechelen afsloot met de Vlaamse overheid, kon de buitenzijde tussen 2014 en 2018 gerestaureerd worden. Meteen daarop startten de restauratiewerken van het interieur. Die duurden tot begin dit jaar. Tijdens de interieurfase werden niet alleen de muren en de gewelven, maar ook de 23 schilderijen en 18 decoratieve doeken die op hoge hoogte in de kerk hangen gerestaureerd. De komende jaren wordt er verder werk gemaakt van de restauratie van nog eens 29 barokke schilderijen. Maar de stad wacht niet op die restauratie voor de opening. "De kerk is lang genoeg gesloten geweest", zegt Koen Anciaux, schepen van Monumenten. "Tijdens deze werken blijft ze publiek toegankelijk via onze vzw Torens aan de Dijle. Het is een enorme meerwaarde dat bezoekers de mogelijkheid krijgen om de schilderijen en restauratiewerken van dichtbij te bewonderen." De exterieurrestauratie van de kerk kostte 5.166.538 euro, waarvan 4.425.108 euro voor de rekening van de Vlaamse overheid. Voor de interieurrestauratie legde stad Mechelen 2.559.539 euro neer en kreeg ze een premie 1.885.592 euro van Vlaanderen. Met de inhuldiging komt een einde aan tien jaar intensief restaureren van de historische kerken van de binnenstad. Nu verruimt de stad de blik. "In de 19de eeuwse stadsrand tellen we immers nog een aantal kerken die onze aandacht verdienen en we mogen uiteraard de kerken van onze deelgemeentes niet vergeten. Zij vormen vaak het hart van de vroegere dorpskernen", zegt schepen Anciaux. "Verschillende restauratiedossiers liggen hier klaar, zoals de exterieurrestauratie van de Sint-Niklaaskerk in Leest en de restauratie van de daken van de Sint-Lambertuskerk in Muizen." (Belga)