100 jaar voornamen onder de loep: ‘Dé typisch Vlaamse naam bestaat niet’

© Rene Asmussen

Toekomstige ouders denken vaak dat ze originele namen kiezen voor hun kinderen. Toch blijkt dat zelden het geval te zijn. ‘Voornamen zijn tijdsgebonden en modegevoelig’, zegt naamkundige Gerrit Bloothooft. ‘Als je de populairste Vlaamse namen van de voorbije 100 jaar onder de loep neemt, zie je dat er niet één regel is die bepaalt of een naam typisch Vlaams is.’

Ouders (in wording) kennen het: een naam kiezen voor je kind doe je niet zomaar. Liefst klinkt die naam mooi en origineel. Een voornaam drukt een identiteit uit, geeft aan tot welke cultuur je behoort en uit welke sociale omgeving je komt. Bewust of onbewust wordt een naam ook gekoppeld aan gedragskenmerken. Wie niet goed overweg kan met iemand die Emma heet, zal die naam niet aan zijn kind geven.

Een voornaam zegt dus veel, maar volgens naamkundige Gerrit Bloothooft is er niet één regel die bepaalt of een naam typisch Vlaams is. Hij nam een eeuw naamgeving in Vlaanderen onder de loep.

Namenexpert Gerrit Bloothooft stelde een top-30 samen met de populairste ‘Vlaamse’ voornamen per periode. Daarvoor filterde hij de namen die ook in buurlanden voorkomen, uit de gangbare lijsten. Bron: mynametags.be

Van Antwerpen tot New York

‘Tegenwoordig kiezen ouders namen die ze mooi vinden en die ze onbewust oppikken uit hun al dan niet digitale sociale omgeving’, zegt Bloothooft. ‘Die voorkeur blijft bovendien niet beperkt tot België. Zo zijn Noah, Arthur en Lucas populair van Antwerpen tot New York.’

Contacten met andere culturen beïnvloeden vanzelfsprekend de populariteit van namen in België. De naoorlogse migratie van Italiaanse mijnwerkers naar België heeft namen als Alessio, Alessandro, Giulia en Alessia ook in ons land courant gemaakt. Hetzelfde gebeurde vanaf de jaren zeventig door de komst van migranten uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten. Arabische voornamen zijn sindsdien opvallend aanwezig in grootstedelijke gebieden als Brussel.

Modegevoelig en tijdgebonden

Volgens Bloothooft zijn de zogenaamd typische Vlaamse namen altijd gevoelig geweest voor trends. Daarom kan je aan de hand van een voornaam vaak bepalen hoe oud iemand is.

Tot de jaren 1930 was de invloed van de katholieke kerk sterk aanwezig. ‘Dat zie je aan de vrouwennamen die eindigen op -a en door het gebruik van lange klinkers in mannennamen zoals in Eugeen, Corneel en Jeroom’, legt Bloothooft uit. 

Vanaf 1960 ziet Bloothooft een echte trendbreuk. Vanaf dan doen roepnamen hun intrede in de lijst van populaire namen. ‘Lange namen zoals Christine werden afgekort tot Tinne, en ook zo opgegeven. Dat was ervoor ondenkbaar.’

Naamvrijheid

Uiteindelijk duurt het tot 15 mei 1985 voor in België de liberale naamwet wordt aangenomen. Vanaf dan kunnen ouders vrij een voornaam voor hun kind kiezen. De lijst van populaire namen wordt opvallend diverser. ‘De naamvrijheid leidt na 1985 tot de officiële opgave van roepnamen zoals Kato, Lore en Goele voor meisjes en Dries, Robbe en Seppe bij jongens.’

De trend van korte en krachtige namen, is vandaag nog altijd voelbaar. In 2020 is Olivia de populairste voornaam van meisjes, gevolgd door Emma en Mila. Voor jongens is dat Arthur, gevolgd door Noah en Jules.

‘Al bij al lijken de zeer Vlaamse namen vaak aan de gesproken vorm ontleend te zijn’, concludeert Bloothooft. ‘Dat kan tot eigen spelling leiden, al dan niet bewust door de ouders gekozen. Het zijn ook wel voornamen met internationale oorsprong die speciaal een Vlaamse voorkeur krijgen, zoals Mil (van Emile) voor mannen of het Italiaanse Zita voor vrouwen.’

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content