'Ik heb me altijd heel geborgen gevoeld aan de Universiteit Antwerpen', steekt Linda De Win van wal. 'Ik heb een tijdje getwijfeld tussen Germaanse, Pol & Soc en geschiedenis, maar koos uiteindelijk toch voor geschiedenis. Ik herinner me de toen splinternieuwe gebouwen in de Rodestraat, en de bevlogen lessen van onder meer professoren Karel Van Isacker en Raymond van Uytven. Dat waren erg gepassioneerde docenten.'

'Bekende studiegenoten van me waren onder meer gewezen Groen-politicus Erwin Pairon, Veerle Schiltz - dochter van - en de Antwerpse stadsarchivaris Inge Schoups. Ik was een veeleer brave studente, die tijdens de blokperiode niet buitenkwam en nooit echt uit de band sprong. Ik herinner me alleen nog een betoging tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld in 1975. We hebben toen Herman De Croo, die toen minister van Nationale Opvoeding was, symbolisch ten grave gedragen.'

Linda De Win

  • Geboren op 7 juni 1956 in Wilrijk
  • Studeerde geschiedenis aan UAntwerpen en de UGent
  • Ging in 1988 aan de slag bij de openbare omroep
  • Werkte mee aan nieuws- en actualiteitsprogramma's als Actueel, Voor de dag, Het journaal, Terzake en De zevende dag
  • Sinds 2002 boegbeeld van het politieke middagprogramma Villa Politica op VRT
  • Won in 2010 de tv-quiz De slimste mens ter wereld

Sportjournalistiek

'Ik heb altijd een heel brede interesse gehad, van sport over politiek tot cultuur, maar heb na mijn studies niet meteen voor de journalistiek gekozen. Ik deed eerst een paar interims in het onderwijs, maar dat was niets voor mij. Toen ik afstudeerde in 1978, was er uitzonderlijk veel werkloosheid onder universitairen en subsidieerde de Vlaamse overheid zogenaamde BTK-projecten. BTK stond voor Bijzonder Tijdelijk Kader. Onder meer culturele instellingen, en later ook bedrijven, kregen subsidies als ze jonge universitairen in onderzoeksprojecten tewerkstelden. Zo heb ik onder meer een researchproject voor Alcatel Bell gedaan naar aanleiding van hun 100-jarige bestaan.'

'In die periode was ik wel al journalistiek aan het freelancen, onder meer voor Knack, Sportmagazine en Gazet van Antwerpen. Ik wilde heel graag sportjournalist worden, maar de tijd was nog niet rijp voor een vrouw in de sportjournalistiek, denk ik. Ik herinner me een sollicitatie voor de functie van sportjournalist bij De Standaard, waarbij ik de vraag kreeg: 'En wat ga jij doen als je een voetballer moet interviewen aan de kleedkamers?' Ik heb geen spijt van hoe het intussen gelopen is, maar toen ik in de zomervakantie naar het EK Atletiek keek, kriebelde het toch weer even.'

Dank u, VTM

'Ik heb mijn loopbaan eigenlijk aan VTM te danken', zegt De Win met een knipoog. 'Begin 1989 ging de Vlaamse Televisiemaatschappij van start en was er een leegloop van BRT naar VTM. Men besliste bij de BRT toen om voor het journalistenexamen de stemproef aan het einde van het traject te plaatsen, en zo slaagde ik erin een plekje als deskjournaliste te bemachtigen. Ik ben bij de radio begonnen met het aanleveren van nieuwsberichten aan de presentatoren. Dat was een erg boeiende tijd. Ik heb toen nog interviewtraining gekregen van Siegfried Bracke, en ik slaagde er aan het einde in om hem met mijn vragen tegen de muur te zetten. Toen dacht ik: mijn toekomst ligt niet in het deskwerk, maar in het interviewen en reportages maken. Daar wil ik me verder in specialiseren.'

© Jesse Willems

Sexy regering

De beginperiode bij de BRT ervoer De Win niet als de gemakkelijkste: 'Ik moest opboksen tegen een stevig mannenbastion en proberen om mijn plekje te veroveren. In het begin specialiseerde ik me in Latijns-Amerika en in cultuur. Toen er een vacature voor Wetstraat-journalist passeerde, heb ik die vreemd genoeg aan mij laten voorbijgaan, het leek me veel te saai. Pas later besefte ik dat die binnenlandse politiek eigenlijk best wel interessant was.'

De Win werkte mee aan verscheidene nieuws- en actualiteitsprogramma's als Actueel en Voor de dag, en stapte in 1995 over van radio- naar tv-journalistiek: 'Eerst bij Het journaal, later bij Terzake en De zevende dag. Met het aantreden van een nieuwe Vlaamse regering in 1999, met Patrick Dewael als minister-president en een Steve Stevaert, Karel De Gucht en Bert Anciaux, werd de politiek plots een stuk sexyer. In die eerste regering Verhofstadt zat schwung. Ik heb me toen wél kandidaat gesteld om mee te werken aan het nieuwe politieke magazine Villa Politica, dat in die periode werd opgestart. En dat doe ik tot op vandaag nog.'

Social media

Weinig presentatoren kunnen zich zo met hun programma vereenzelvigen als Linda De Win. Al zestien jaar is ze het boegbeeld van Villa Politica. Kan ze na zoveel jaren politieke verslaggeving nog verontwaardigd zijn bij het zoveelste politieke schandaal? Wordt ze die binnenkant van de politiek niet beu?

'Nee, tot mijn verbazing niet. Het parlement verandert en vernieuwt natuurlijk voortdurend, net als de media. Als ik kijk hoe we Villa Politica in 2006 maakten, en hoe we dat nu aanpakken, zijn we ook erg geëvolueerd. Vijftien jaar politieke verslaggeving heeft me ook niet cynisch gemaakt. Best wat politici in de Kamer en het Vlaams Parlement zijn echt wel gedreven en gepassioneerd. En die zijn in álle partijen te vinden. Het idee dat alle parlementariërs zakkenvullers zijn, klopt echt niet. Vergeet ook niet dat hun doen en laten met argusogen wordt gevolgd op sociale media. Je mag de kritiek en de bagger die ze over zich heen krijgen, niet onderschatten. Twitter en Facebook zouden volgens mij veel meer regulerend moeten optreden.'

Guy Vanhengel, Brussels minister van Financiën en Begroting, zei in maart van dit jaar in Humo: 'De voorzitter van het parlement bepaalt niet langer de agenda, maar Linda De Win. Tweets en interviews zijn belangrijker geworden dan het echte debat.'

Da's wat overdreven, vindt De Win. 'Mijn tweets zijn meestal retweets of quotes van politici die ik interview. Dat is niet mijn eigen mening. Als ik geconfronteerd word met tegenstrijdigheden of controversiële standpunten, dan vind ik dat ik dat op Twitter moet delen. Ten eerste om de mensen te informeren, maar ook uiteraard om mijn eigen programma op de kaart te zetten. Dus ja, op die manier beïnvloed je wel het debat, maar dat is ook mijn rol als journalist.'

© Jesse Willems

Pitbull

Joël De Ceulaer verklaarde enkele jaren geleden het politieke interview al dood. Doordat de meeste politici ondertussen mediatraining krijgen, wordt het almaar moeilijker een goed interview af te nemen. Heeft hij gelijk? 'Vele politici weten inderdaad goed wat ze mogen zeggen en wat niet. Vooral bij N-VA lijken ze een doorgedreven mediatraining te hebben gehad. En dat mag, . Maar als politici voortdurend hetzelfde antwoord geven, zal ik na de zoveelste keer wel opmerken: 'Dat hebt u nu al drie keer gezegd'. Vroeger zou ik dat niet gedurfd hebben. Die bijnaam 'de pitbull van de Wetstraat'? Ja, ik geef niet gauw op, maar ik weet ook wanneer ik moet ophouden. Ik zal nooit een nieuw parlementslid met weinig ervaring aan een kruisverhoor onderwerpen, maar een minister met veel politieke ervaring mag ik wél op de pijnbank leggen.'

Fake news

Is De Win al geconfronteerd geweest met flagrante gevallen van fake news in dit post-truth-tijdperk? 'Dat valt eigenlijk vrij goed mee hier in België. Toen Alexander De Croo voorzitter van Open VLD was, verscheen er eens in de kranten een fake nieuwsbericht over het feit dat Open VLD'ers de beste seks hadden van alle politici. Ik moest De Croo toen over iets anders interviewen voor Villa Politica en mijn eindredacteur bleef maar in mijn oortje toeteren: 'Vraag hem nu iets over dat nieuwsbericht over die seks!' Ik wilde dat toen écht niet doen, en ben heel blij dat ik dat niet gedaan heb.'

'De beste manier om je als journalist tegen fake news te wapenen, is niet alles slikken voor zoete koek en voortdurend je informatie dubbelchecken, ook als er niet veel tijd is. Aan de universiteit heb ik het vak Historische Kritiek gekregen. Die vaardigheden hou ik toch in mijn achterhoofd bij het uitoefenen van mijn job. Ik probeer de twee kanten van de medaille te belichten, al is dat niet altijd even gemakkelijk omdat die twee kanten soms niet meteen zichtbaar zijn.'

Stembusslag 14 oktober

'Ik kijk absoluut uit naar de gemeente-, districts- en provincieraadsverkiezingen op 14 oktober. Kan N-VA op hetzelfde elan doorgaan en slagen ze erin meer burgemeesterssjerpen te bemachtigen? Zal SP.A het nog redden in onder meer Antwerpen en Gent? En wat gaat er bijvoorbeeld met CD&V gebeuren in Antwerpen? Het lot van Kris Peeters is daar erg interessant. Hij is een populaire politicus, maar in Antwerpen blijft hij een inwijkeling. Zullen ze hem daar aanvaarden? Ik denk dat Bart De Wever in Antwerpen wel burgemeester zal blijven en dat N-VA ook de grootste partij blijft. Het uiteenspatten van het kartel Groen-SP.A heeft beide partijen geen goed gedaan. Niet alleen Antwerpen is een interessante case op 14 oktober, ik ben even benieuwd hoe die andere grote steden Gent, Brussel en Leuven - na een kwarteeuw nu zonder burgervader Louis Tobback - het gaan doen.'

Improvisatie

'Ik heb spanning en uitdaging nodig in mijn job', weet De Win. 'Dat is de avonturierster in mij. Misschien is dat wel de reden waarom ik deze job al zolang doe. Geen enkele uitzending van Villa Politica is dezelfde. Niets ligt op voorhand vast. Ik heb geen autocue om me aan vast te houden. Als ik kan improviseren, dan voel ik me in mijn sas. Ik weet in het begin van de uitzending nooit hoe ze zal verlopen. Het geeft een enorme adrenalinekick als dingen voor je ogen gebeuren, zoals in 2008 bij de val van de regering-Leterme. We hebben toen drie à vier uur uitgezonden terwijl ik 's ochtends nog niet wist dat er een uitzending van Villa ­Politica zou zijn. Als er iets gebeurt, wil ik dat graag vanop de eerste rij meemaken. Toen de Visa-crisis in Antwerpen uitbarstte in maart 2003, zat ik met Villa Politica vast in het parlement. Verschrikkelijk vond ik dat. Ik wilde toen in Antwerpen zijn, want daar was het te doen. Ik heb toen aan Leo De Bock, toenmalig hoofdredacteur van Het journaal, gevraagd of ik een extra weekendshift mocht kloppen zodat ik toch nog iets over die Antwerpse politieke crisis kon maken.'

Eerste rij

'Ik ben nog altijd even gedreven, maar ik kan nu toch meer afstand nemen. Ik ben milder geworden ook, sta niet meer altijd met een oordeel klaar. Er is meer ruimte in mijn hoofd voor nuance. En ik besef intussen dat diplomatie soms te verkiezen is boven rechtuit je gedacht zeggen. Ben ik klaar voor mijn eigen politieke praatprogramma? Ik weet niet of er überhaupt nog iets toe te voegen is aan de veelheid aan huidige politieke duidingsprogramma's. Maar als ik hoor dat oude rotten als Rik Van Cauwelaert en Walter Zinzen op Canvas commentaar zullen geven op de stembusgang tijdens de verkiezingen van 14 oktober, dan denk ik wel: dát zou ik bij de volgende gemeenteraadsverkiezingen ook wel zien zitten. Ik wil daar in elk geval wel opnieuw op de eerste rij staan.'

Politiek neutraal

Ex-collega's gingen in de politiek, maar Linda De Win is niet voor een politieke kleur te vangen. 'Ze hebben me nog nooit een plek op een lijst aangeboden. Ik ben alleen een keer als woordvoerster gevraagd. Ik denk dat de meeste partijen niet goed weten waar ik thuishoor in het politieke spectrum. En maar goed ook. Mijn politieke voorkeur is in al die jaren niet erg veranderd.'