Walter De Smedt

‘Leidt afhandeling van Samusocial-schandaal tot de institutionalisering van de graaicultuur?’

Walter De Smedt Strafrechter op rust, enige Belg die ooit zowel lid was van het Comité P als het Comité I

Gewezen strafrechter Walter De Smedt over Pascal Peraïta die haar ontslag bij Samusocial aanvecht.

Zowel de Brusselse burgemeester Yvan Mayeur als Pascale Peraïta, de directrice van de Samusocial werden ontslagen nadat aan het licht was gekomen dat ze zich persoonlijk hadden verrijkt met geld dat voor de daklozen bedoeld was. Deze week kwam het bericht dat Peraïta Samusocial dagvaardt omdat het ontslag onder druk zou zijn gebeurd: van de vzw Samusocial en de GGC (de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van Brussel-Hoofdstad) vordert zij nu een ontslagvergoeding van 280.000 euro bruto, waar nog de premie bijkomt die Peraïta ontving van het OCMW. Een speciale onderzoekscommissie van het Brussels Parlement rondde enkele weken geleden haar werkzaamheden over de affaire af. Het rapport eist de teruggave van 110.000 euro zitpenningen die Peraïta en Mayeur elk onterecht bij Samusocial opstreken (Knack Be 20/03/2018).

Leidt afhandeling van Samusocial-schandaal tot de institutionalisering van de graaicultuur?

Het lijkt wel dat ook deze affaire de weg op gaat die door nu door justitie wordt bewandeld: komt er zoals in de Publifin-affaire, waarin de Luikse procureur-generaal voor de gepleegde misdrijven een ‘schikking’ voorstelde, ook in dit dossier een ‘schuldvergelijking’?

Verschillende manieren om schandaaldossiers te bekijken

Zoals dat in alle recente schandaaldossiers het geval is, kan je de feiten op verschillende manieren bekijken. Onrechtmatige verrijking kan je een zware fout noemen die arbeidsrechtelijk aanleiding geeft tot ontslag. Vanuit het strafrecht bekeken is er echter ook een waaier aan mogelijke misdrijven voorzien waaronder je dezelfde feiten kan onderbrengen: diefstal in de verschillende vormen naargelang de hoedanigheid en de omstandigheid en veelal ook valsheid in geschriften om het te kunnen verdoezelen.

Bestuurlijk en politiek worden de feiten meestal nog anders genoemd: in die omgeving gaat het enkel om “disfuncties”. De laatste omschrijving is erg handig want omdat een “disfunctie” geen fout noch een misdrijf is kan je er alle kanten mee op zonder er enig tastbaar gevolg te moeten aan geven: de Gentse burgemeester maakte in de Optima affaire geen fout, noch pleegde hij enig misdrijf, maar hij was wel ‘onvoorzichtig’.

Dader voor de ene recher, slachtoffer voor de andere

Algemeen wordt gesteld dat de strafrechtelijke behandeling voorrang heeft op de burgerlijke, de bestuurlijke of politieke afhandeling: “le criminel tient le civil en état“. Dat moesten de curatoren in de Optima affaire onlangs ondervinden. Zij hadden ook de politieke zwaargewichten in het dossier gedagvaard voor de handelsrechtbank, wat op zich reeds de vraag oproept naar wat die rechtbank al of niet uit zichzelf kan doen. De curatoren vingen bot en moeten dus wachten op het resultaat van het strafonderzoek, hoe lang dat ook op zich mag laten wachten.

Wie houdt wie voor de gek? Tot wat leidt deze ‘vercommercialisering’ en ‘depenalisering’ van justitie?

Gaat het voor de Brusselse arbeidsrechtbank in het Samusocial-dossier anders gaan? Wat kan er dan gebeuren indien daar tot een onrechtmatig ontslag met schadevergoeding zou worden besloten en dezelfde personen nadien door de strafrechtbank zouden veroordeeld worden wegens de andere omschrijving van dezelfde feiten: dader voor de éne rechter en slachtoffer voor de andere.

Strafrechtelijk beleid

Het huidig strafrechtelijk beleid dat bepaalt hoe het in de praktijk moet gebeuren, heeft een oplossing voor de mogelijke moeilijkheden en tegenstellingen in dergelijke delicate dossiers. Zoals in de bestuurlijk-politieke afhandeling het lege begrip ” disfunctie” wordt aangewend om er zand over te gooien, zo heeft de strafrechtelijke benadering een soortgelijke oplossing bedacht om het allemaal handig te kunnen afronden: de uitgebreide minnelijke schikking.

Daarin maken de procureurs en de verdachten een vertrouwelijk akkoord over een door de verdachte te betalen som en daarmee is de kous af. Geen uitspraak meer over de schuld aan een misdrijf, en ook niet over een begane fout. Na dergelijke afhandeling kan je dan ook als nooit veroordeeld naar de arbeidsrechtbank stappen om je opzegvergoeding te claimen.

Wie houdt wie voor de gek? Tot wat leidt deze ‘vercommercialisering’ en ‘depenalisering’ van justitie? Procureurs worden ‘des marchands de tapis‘, strafrecht een compromis, de straf een schuldvergelijking. Voor wie er zich onrechtmatig door verrijkt heeft of de kans krijgt om het ook te doen blijft er maar één vraag: waarom zou ik het niet doen? Wat is dit anders dan de institutionalisering van ‘de graaicultuur’?

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content