Het was onmogelijk om de voorpagina van The New York Times met droge ogen te bekijken, vorige zondag. In de Verenigde Staten waren bijna 100.000 mensen gestorven aan covid-19, en naar aanleiding daarvan wilde de krant er minstens duizend gedenken. 'Eén getal kan nooit elk individueel levensverhaal vertellen, de honderdduizend manieren om de ochtend te begroeten en welterusten te zeggen', stond erbij. De lezer kreeg duizend namen, met telkens de leeftijd en één detail dat vaak voldoende was om er wel een heel leven bij voor te stellen. 'Waar hij oo...

Het was onmogelijk om de voorpagina van The New York Times met droge ogen te bekijken, vorige zondag. In de Verenigde Staten waren bijna 100.000 mensen gestorven aan covid-19, en naar aanleiding daarvan wilde de krant er minstens duizend gedenken. 'Eén getal kan nooit elk individueel levensverhaal vertellen, de honderdduizend manieren om de ochtend te begroeten en welterusten te zeggen', stond erbij. De lezer kreeg duizend namen, met telkens de leeftijd en één detail dat vaak voldoende was om er wel een heel leven bij voor te stellen. 'Waar hij ook ging, hij nam altijd foto's', 'Moeder van zes zonen', 'Zijn collega's bij Walmart waren als familie voor hem', of 'Redde 56 Joodse families van de Gestapo'. Ook in België zijn er ondertussen al meer dan negenduizend mensen gestorven, en daar komen voorlopig nog elke dag vele overlijdens bij. In het begin van deze pandemie werden er in de media enkele levensverhalen naverteld, maar vandaag zijn de overlijdenspagina's in de weekendkrant van De Standaard misschien wel de plek die het dichtste bij zo'n herdenking komt - ik heb het geluk dat ik niemand in mijn omgeving heb verloren aan covid-19. Het heeft mij verbaasd hoe snel het dagelijkse sterftecijfer - wekenlang lag dat ver boven de honderd - een abstractie werd. In de debatjes over de voor- en nadelen van de lockdown leken sommige deelnemers wel te denken dat er helemaal niemand was gestorven aan corona, ongetwijfeld dankzij hun heldhaftige opofferingen. Een vuistregel zegt dat aandacht in de media afhangt van hoeveel doden er tegelijk vallen en op hoeveel kilometer afstand van Vlaanderen dat gebeurt. Het is een cynische verklaring waarom hier niemand wakker ligt van een autobom ergens in Sub-Saharaans Afrika, maar het voorspelt dus ook dat de overlijdens van de voorbije weken in alle Vlaamse dorpen en steden massaal veel aandacht hadden moeten krijgen. Nochtans, de dood van Julie Van Espen werd een jaar later nog uitgebreider herdacht, en eigenlijk kon enkel een twaalfjarig meisje dat eind maart aan corona stierf ontsnappen aan de anonimiteit van de dagelijkse persconferentie. Leeftijd is dus ook een factor die onze aandacht doet verslappen - de meeste slachtoffers zijn ouder dan 85 jaar. Gezondheidseconomen kunnen dat zelfs onderbouwen. Zij rekenen in levensjaren die in goede gezondheid worden doorgebracht. Een 'qaly' is daar de afzichtelijke term voor, hoewel de redenering erachter eenvoudig is te begrijpen. Ook in de dood moeten politici keuzes maken. Maar niets houdt ons toch tegen om net de mensen die al een gedenkwaardig leven hebben geleid te herdenken? Daarmee wordt ook de echte tragedie van de voorbije weken herinnerd. Een paar woordjes zijn genoeg.