De galerie kondigt uw expo aan met een schilderij waarop een leeg, roze gezicht met helm te zien is. De plukken blond haar doen vermoeden dat dit een zelfportret is.
...

De galerie kondigt uw expo aan met een schilderij waarop een leeg, roze gezicht met helm te zien is. De plukken blond haar doen vermoeden dat dit een zelfportret is. Anne-Mie Van Kerckhoven: Dat is het ook, al begon ik het werk niet met die bedoeling. Het is gemaakt op groen, half transparant plexiglas dat ik dertig jaar geleden uit een container heb geplukt. De afgelopen jaren heb ik er van alles op geschilderd. Het bleef rijpen tot vorig jaar. En wat gebeurde er toen? Van Kerckhoven: Toen besloot ik om onafgewerkte dingen te voltooien, nadat ik me vier jaar lang op evenveel retrospectieven had gestort. In 2016 vroeg het Museum Abteiberg in Mönchengladbach me om een selectie uit mijn oeuvre samen te stellen. In 2017 volgde eenzelfde verzoek van het Kunstverein in Hannover. In 2018 volgden het MUHKA in Antwerpen en het Museum Fridericianum in Kassel. Ik stond oog in oog met mijn twintigjarige zelf, die in haar kunst afbeeldingen van naakte vrouwen gebruikte als kritiek op het kapitalisme dat de vrouw inzet om wapens en koopwaar aan te prijzen. Nog steeds leven we in zo'n perverse tijd en poseren vrouwen wulps in glossy magazines. Puur sadomasochisme! Er is niets mis met verleidelijkheid. Wél met het uitbuiten ervan. Na die retrospectieven voelde ik me leeg. Dus schaafde ik aan half afgewerkte beelden. Zoals dat zelfportret. Hoe werkte u het af? Van Kerckhoven: Eerst tekende ik een gezicht. Mijn gezicht. Toen ik dat beu was, kleefde ik er een omgekeerde pin-up op. Vorig jaar smeerde ik er met mijn handen een dikke laag roze verf over. Omdat ik me zo leeg en uitgewist voelde. Een gezicht is een tafereel waaruit de ziel spreekt. Dit gezicht is leeg maar, gewapend door het verleden, klaar voor iets nieuws. Bestaat uw expo enkel uit portretten? Van Kerckhoven: Nee, behalve portretten van bestaande en fictieve individuen maakte ik taferelen waaruit verbondenheid spreekt. Daar verwijst ook de titel van mijn expo naar. ' Syzygy' is een begrip in de psychologie dat verwijst naar 'eenheid van tegengestelden'. Artsen Zonder Grenzen vroeg me vorig jaar om werk voor een veiling ten voordele van een inentingsproject. Het lukt me nooit daarover iets te maken, dacht ik. Maar een voorval tijdens een bijeenkomst waarop hulpverleners getuigden, inspireerde me tot die taferelen. Een jonge Afrikaan - een mooie, chique dandy (lacht) - vertelde hoe de dood van een medestudente moest worden gewroken om de geesten gunstig te stemmen. Ze vernielden het huis van haar ouders. 'Dit is toch niet normaal?', zei ik. 'Dat is het wel', antwoordde hij. Einde discussie. Is er een link tussen uw werk en de expo van Philip Metten? Van Kerckhoven: Ja. Er is 'soft chaos'. Als straatgeluiden mijn atelier binnendringen, zet ik twee verschillende lp's op. Zachtjes. Zo maak ik ' soft chaos'. Philip toont onder andere een sculptuur - Cinema - die een kamerbrede, uitklapbare cinema is. Hij vroeg me een film te maken die hij daarin kan projecteren. Die film bestaat uit de visuals die ik gebruikte tijdens de performance Bont, schril en luid die Club Moral (de noiseband die Van Kerckhoven sinds 1981 vormt met echtgenoot Danny Devos, nvdr) onlangs gaf in Kassel, als slotact van mijn retrospectieve. De klankband is een mix van, onder meer, Club Moral-geluiden.