1. Tijd genoeg

'Premier De Croo rijdt eerste elektrische C40 Recharge van de lijn bij Volvo Gent.'
...

Premier Alexander De Croo (Open VLD) reed donderdag in Gent de allereerste Volvo C40 Recharge 'vakkundig van de lijn', aldus de aanwezige journalisten. Fijn, maar het is vreemd dat de premier daarvoor tijd vindt te midden van het begrotingsconclaaf, waarvan de resultaten vorige week al werden verwacht.Het begrotingsconclaaf is een uiterst serieuze bezigheid, want het gaat over hoeveel geld we in 2022 aan welke dossiers zullen besteden en waar we het vandaan zullen halen. Zoals wel vaker in ons land ligt er nu nog veel meer op tafel, want over alle moeilijke dossiers die zich het voorbije jaar hebben opgestapeld, moet nu worden beslist. 'Wat hebben de afschaffing van ziektebriefjes, het openhouden van kerncentrales, de afschaffing van de fiscale gunsten voor voetballers en een energiepremie met elkaar gemeen? Absoluut niets. Behalve dat de federale regering komend weekend, tijdens het begrotingsconclaaf, over die en nog veel andere dossiers tegelijk zal onderhandelen', schreef Guy Tegenbos in De Standaard. 'Gekker kan het niet. Maar dit is de manier waarop in België vaak beslist wordt: gooi alles wat moeilijk ligt op een hoop en laat de coalitiepartijen onder tijdsdruk wroeten en duwen, grabbelen en trekken. Op het eind is er een compromis over alles. Geen enkele partij kreeg wat ze vroeg, maar elke partij gaat "met iets naar huis".'Bij dit alles wordt bovendien nauwelijks rekening gehouden met de adviezen van experts en onafhankelijke instellingen zoals de Nationale Bank. Het resultaat na veel nachtelijk vergaderen is een grabbelton aan onsamenhangende hervormingen, waar elke partij haar succesjes in kan terugvinden om mee te pochen bij de achterban. Beleid is iets anders. Zal het dit keer anders zijn? In elk geval vond premier De Croo de tijd om in Gent een auto uit de fabriek te rijden. Een heuglijk moment, dat werd vastgelegd door cameramensen en fotografen, met op de achtergrond de Oost-Vlaamse provinciegouverneur Carina Van Cauter en de Gentse burgemeester Mathias De Clercq. Dat beide ook tot de Open VLD behoren, zal wel toeval zijn.De juiste prioriteiten leggen is belangrijk in het leven, en die lagen voor de premier de afgelopen week niet bij het begrotingsconclaaf en de andere heikele dossiers die behandeld moeten worden.Een beschamend schouwspel was er deze week te zien in en rond het Vlaams Parlement, dat twee jaar geleden beloofde de lonen van de parlementsleden met 5 procent te verlagen. Het was een idee van de meerderheid: omdat er in 2019 bespaard werd op cultuur en zorg, zou ook de politiek een duit in het zakje doen. In december 2019 werd een resolutie goedgekeurd, ten laatste in mei 2020 zou de loonsverlaging volgen.Van die belofte kwam niets terecht, tot PVDA-fractieleider Jos D'Haese deze week de kat de bel aanbond. Meteen werd in spoedberaad beslist om de lonen vanaf januari 2022 te verlagen. De verlaging zal overigens van toepassing zijn op de parlementaire wedde van ongeveer 4000 euro. Aan de onkostenvergoeding van ruim 2000 euro wordt niet geraakt. En nee, de verlaging gebeurt ook niet met terugwerkende kracht tot mei 2020, wat had u gedacht?Het ontlokte bij Ivan De Vadder, politiek journalist bij VRT NWS, volgende tweet: 'Toch opvallend hoe de leden van het Vlaams Parlement er als de kippen bij waren om de onkostenvergoeding van zieke parlementsleden af te pakken, terwijl ze de unanieme (!) beslissing om hun eigen loon te verlagen met 5 procent twee jaar lang "vergaten".' Daarmee verwees De Vadder naar de beslissing van het Vlaams Parlement dat een Vlaams Parlementslid na 30 dagen afwezigheid door ziekte de onkostenvergoeding verliest. Concreet wil dat zeggen dat het zieke parlementslid dan maandelijks 3500 euro netto in plaats van 5700 euro netto ontvangt. Aanleiding voor de beslissing is 'het geval-Sihame El Kaouakibi', verkozen op de Open VLD-lijst. Sinds ze in opspraak is gekomen wegens financiële malversaties rond het inmiddels failliete Let's Go Urban-dansproject, zit El Kaouakibi als onafhankelijke in het Vlaams Parlement. Maar ze is al sinds half oktober 2020 afwezig wegens ziekte en bracht recent een nieuw ziektebriefje binnen dat loopt tot eind november. Onlangs werd dus beslist dat ze haar onkostenvergoeding verliest.Dit brengt ons bij een fundamentelere kwestie dan de loonsverlaging met 5 procent: de onkostenvergoeding van 2000 euro. Is dat bedrag te rechtvaardigen? Heeft zo'n vergoeding nut, behalve dat ze belastingvrij en dus financieel interessant is? En nu we toch bezig zijn over het geld dat in de politiek de ronde doet: de politici zouden het best werk maken van een herziening van de partijfinanciering. Politieke partijen worden voor het overgrote deel met belastinggeld gefinancierd en krijgen samen bijna 75 miljoen euro per jaar. Dat is stuitend veel geld, en het verlamt de parlementaire werking, zoals jaren geleden al werd uitgelegd in Knack en onlangs ook nog in een Kroniek. Het zijn allemaal illustraties van een graaicultuur die de geloofwaardigheid van de politiek ondergraaft. En dat terwijl politici voortdurend inspanningen vragen van de rest van de bevolking. Of er iets zal veranderen? Een voorzitter noemde de verlaging van de partijfinanciering ooit 'zelfkastijding', maar als de Vivaldiregering ernstig werk wil maken van de politieke vernieuwing, zoals in haar regeerakkoord staat en ze geregeld verklaart, hoort daar een herziening van de partijdotaties bij.Ondertussen kan het Vlaams Parlement alvast de hoge onkostenvergoeding tegen het licht houden. Koester niet te veel hoop dat er snel iets zal wijzigen. Als men een goedgekeurde resolutie om de lonen met 5 procent te verminderen twee jaar kan 'vergeten' uit te voeren, verwacht je beter niet al te veel.PS-voorzitter Paul Magnette leurt de jongste weken met het idee om het openbaar vervoer gratis te maken, te beginnen voor de mensen onder de 25 en boven de 65 jaar. Volgens Magnette zou het 'maar' 150 miljoen euro kosten. De afgelopen week stelde hij zijn idee nog eens voor aan de UGent, tijdens het openingscollege van de vakgroep Politicologie van professor Carl Devos. Los van het feit dat gratis niet bestaat - het geld moet ergens vandaan komen en uiteindelijk komt het altijd van de belastingbetaler - is gratis openbaar vervoer ook niet het beste idee. Katrien De Langhe, postdoctoraal onderzoeker gespecialiseerd in transport en ruimtelijke economie aan de Universiteit Antwerpen, veegde het voorstel in zes minuten van tafel in het radioprogramma De wereld vandaag op Radio 1. De Langhe heeft om te beginnen twijfels bij het prijskaartje dat Magnette erop plakt. Ze noemt het 'een onderschatting van de werkelijke kost'. Daarnaast is er Magnettes argument dat gratis openbaar vervoer een oplossing is voor de klimaatopwarming. Natuurlijk is het gebruik van het openbaar vervoer vanuit milieuoverwegingen beter dan in je eigen auto stappen. Maar of het openbaar vervoer het best wordt gestimuleerd door het gratis te maken, betwijfelt De Langhe. Zelfs de partij Groen zegt dat. Zij is nooit voorstander geweest van gratis openbaar vervoer, wel van betaalbaar, schoner, stipter openbaar vervoer.Het gratis openbaar vervoer dat Magnette de voorbije weken verdedigde, is al langer een eis van het communistische PVDA/PTB. 'We maken het volledige aanbod van De Lijn en de MIVB gratis', zo heet het bij hen. 'De trein maken we gratis voor het woon-werktraject, voor gepensioneerden, werkzoekenden, minderjarigen en studenten.'Magnette loopt dus ook in dit dossier de PVDA/PTB achterna en probeert tegelijk concurrent Ecolo pijn te doen. Het is de vlucht vooruit van Magnette, nu de PS in de peilingen kiezers verliest aan de PVDA/PTB, en daarnaast op de hielen wordt gezeten door de MR in de strijd om de grootste partij van Wallonië te zijn.Kan Magnette met zijn idee de PS redden van verdere afkalving? Geert Noels (Econopolis) tweette alvast: 'Vier lessen over gratis: 1. Gratis bestaat niet. 2. Er is geen respect voor gratis. 3. Gratis is een trucje van politici om stemmen te kopen. 4. Gratis is de ideale afleiding, als men geen echte visie meer heeft.'Er kwam afgelopen week een eind aan de dure affaire van het zogenaamde Phenix-project, dat 20 jaar geleden werd opgestart om justitie te informatiseren. In december 2001 haalde de Belgische vestiging van de Amerikaanse informaticareus Unisys daarvoor het contract binnen. Over een periode van vijf jaar zou één informaticasysteem geïnstalleerd worden voor alle Belgische hoven en rechtbanken, griffies en parketten. Marc Verwilghen (Open VLD) was toen minister van Justitie in de eerste paars-groene regering van zijn partijgenoot Guy Verhofstadt.Het project draaide uit op een flop, van de beloofde informatisering kwam niets terecht. Er volgden verwijten over en weer tussen de regering en het bedrijf en ze daagden elkaar voor de rechtbank. België vroeg aan Unisys een schadevergoeding omdat het project niet werd gerealiseerd zoals afgesproken, Unisys daagde België voor de rechtbank wegens contractbreuk en imagoschade.Toenmalig CD&V-Kamerlid Tony Van Parys, voorganger van Verwilghen als minister van Justitie, wees vanaf de oppositiebanken naar de politiek verantwoordelijken: 'En het resultaat is nul! (...) De rechtbanken en parketten moeten nu verder met informatica waarin al zes jaar niet meer is geïnvesteerd. Zelfs op de tweedehandsmarkt vindt men geen vervangstukken meer. En heel wat nieuwe wetten zijn gebaseerd op Phenix. Het is ook te eenvoudig na zes jaar enkel Unisys met de vinger te wijzen. Het contract van 2001 schoot tekort, net als de opvolging door Justitie. En de minister heeft al die jaren de situatie verbloemd.'Verwilghen zou tot 2003 minister van Justitie blijven, werd daarna minister van Ontwikkelingssamenwerking en vervolgens minister van Economische Zaken, Buitenlandse Handel, Wetenschapsbeleid en Energie. Van 2007 tot 2010 was hij senator. Toen hij in 2010 de politiek verliet, nam hij de draad weer op als advocaat. Hij ging nog even over de tongen toen hij tussen 2014 en 2017 directeur was van de Europese stichting The European Azerbaijan Society (TEAS) Benelux. Die hield zich bezig met het 'nader tot elkaar brengen van Azerbeidzjan en Europa', terwijl in het land aan de Kaspische zee een niet onbesproken regime aan de macht was.De rechtszaak tussen België en Unisys is nu na twintig jaar onbeslist afgesloten. Het gevolg is dat er 28 miljoen euro definitief weg is en er heel veel tijd verloren is gegaan. Als justitie vandaag nog steeds met een achterstand kampt, is dat onder meer als gevolg van de faliekant afgelopen informatisering die in het begin van de eeuw met veel bombarie werd aangekondigd.De ironie wil dat het minister van Justitie Vincent Van Quickenborne was die het nieuws vorige week bevestigde, een partijgenoot van Verwilghen. 'Digitaal achtergesteld', oordeelde Van Quickenborne begin dit jaar over het beleidsdomein waarvoor hij bevoegd is. 'Europa plaatst ons op dezelfde hoogte als Griekenland, Cyprus en Kroatië.' Hij beloofde meteen om justitie eindelijk in het digitale tijdperk te loodsen. Daarvoor zal hij gebruikmaken van 100 miljoen Europees geld voor herstelbeleid. Hadden we de informatisering van justitie begin deze eeuw met meer ernst aangepakt, dan had dat geld voor écht herstelbeleid gebruikt kunnen worden.