Dit jaar stond de plechtigheid ook in het teken van de 25ste verjaardag van de dood van de tien Belgische VN-blauwhelmen die in 1994 werden vermoord in Rwanda, bij de start van de genocide. Het is trouwens ten gevolge van die gebeurtenis dat de regering in 1998 besliste om 'Veteranendag' voortaan jaarlijks te laten plaatsvinden op 7 april.

Aan de Congreskolom werden alle 252 namen voorgelezen van de Belgische militairen die sinds 1945 omgekomen zijn. 'Het is onze plicht en een eer om hen vandaag eer te brengen', klonk het. 'In alle uithoeken van de wereld hebben zij blijk gegeven van moed, plichtsbewustzijn en zelfverloochening. Ze zijn een voorbeeld voor de jeugd en een waarschuwing voor hun wapenbroeders die vandaag nog actief zijn in binnen- en buitenland. Momenteel nemen 1.063 Belgische militairen deel aan missies in binnen- en buitenland. Geen enkele van de huidige missies is vrij van risico.'

Koning Filip legde een rouwkrans neer aan het graf van de onbekende soldaat en nam een minuut stilte in acht. De vorst onderhield zich ook kort met families van gesneuvelde militairen. Ook die families kregen de kans om bloemen neer te leggen, net als de verschillende vaderlandslievende organisaties.

De ceremonie aan de Congreskolom werd bijgewoond door een detachement van het Tweede Bataljon Commando's uit Flawinne, dat deel uitmaakt van het in 2018 opgerichte Special Operations Regiment.