In opdracht van Knack, Le Vif en LN24 ondervroeg onderzoeksbureau Kantar tussen 18 en 25 mei online 1021 Belgen over de aanpak van de coronacrisis. Wat opvalt in de resultaten, is de grote tevredenheid over de experts die we de voorbije maanden hebben leren kennen. Onder de Nederlandstalige ondervraagden is tachtig procent tevreden over Steven Van Gucht, de viroloog die de dagelijkse persconferentie van Sciensano verzorgt. Marc Van Ranst volgt met 76 procent en Pierre Van Damme met 71 procent.

De politici die in de coronacrisis de belangrijkste departementen beheerden, scoren veel minder goed. Over premier Sophie Wilmès (MR) en Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) is 32 procent van de Nederlandstaligen tevreden. Maggie De Block (Open VLD), minister voor Volksgezondheid, presteert het slechtst: van de Nederlandstaligen is 47 procent ontevreden, en van de Franstaligen zelfs 80 procent. Ze reageert daar deze week uitgebreid op in een interview dat u ook in Knack leest. Ook de aanpak van minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) werd niet gesmaakt: 43 procent van de Nederlandstalige ondervraagden is ontevreden over hem. De reden is niet ver te zoeken: de rusthuizen werden in deze coronacrisis veruit het zwaarst getroffen, en waren het slechtst voorbereid.

Als minister van Volksgezondheid ben ik het gezicht van die maatregelen, dus is het niet onbegrijpelijk dat ik de meeste wind vang.

Maggie De Block

De Belgen hadden in deze crisis duidelijk meer vertrouwen in de experts. Slechts 14 procent van hen vindt het een goed idee dat politici soms afwijken van hun adviezen, en 83 procent hoopt dat politici ook na deze crisis vaker naar experts zullen luisteren. Iets meer dan de helft van de ondervraagden vindt dat er straks zelfs een regering van experts moet komen, als de politici er tijdens de regeringsonderhandelingen niet uitraken. Voor 41 procent mogen er na de coronacrisis hoe dan ook nieuwe verkiezingen worden gehouden.

In een interview in Knack reageert Maggie De Block deze week op de resultaten van onze peiling. Heel erg onder de indruk toont ze zich niet van haar eigen resultaat, dat ze wijt aan de impact van de lockdown. 'Mensen mochten hun huis niet meer uit, hadden geen sociaal leven meer, verloren hun job, of moesten thuiswerken met drie kinderen die daar ook rondliepen omdat ze niet meer naar school konden', zegt De Block. 'Dat zorgt voor onrust, angst en onzekerheid, en het is logisch dat men dat tegen iemand ventileert. Als minister van Volksgezondheid ben ik het gezicht van die maatregelen, dus is het niet onbegrijpelijk dat ik de meeste wind vang.'

Ook Marc Van Ranst komt uitgebreid aan het woord in Knack. Gevraagd naar hoe hij de aanpak van de coronacrisis door de regering-Wilmès beoordeelt, is hij genuanceerd. 'Deze regering verdient zeker goede punten voor haar beslissing om het land in lockdown te zetten. Daar was on-Belgische moed voor nodig', zegt Van Ranst. 'Maar de grootste fout was voor de crisis gemaakt. Dit land was niet voorbereid op een pandemie. Wij hadden geen afdoende voorraad maskers en er was geen systeem van contactopsporing. Allemaal slechte punten.'

Nu de scholen heropenen, valt ook op dat veel Belgen niet staan te springen om hun kinderen terug te sturen. Slechts 51 procent zegt dat te willen doen, en 21 beweert dat zelfs niet te zullen doen. Het verschil tussen Nederlandstalig en Franstalig België is wel opvallend: 12 procent tegenover 33 procent. Ook toen de scholen in de lockdown sloten, was daar aan Franstalige zijde veruit het meeste enthousiasme voor.

De foutenmarge voor deze peiling bedraagt 3,1 procent.

In opdracht van Knack, Le Vif en LN24 ondervroeg onderzoeksbureau Kantar tussen 18 en 25 mei online 1021 Belgen over de aanpak van de coronacrisis. Wat opvalt in de resultaten, is de grote tevredenheid over de experts die we de voorbije maanden hebben leren kennen. Onder de Nederlandstalige ondervraagden is tachtig procent tevreden over Steven Van Gucht, de viroloog die de dagelijkse persconferentie van Sciensano verzorgt. Marc Van Ranst volgt met 76 procent en Pierre Van Damme met 71 procent.De politici die in de coronacrisis de belangrijkste departementen beheerden, scoren veel minder goed. Over premier Sophie Wilmès (MR) en Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) is 32 procent van de Nederlandstaligen tevreden. Maggie De Block (Open VLD), minister voor Volksgezondheid, presteert het slechtst: van de Nederlandstaligen is 47 procent ontevreden, en van de Franstaligen zelfs 80 procent. Ze reageert daar deze week uitgebreid op in een interview dat u ook in Knack leest. Ook de aanpak van minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) werd niet gesmaakt: 43 procent van de Nederlandstalige ondervraagden is ontevreden over hem. De reden is niet ver te zoeken: de rusthuizen werden in deze coronacrisis veruit het zwaarst getroffen, en waren het slechtst voorbereid.De Belgen hadden in deze crisis duidelijk meer vertrouwen in de experts. Slechts 14 procent van hen vindt het een goed idee dat politici soms afwijken van hun adviezen, en 83 procent hoopt dat politici ook na deze crisis vaker naar experts zullen luisteren. Iets meer dan de helft van de ondervraagden vindt dat er straks zelfs een regering van experts moet komen, als de politici er tijdens de regeringsonderhandelingen niet uitraken. Voor 41 procent mogen er na de coronacrisis hoe dan ook nieuwe verkiezingen worden gehouden.In een interview in Knack reageert Maggie De Block deze week op de resultaten van onze peiling. Heel erg onder de indruk toont ze zich niet van haar eigen resultaat, dat ze wijt aan de impact van de lockdown. 'Mensen mochten hun huis niet meer uit, hadden geen sociaal leven meer, verloren hun job, of moesten thuiswerken met drie kinderen die daar ook rondliepen omdat ze niet meer naar school konden', zegt De Block. 'Dat zorgt voor onrust, angst en onzekerheid, en het is logisch dat men dat tegen iemand ventileert. Als minister van Volksgezondheid ben ik het gezicht van die maatregelen, dus is het niet onbegrijpelijk dat ik de meeste wind vang.'Ook Marc Van Ranst komt uitgebreid aan het woord in Knack. Gevraagd naar hoe hij de aanpak van de coronacrisis door de regering-Wilmès beoordeelt, is hij genuanceerd. 'Deze regering verdient zeker goede punten voor haar beslissing om het land in lockdown te zetten. Daar was on-Belgische moed voor nodig', zegt Van Ranst. 'Maar de grootste fout was voor de crisis gemaakt. Dit land was niet voorbereid op een pandemie. Wij hadden geen afdoende voorraad maskers en er was geen systeem van contactopsporing. Allemaal slechte punten.'Nu de scholen heropenen, valt ook op dat veel Belgen niet staan te springen om hun kinderen terug te sturen. Slechts 51 procent zegt dat te willen doen, en 21 beweert dat zelfs niet te zullen doen. Het verschil tussen Nederlandstalig en Franstalig België is wel opvallend: 12 procent tegenover 33 procent. Ook toen de scholen in de lockdown sloten, was daar aan Franstalige zijde veruit het meeste enthousiasme voor.