In de Grand Baromètre van RTL-Ipsos- Le Soir vorige week hadden de radicale partijen de wind in de zeilen. Niet alleen het Vlaams Belang in Vlaanderen, maar ook de PTB in Wallonië, waar de communisten met 19,1 procent van de stemintenties als de op een na grootste partij peilden, na de PS, maar vóór de MR. Ook al bedroeg het verschil tussen de PTB en de MR slechts 0,1 procent en was die voorsprong dus hogelijk symbolisch.
...

In de Grand Baromètre van RTL-Ipsos- Le Soir vorige week hadden de radicale partijen de wind in de zeilen. Niet alleen het Vlaams Belang in Vlaanderen, maar ook de PTB in Wallonië, waar de communisten met 19,1 procent van de stemintenties als de op een na grootste partij peilden, na de PS, maar vóór de MR. Ook al bedroeg het verschil tussen de PTB en de MR slechts 0,1 procent en was die voorsprong dus hogelijk symbolisch. 'De PTB heeft in peilingen natuurlijk ook al vaker hoog gescoord', zegt politoloog Pascal Delwit van de ULB. 'Maar het klopt dat de partij goed boert op dit moment.' Dat heeft onder meer te maken, aldus Delwit, met het feit dat de PTB aan Franstalige kant als de enige oppositiepartij wordt gezien. 'En dat in de feiten vaak ook ís, al zitten federaal ook DéFI en het CDH in de oppositie. Maar de PTB is de enige partij die op elk thema oppositie voert. De partij is in Wallonië ook de klok rond overal aanwezig. Tijdens de coronapandemie waren ze met hun groepspraktijken van Geneeskunde voor het Volk heel actief en een belangrijk doorgeefluik van informatie. Ze zijn sterk aanwezig in de vakbonden, in debatten tijdens de gemeenteraden, op Facebook - aan Franstalige kant is de PTB de partij die het meest investeert in communicatie via de sociale media.' Wat ook helpt, is dat de partij volgens Delwit helemaal geen machtsdeelname ambieert. En dus voluit kan gaan in de oppositie, 'in tegenstelling tot een partij als het CDH'. Daarbij komt nog, vervolgt de politoloog, dat de sterkte van de PTB een illustratie is van de tanende slagkracht van de PS. 'Ik zal niet zeggen dat de PS in de straten en aan de togen van Wallonië volstrekt machteloos is, maar ze heeft danig aan invloed en mobiliserend vermogen ingeboet. Er is dus niet echt een tegenkracht, die de alomtegenwoordige PTB kan counteren.' De kloof tussen beide landsdelen lijkt intussen steeds groter te worden: volgens de RTL-Ipsos- Le Soir-peiling zouden de N-VA en het Vlaams Belang in Vlaanderen nu samen 47,9 procent van de stemmen behalen, de PS en de PTB in Wallonië 44 procent. Toch hecht Delwit weinig geloof aan de aanname dat Vlaanderen in groeiende mate rechtsom en Wallonië in groeiende mate linksom gaat. 'Wat je vooral ziet, aan beide kanten van de taalgrens, en zowel bij de verkiezingen van 2019 als in de daaropvolgende peilingen, is het krimpen van de middenpartijen. En dus de groei van de radicale, centrifugale partijen. Er is dus veeleer een tendens waarbij grote groepen kiezers naar extreme, niet-traditionele partijen verschuiven, dan een verrechtsing, of omgekeerd, een verlinksing. Trouwens, met ruim 7 procent van de stemintenties scoort de PVDA in Vlaanderen haast even goed als Groen.'