Het parket van Brussel had het opsporingsonderzoek naar vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken en Defensie Didier Reynders geopend na de beschuldigingen van een ex-geheim agent. De man werkte van 2007 tot 2018 bij de Staatsveiligheid. In zijn politieverhoor maakte Ullens gewag van smeergeld dat zou zijn betaald bij een reeks overheidsopdrachten en overheidsaankopen. Hij verwees onder meer naar de verhuis van de federale politie naar het Rijksadministratief Centrum in Brussel, Kazachgate en een zaak rond Libische fondsen. Ullens wilde naar eigen zeggen voorkomen dat Reynders tot Europees commissaris zou benoemd worden, want dan zou het voor het parket worden moeilijker om een onderzoek te voeren.

Volgens de man was zijn strijd ingegeven door het algemeen belang. Het parket startte daarop een vooronderzoek, maar vrijdag meldde het parket dat het vooronderzoek zonder gevolg geklasseerd was, 'bij gebrek aan enig misdrijf'. Maandag meldde Apache dat Ullens bij het federaal parket klacht had ingediend voor doodsbedreigingen en belaging, informatie die intussen bevestigd wordt door de advocaat van Nicolas Ullens. De klacht is gericht tegen Didier Reynders en Jean-Claude Fontinoy, maar ook tegen drie andere personen: Hugues Brulin, Frank Jaumin en Frank Franceus.

Brulin werkte op het kabinet van Didier Reynders tot hij op 1 september 2015 benoemd werd als stafdirecteur bij de Staatsveiligheid, terwijl Frank Jaumin, die ook een protegé van Reynders zou zijn, hoofd van de dienst contraspionage werd en als dusdanig diensthoofd van Ullens. Frank Franceus is dan weer chef enquêtedienst van het Comité I en ex-kabinetschef van Geert Bourgeois. Volgens Ullens werkte hij in zijn tijd bij de Staatsveiligheid onder meer op de dossiers rond het verhuis van de federale politie naar het Rijksadministratief Centrum, rond het zogenaamde Kazakhgate-schandaal, rond de bouw van de Belgische ambassade in Congo, en rond de geblokkeerde Libische fondsen.

In allevier de dossiers zou hij op de namen van Reynders en Fontinoy gestoten zijn en minstens in het Kazakhgate-dossier zou er op hem druk zijn uitgeoefend om het onderzoek te stoppen of te doen mislukken. Toen Ullens naar het Comité-I stapte om één en ander aan te klagen, zou hij door Franceus geïntimideerd zijn, met de niet mis te verstane boodschap dat zijn getuigenis zijn leven en dat van zijn vier kinderen in gevaar kon brengen.

Volgens nieuwssite Apache zijn intussen ook twee anonieme getuigenissen opgedoken bij de politie, die melding maken van grote sommen geld die zouden betaald zijn aan de vzw 'Les plus beaux villages de Wallonie'. Dat is een vzw waarvan Jean-Claude Fontinoy ondervoorzitter is en volgens Nicolas Ullens is het één van de kanalen langswaar smeergeld wordt betaald. Ook Apache werd intussen gecontacteerd door een bron die anoniem wil blijven. Die bron, actief in de wereld van het vastgoed, stelt weet te hebben van minstens drie betalingen van telkens 25.000 euro aan de vzw, in de periode 2011-2015, door een projectontwikkelaar.