Wanneer mensen niet opdagen voor hun vaccinatieafspraak kost het vaak veel tijd en moeite voor het vaccinatiecentrum om andere mensen snel te mobiliseren om de vrijgekomen plaatsen in te nemen en geen vaccins verloren te laten gaan. Daarom werken de meeste vaccinatiecentra met reservelijsten, maar voor sommige centra is het niet duidelijk wie ze eerst moeten oproepen om lege plaatsen te vullen. Vanaf volgende week wordt gestart met de vaccinatie van de brede bevolking, te beginnen met de 85-plussers. Bij die doelgroep is de verwachting dat een deel van de groep niet zal of kan reageren op de uitnodiging en dat het niet evident is om over een snel oproepbare lijst van reservisten te beschikken. Daarom heeft het Agentschap Zorg en Gezondheid nieuwe richtlijnen uitgewerkt voor die reservelijst. Het algemene principe is en blijft dat het vaccinatiecentrum in de eerste plaats en zoveel mogelijk moet proberen om vrijgekomen plaatsen in te vullen met mensen uit de prioritaire doelgroep die gevaccineerd wordt. Er wordt dus best een reservelijst aangelegd met 65-plussers, het principe "oudste eerst" moet daarbij niet gehanteerd worden. Die reservelijst kan eventueel worden aangevuld met de partner of mantelzorger (indien 65+) van een persoon die werd uitgenodigd en die de persoon zal vergezellen naar het vaccinatiecentrum. Indien vaccinatiecentra er niet in slagen om 65-plussers te mobiliseren, wordt hen gevraagd om mensen uit te nodigen van een tweede reservelijst, die snel oproepbaar zijn. Die lijst moet worden samengesteld met mensen uit beroepsgroepen met een hoger besmettingsrisico. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen van de politie, kleuterleiders en personen werkzaam in de kinderopvang. Pas als al deze principes zijn toegepast, kunnen vaccinatiecentra hoogst uitzonderlijk overwegen mensen uit andere doelgroepen te vaccineren met als belangrijkste reden om geen vaccins verloren te laten gaan. De tweede prik met het coronavaccin van Pfizer/BioNTech kan tot 35 dagen na de eerste inspuiting worden gegeven. Dat hebben de ministers van Volksgezondheid beslist in een interministeriële conferentie, bevestigen goede bronnen aan Belga. De beslissing om de tweede prik wat langer uit te stellen betekent dat er sneller gevaccineerd kan worden. Tot nu toe werd voor elk geleverd Pfizer-vaccin een tweede achtergehouden, om te kunnen garanderen dat wie een eerste prik krijgt op tijd een tweede keer ingeënt kan worden, ook bij leveringsproblemen. De beslissing is het gevolg van een advies van de Hoge Gezondheidsraad van begin maart. Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke zei vorige week vrijdag op de persconferentie na afloop van het Overlegcomité al dat de verlenging van het interval tussen de twee Pfizer-inentingen een "bijkomende versnellingsmogelijkheid" zou bieden. (Belga)

Wanneer mensen niet opdagen voor hun vaccinatieafspraak kost het vaak veel tijd en moeite voor het vaccinatiecentrum om andere mensen snel te mobiliseren om de vrijgekomen plaatsen in te nemen en geen vaccins verloren te laten gaan. Daarom werken de meeste vaccinatiecentra met reservelijsten, maar voor sommige centra is het niet duidelijk wie ze eerst moeten oproepen om lege plaatsen te vullen. Vanaf volgende week wordt gestart met de vaccinatie van de brede bevolking, te beginnen met de 85-plussers. Bij die doelgroep is de verwachting dat een deel van de groep niet zal of kan reageren op de uitnodiging en dat het niet evident is om over een snel oproepbare lijst van reservisten te beschikken. Daarom heeft het Agentschap Zorg en Gezondheid nieuwe richtlijnen uitgewerkt voor die reservelijst. Het algemene principe is en blijft dat het vaccinatiecentrum in de eerste plaats en zoveel mogelijk moet proberen om vrijgekomen plaatsen in te vullen met mensen uit de prioritaire doelgroep die gevaccineerd wordt. Er wordt dus best een reservelijst aangelegd met 65-plussers, het principe "oudste eerst" moet daarbij niet gehanteerd worden. Die reservelijst kan eventueel worden aangevuld met de partner of mantelzorger (indien 65+) van een persoon die werd uitgenodigd en die de persoon zal vergezellen naar het vaccinatiecentrum. Indien vaccinatiecentra er niet in slagen om 65-plussers te mobiliseren, wordt hen gevraagd om mensen uit te nodigen van een tweede reservelijst, die snel oproepbaar zijn. Die lijst moet worden samengesteld met mensen uit beroepsgroepen met een hoger besmettingsrisico. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen van de politie, kleuterleiders en personen werkzaam in de kinderopvang. Pas als al deze principes zijn toegepast, kunnen vaccinatiecentra hoogst uitzonderlijk overwegen mensen uit andere doelgroepen te vaccineren met als belangrijkste reden om geen vaccins verloren te laten gaan. De tweede prik met het coronavaccin van Pfizer/BioNTech kan tot 35 dagen na de eerste inspuiting worden gegeven. Dat hebben de ministers van Volksgezondheid beslist in een interministeriële conferentie, bevestigen goede bronnen aan Belga. De beslissing om de tweede prik wat langer uit te stellen betekent dat er sneller gevaccineerd kan worden. Tot nu toe werd voor elk geleverd Pfizer-vaccin een tweede achtergehouden, om te kunnen garanderen dat wie een eerste prik krijgt op tijd een tweede keer ingeënt kan worden, ook bij leveringsproblemen. De beslissing is het gevolg van een advies van de Hoge Gezondheidsraad van begin maart. Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke zei vorige week vrijdag op de persconferentie na afloop van het Overlegcomité al dat de verlenging van het interval tussen de twee Pfizer-inentingen een "bijkomende versnellingsmogelijkheid" zou bieden. (Belga)