Het Gentse hof van assisen veroordeelde Kim De Gelder op 22 maart 2013 tot levenslang voor vier moorden en 25 moordpogingen. Zijn advocaat Jaak Haentjens had gepleit voor een internering omdat De Gelder schizofreen zou zijn. De jury oordeelde echter dat Kim De Gelder toerekeningsvatbaar was en op het tijdstip van de feiten niet verkeerde in een ernstige staat van geestesstoornis. De Gelder ging volgens zijn advocaat na de veroordeling verder achteruit en hij verhuisde de voorbije jaren enkele keren van gevangenis. Hij verblijft nu in de gevangenis van Gent, maar toen hij in 2017 in de gevangenis van Oudenaarde verbleef, diende de gevangenisdirecteur een verzoek tot internering in. Dat werd mogelijk in de nieuwe interneringswet, en het is de kamer voor de bescherming van de maatschappij (KBM) die daarover moest oordelen. Die beval vier gerechtsdeskundigen om De Gelder te onderzoeken. De Gelder is voor de experts ontoerekeningsvatbaar en het openbaar ministerie verzette zich niet langer tegen een internering. De KBM besliste eind mei om De Gelder te interneren, verwijzend naar het verslag van de deskundigen en naar die van de gevangenisdirecteurs van Oudenaarde en Gent. Daarna werd gedebatteerd over de vraag naar welke inrichting De Gelder moest overgebracht worden. Het gaat om de Forensisch Psychiatrisch Centra (FPC) van Gent of Antwerpen en de Inrichting tot Bescherming van de Maatschappij (IBM) in Turnhout of Merksplas. Uiteindelijk besliste de KBM dat het een Inrichting tot Bescherming van de Maatschappij zal worden, in Turnhout of in Merksplas. Een keuze die wellicht binnen de week zal worden gemaakt. "Er is wel ingegaan op het regioverbod op vraag van de slachtoffers", zegt persrechter Mieke Dossche. "Hij heeft een compleet contactverbod en regioverbod in Oost-Vlaanderen." De Gelder moet dus naar een Inrichting tot Bescherming van de Maatschappij gaan en niet naar een Forensisch Psychiatrisch Centrum. Daar is een gegronde reden voor, vindt de KBM. "Hij is momenteel niet behandelingsvatbaar, omdat hij zich niet wil laten behandelen", aldus Dossche. "Hij heeft immers geen ziekte-inzicht, dus daarom gaat men hem eerst bij een Inrichting tot Bescherming van de Maatschappij bekijken en pas nadien kan hij misschien naar een Forensisch Psychiatrisch Centrum." (Belga)