De eindtermen zijn het minimum van wat leerlingen moeten kennen en kunnen. Aan de nieuwe, aangescherpte eindtermen voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs wordt al ruim twee jaar gewerkt, in samenspraak met onder meer de koepels en onderwijsexperts.

Katholiek Onderwijs Vlaanderen is niet tevreden. 'Er zijn te veel eindtermen en er is te weinig onderwijstijd om ze grondig te verwerven. Zo kunnen we geen kwaliteit bieden. Leerlingen zullen over alles nog iets leren, maar niets meer grondig', verklaart directeur-generaal Lieven Boeve.

Er zijn een aantal zaken waar men bij het Katholiek Onderwijs Vlaanderen over struikelt. Ten eerste zouden scholen en leraren geen ruimte of tijd hebben om eigen keuzes te maken in wat aan bod komt en in hoe ze het willen aanpakken. 'De leraar die lesgeeft uit passie en expertise, wordt gedegradeerd tot louter uitvoerder van wat de overheid vraagt', klinkt het. Daarnaast zou het aantal zelf in te vullen vrije lesuren in het gedrang komen. Verder verliezen het aso, tso en kso volgens de koepel hun karakter. Er zou te weinig aandacht zijn voor de verscheidenheid bij de leerlingen, die kiezen voor specifieke studierichtingen op basis van hun capaciteiten en interesses.

Ook de Raad van State liet eerder al weten ernstige bedenkingen te hebben bij de nieuwe eindtermen, onder meer bij de omvang en de gedetailleerdheid. De regering reageerde daarop met enkele aanpassingen. Zo wordt een praktijkcommissie opgericht die moet oordelen of de invoering goed verloopt in tso, bso en kso. Op basis van de bevindingen kan er al na één schooljaar worden bijgestuurd.

"We kunnen het ons niet permitteren om nog meer onderwijskwaliteit te verliezen en we moeten nu streven naar méér onderwijskwaliteit. Met die doelstelling hebben 230 mensen uit het onderwijs zelf - waaronder veel mensen van Katholiek Onderwijs Vlaanderen - twee jaar lang gewerkt aan de nieuwe eindtermen", reageert Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. "De keuzes die gemaakt werden, werden gemaakt door mensen uit de praktijk - niet door politici. De nieuwe eindtermen zullen ook geëvalueerd worden door mensen uit de praktijk, die praktijkcommissie zal trouwens geleid worden door een directeur die uit het katholiek onderwijs komt. Het werkstuk van het onderwijsveld en de evaluatie door de praktijkcommissie verdienen een faire kans."

De eindtermen zijn het minimum van wat leerlingen moeten kennen en kunnen. Aan de nieuwe, aangescherpte eindtermen voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs wordt al ruim twee jaar gewerkt, in samenspraak met onder meer de koepels en onderwijsexperts. Katholiek Onderwijs Vlaanderen is niet tevreden. 'Er zijn te veel eindtermen en er is te weinig onderwijstijd om ze grondig te verwerven. Zo kunnen we geen kwaliteit bieden. Leerlingen zullen over alles nog iets leren, maar niets meer grondig', verklaart directeur-generaal Lieven Boeve. Er zijn een aantal zaken waar men bij het Katholiek Onderwijs Vlaanderen over struikelt. Ten eerste zouden scholen en leraren geen ruimte of tijd hebben om eigen keuzes te maken in wat aan bod komt en in hoe ze het willen aanpakken. 'De leraar die lesgeeft uit passie en expertise, wordt gedegradeerd tot louter uitvoerder van wat de overheid vraagt', klinkt het. Daarnaast zou het aantal zelf in te vullen vrije lesuren in het gedrang komen. Verder verliezen het aso, tso en kso volgens de koepel hun karakter. Er zou te weinig aandacht zijn voor de verscheidenheid bij de leerlingen, die kiezen voor specifieke studierichtingen op basis van hun capaciteiten en interesses. Ook de Raad van State liet eerder al weten ernstige bedenkingen te hebben bij de nieuwe eindtermen, onder meer bij de omvang en de gedetailleerdheid. De regering reageerde daarop met enkele aanpassingen. Zo wordt een praktijkcommissie opgericht die moet oordelen of de invoering goed verloopt in tso, bso en kso. Op basis van de bevindingen kan er al na één schooljaar worden bijgestuurd."We kunnen het ons niet permitteren om nog meer onderwijskwaliteit te verliezen en we moeten nu streven naar méér onderwijskwaliteit. Met die doelstelling hebben 230 mensen uit het onderwijs zelf - waaronder veel mensen van Katholiek Onderwijs Vlaanderen - twee jaar lang gewerkt aan de nieuwe eindtermen", reageert Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. "De keuzes die gemaakt werden, werden gemaakt door mensen uit de praktijk - niet door politici. De nieuwe eindtermen zullen ook geëvalueerd worden door mensen uit de praktijk, die praktijkcommissie zal trouwens geleid worden door een directeur die uit het katholiek onderwijs komt. Het werkstuk van het onderwijsveld en de evaluatie door de praktijkcommissie verdienen een faire kans."