Werden ze afgeluisterd, en door wie? Dat is de eenvoudige vraag waarop Peter van Calster en Karel Anthonissen eindelijk een antwoord willen, nu ze allebei hun oorlog tegen het zwarte vermogen hebben moeten bekopen door aan de kant geschoven te worden.
...

Werden ze afgeluisterd, en door wie? Dat is de eenvoudige vraag waarop Peter van Calster en Karel Anthonissen eindelijk een antwoord willen, nu ze allebei hun oorlog tegen het zwarte vermogen hebben moeten bekopen door aan de kant geschoven te worden. Van Calster verdiende zijn naam en faam in 2011 toen hij als Antwerps procureur het voortouw nam in de zoektocht naar grootschalige diamantfraude. In Gent was het Anthonissen die jarenlang met grenzeloze passie het onderste uit de kan van het zwart geld haalde, en daarbij in botsing kwam met onder meer BBI-topman Frank Philipsen, Europees commissaris Karel De Gucht, en topman van de FOD Financiën Hans D'Hondt. Voor beiden begon 2017 niet bepaald onder een goed gesternte. Een maand terug werd Peter Van Calster na een tuchtprocedure ontslagen als magistraat en procureur, in januari was Karel Anthonissen al - middels een ingewikkeld spelletje politiek stratego - uitgerangeerd als gewestelijk directeur bij de Bijzondere Belastingsinspectie. Maar de twee voormalige fraudejagers leggen zich er niet bij neer. Na al die jaren willen ze eindelijk een definitief antwoord: werden ze afgeluisterd door hun eigen oversten? 'Sinds meer dan een jaar hebben we informele berichten gekregen uit kringen van politie en justitie, dat Peter Van Calster en ik tot vier keer toe afgeluisterd werden,' zegt Anthonissen. Informeel betekent niet dat de aanwijzingen niet concreet waren. De tips die ze kregen vermeldden vier specifieke periodes - een lange periode in 2012 en dan drie korte in 2015 en 2016 - en ook mogelijke indicaties van wat er precies gezocht werd. 'We hebben daar natuurlijk geen enkel hard bewijs van - maar goed, Donald Trump heeft ook nog geen bewijs van de afluisterpraktijken waar hij het over heeft. Al hebben wij het wel iets discreter gespeeld.'Van Calster en Anthonissen gingen te rade bij het Hof van Cassatie, om duidelijkheid te krijgen. Via die weg kregen ze van het Antwerps parket een officiële ontkenning, een bericht dat ze niet waren afgeluisterd. De tips over de afluisterpraktijken waren echter zo concreet dat de twee besloten: als we niet officieel en legaal zijn afgeluisterd, dan moet het illegaal gebeurd zijn. Van Calster nam het heft daarop zelf in handen, en stuurde vanuit zijn functie als procureur een brief naar de betrokken telecomproviders, Proximus en Telenet, om te vragen of zij een telefoontap hadden moeten opzetten.Anthonissen: 'Zij hebben een ontwijkend antwoord gegeven, en juridisch wat rond de pot gedraaid. Ze zeiden dat ze eerst moesten onderzoeken of ze wel op die vraag in moesten gaan. Tegelijk hebben ze ook de procureur van Antwerpen ingelicht dat ze door Van Calster bevraagd zijn. Op grond daarvan is het parket dan een tuchtprocedure tegen hem begonnen, omwille van twee redenen: het verspreiden van ongeverifieerde berichten, en het onrechtmatig gebruik maken van zijn opsporingsbevoegdheid als procureur. Als betrokken partij had hij zijn eigen onderzoek niet mogen voeren, zo gaat de redenering.' Het is die tuchtprocedure die recent het ontslag van de Antwerpse magistraat leidde, al hoopt hij in beroep zijn straf afgezwakt te kunnen krijgen.De vragen die Van Calster niet mocht stellen aan Proximus en Telenet, leggen ze nu op een andere manier voor aan de twee telecombedrijven. 'We hebben een strafklacht ingediend bij de rechtbank van eerste aanleg in Brussel. Wij hebben sterke, concrete aanwijzingen dat wij afgeluisterd zijn, dus stellen wij ons burgerlijke partij en willen wij dat de onderzoeksrechter simpelweg diezelfde vragen stelt aan Proximus en Telenet,' aldus Anthonissen. 'Ergens moet een onderzoeksrechter of een andere instantie de opdracht gegeven hebben en die op papier gezet hebben.'Wat er met die vermeende telefoontaps gezocht werd, blijft voorlopig een raadsel. Anthonissen: 'Die diamantoorlog eind 2011 was eigenlijk maar een veldslag in onze ruimere financiële oorlog tegen het zwarte kapitaal. Peter had op dat moment het dossier in handen gekregen van HSBC in Genève, en daar zaten veel Antwerpse diamantairs tussen. Ik op mijn beurt ging eens een kijkje nemen naar de zaken bij de buren: Picqeur en Optima. Ons doel was om in Gent en Antwerpen te beginnen en zo naar de grootste spelers - Dexia en Fortis - op te rukken. Het is mijn opvatting dat men ons daar heeft willen tegenhouden.''Onze stelling is dat het afluisteren daar maar een onderdeeltje van is - misschien om ons te betrappen op het schenden van ons beroepsgeheim, bij wijze van intimidatie, of om onze strategie te weten te komen. Wie zal het zeggen? De vijand afluisteren, dat is een onderdeel van de oorlog.'