Het Brusselse parket openende recent een opsporingsonderzoek naar Reynders na beschuldigingen van een ex-geheim agent. De man, Nicolas Ullens, werkte van 2007 tot 2018 bij de Staatsveiligheid en maakte in zijn politieverhoor gewag van smeergeld dat zou zijn betaald bij een reeks overheidsopdrachten en overheidsaankopen. 'Bij gebrek aan enig misdrijf' werd het vooronderzoek vorige week zonder gevolg geklasseerd.

Maandag raakte dan bekend dat Ullens nu bij het federaal parket klacht heeft ingediend voor doodsbedreigingen en belaging.

Tijdens zijn hoorzitting in het Europees Parlement bracht Reynders, genomineerd als commissaris voor Justitie en Consumentenbescherming, vrijwel meteen zelf de beschuldigingen ter sprake. 'Iedereen van ons kan blootgesteld worden aan zo'n kwaadwillige aanval', zei hij.

Reynders zei te hopen dat niemand moet doorstaan wat hij en zijn familie de afgelopen weken hebben moeten doorstaan. Als hij bevestigd wordt als commissaris, zal Reynders onder meer moeten toezien op de naleving van de rechtsstaatsprincipes in de EU-lidstaten. 'De rechtsstaat impliceert ook het vermoeden van onschuld, daarover wil ik duidelijk zijn', verwees hij naar zijn eigen situatie.

Reynders kreeg van von der Leyen de opdracht een mechanisme te ontwikkelen waarmee elk jaar de toestand van de rechtsstaat in de 27 EU-landen wordt nagegaan. Al tijdens het eerste werkjaar van de Commissie, die normaal gezien op 1 november van start gaat, wil Reynders het eerste rechtsstaatrapport publiceren. 'Dit rapport', aldus Reynders, 'zal een objectieve synthese bieden van de betekenisvolle ontwikkelingen wat betreft de rechtsstaat in alle lidstaten en op EU-niveau.'

De landen waar 'specifieke risico's' bestaan, zullen meer aandacht krijgen. Reynders noemt geen enkel land bij naam, maar tegen zowel Polen als Hongarije loopt nu reeds een zogenaamde artikel 7-procedure. Ook over Roemenië, Malta en Slovakije klinken in Europese middens kritische geluiden.

Als commissaris voor Justitie zal Reynders ook toezien op de volledige implementatie van de Europese privacyverordening (GDPR) en zich inspannen voor een betere justitiële samenwerking tussen Europese instanties en met derde landen. Op de vraag of hij het Europees aanhoudingsbevel wil herzien, antwoordt Reynders dat hij dat ernstig zal overwegen. Consumentenbescherming wordt een andere belangrijk luik van Reynders' portfolio.

De leden van de twee bevoegde commissies kunnen maximaal 25 vragen stellen. Reynders kan er van verschillende landgenoten vragen krijgen: Saskia Bricmont (Ecolo), Assita Kanko (N-VA) en Tom Vandendriessche (Vlaams Belang) zijn alle drie lid van de commissie Burgerlijke vrijheden, Olivier Chastel (MR), Kris Peeters (CD&V) en Hilde Vautmans (Open VLD) zijn er plaatsvervangers.

In de commissie Juridische zaken daarentegen zetelen geen Belgen. In de commissie Interne markt, die na afloop weliswaar niet deelneemt aan de evaluatie van Reynders' mondelinge examen, zetelen Petra De Sutter (Groen) en Kris Peeters als effectieve leden en Pascal Arimont (van de Duitstalige CSP), Geert Bourgeois (N-VA) en Tom Vandendriessche als plaatsvervangers. Als Reynders dat wil, kan hij op het einde van zijn hoorzitting nog een korte afsluitende verklaring afleggen.

Na afloop wordt Reynders voor een persconferentie verwacht en komen de verantwoordelijken van de commissies Burgerlijke vrijheden en Juridische zaken bijeen voor een evaluatievergadering. Zij beschikken dan over 24 uur om hun oordeel op papier te zetten.

Als de kandidatuur van Reynders niet bij unanimiteit wordt goed- of afgekeurd, volstaat een tweederdemeerderheid. Wordt er geen tweederdemeerderheid bereikt, dan zullen de commissies Reynders om aanvullende schriftelijke informatie vragen en hem indien nodig uitnodigen voor een tweede, kortere hoorzitting. Daarna volgt de eindevaluatie.