Onderwijs is in ons land een bevoegdheid van de gemeenschappen, maar de leerplichtleeftijd valt nog onder het federale niveau. Al sinds de jaren tachtig ligt die leeftijd op zes jaar, maar er gaan al jaren stemmen op om die grens wat lager te leggen. Vijftien jaar geleden braken de liberalen daar bijvoorbeeld al een lans voor.

Het belangrijkste motief is het wegwerken van de sociale ongelijkheid. In Vlaanderen gaan bijna alle vijfjarigen nu al naar de kleuterschool, en het leeuwendeel zelfs al vanaf de instapleeftijd van 2,5 jaar. De uitzonderingen zijn veelal kinderen met een migratieachtergrond of van laaggeschoolde ouders in de grote steden.

De pleitbezorgers van een lagere leeftijd benadrukken dat een vroege participatie aan het onderwijs cruciaal is voor de latere kansen op de schoolbanken en nadien ook in het professionele leven. Met de regelmaat van de klok doken de voorbije jaren voorstellen op om leerplicht vanaf vijf jaar in te voeren, maar die stierven steevast een stille dood. Nu bleek er een brede consensus te bestaan en kwam er ook een positief advies van de Vlaamse regering.

Daardoor zullen vanaf 1 september 2020, binnen anderhalf jaar dus, vijfjarigen voldoen aan de leerplicht. Die periode moet scholen de tijd bieden zich voor te bereiden. De Vlaamse regering wilde niet dat er een verplichting zou komen om in de kleuterklas godsdienst aan te bieden. De Grondwet schrijft vandaag immers voor dat openbare scholen de erkende godsdiensten en zedenleer moeten aanbieden tijdens de volledige leerplicht. Om dat te bewerkstelligen, zou er dus een wijziging van de Grondwet moeten komen.

Voor alle duidelijkheid: leerplicht is niet hetzelfde als schoolplicht. Om aan de leerplicht te voldoen, moet een kind ofwel naar school gaan, ofwel huisonderwijs krijgen.