Eind deze maand stapt het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. Tot eind dit jaar is er echter een overgangsperiode, waarin het VK en de EU een akkoord moeten proberen te vinden over hun toekomstige handelsrelaties. Komt er geen akkoord, dan dreigt een harde brexit, die volgens het Planbureau kan leiden tot een verlies van 42.000 jobs in ons land. Om dat jobverlies tegen te gaan, werkte CD&V-Kamerlid Nahima Lanrji, met de steun van MR, Open Vld en cdH, een wetsvoorstel uit dat zijn inspiratie vond in de crisismaatregelen die ook tijdens de financiële crisis na 2009 van kracht waren. Zo zouden ondernemingen erkend worden als werkgever in moeilijkheden ten gevolge van de brexit als hun omzet, productie of bestellingen dalen met ten minste 5%. Eens erkend, zullen bedrijven een beroep kunnen doen op drie ondersteuningsmaatregelen. Ze kunnen kiezen voor een specifiek systeem van economische werkloosheid. Werknemers zouden ook tijdelijke individuele arbeidsduurvermindering kunnen krijgen, met een compensatie voor loonverlies. Of bedrijven kunnen collectieve arbeidsduurvermindering invoeren en hiervoor een vermindering van sociale bijdragen krijgen. Het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) is tevreden met de nieuwe wet. "We zijn tevreden dat we ons met de voorgestelde maatregelen op alle mogelijke scenario's voorbereiden, want de toekomst van de werkgelegenheid in ons land hangt hier voor een stuk van af", zegt directeur-generaal Monica De Jonghe. Het VBO betreurt wel dat de erkenningsprocedure niet werd vereenvoudigd. "Het extreem logge cascadesysteem van sociaal overleg, dat bestond voor de crisismaatregelen in 2009, werd vereenvoudigd via één erkenningsaanvraag zonder dat er nog bijkomend een ondernemingsplan moet worden opgesteld. Dat is op zich een goede zaak, maar het VBO had dit cascadesysteem liever geschrapt gezien: het betekent immers enkel en alleen maar meer administratieve verplichtingen voor ondernemingen die sowieso al omzetverlies lijden" luidt het. (Belga)

Eind deze maand stapt het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. Tot eind dit jaar is er echter een overgangsperiode, waarin het VK en de EU een akkoord moeten proberen te vinden over hun toekomstige handelsrelaties. Komt er geen akkoord, dan dreigt een harde brexit, die volgens het Planbureau kan leiden tot een verlies van 42.000 jobs in ons land. Om dat jobverlies tegen te gaan, werkte CD&V-Kamerlid Nahima Lanrji, met de steun van MR, Open Vld en cdH, een wetsvoorstel uit dat zijn inspiratie vond in de crisismaatregelen die ook tijdens de financiële crisis na 2009 van kracht waren. Zo zouden ondernemingen erkend worden als werkgever in moeilijkheden ten gevolge van de brexit als hun omzet, productie of bestellingen dalen met ten minste 5%. Eens erkend, zullen bedrijven een beroep kunnen doen op drie ondersteuningsmaatregelen. Ze kunnen kiezen voor een specifiek systeem van economische werkloosheid. Werknemers zouden ook tijdelijke individuele arbeidsduurvermindering kunnen krijgen, met een compensatie voor loonverlies. Of bedrijven kunnen collectieve arbeidsduurvermindering invoeren en hiervoor een vermindering van sociale bijdragen krijgen. Het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) is tevreden met de nieuwe wet. "We zijn tevreden dat we ons met de voorgestelde maatregelen op alle mogelijke scenario's voorbereiden, want de toekomst van de werkgelegenheid in ons land hangt hier voor een stuk van af", zegt directeur-generaal Monica De Jonghe. Het VBO betreurt wel dat de erkenningsprocedure niet werd vereenvoudigd. "Het extreem logge cascadesysteem van sociaal overleg, dat bestond voor de crisismaatregelen in 2009, werd vereenvoudigd via één erkenningsaanvraag zonder dat er nog bijkomend een ondernemingsplan moet worden opgesteld. Dat is op zich een goede zaak, maar het VBO had dit cascadesysteem liever geschrapt gezien: het betekent immers enkel en alleen maar meer administratieve verplichtingen voor ondernemingen die sowieso al omzetverlies lijden" luidt het. (Belga)