Justitieminister Van Quickenborne: ‘Klassieke gevangenisstraf moet de uitzondering worden’

© ID/ ID/ PHOTO AGENCY
Michel Vandersmissen
Michel Vandersmissen Redacteur van Knack
Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

‘Er zitten te veel mensen in onze gevangenissen die daar niet thuishoren, zoals opnieuw meer dan 800 geïnterneerden en verdachten in voorarrest die op hun rechtszaak wachten’, zegt minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD).’Collega Patrick Dewael vertelde me onlangs dat zijn eerste opdracht bij toenmalig minister van Justitie Herman Vanderpoorten erin bestond de overbevolking van de gevangenissen aan te pakken. Dat was in de jaren tachtig. Maar kijk, de toestand is niet hopeloos. De Finnen maakten hetzelfde mee en nu hebben ze zelfs cellen te veel.’

Welke lessen hebt u geleerd in Finland?

Vincent Van Quickenborne: Dat we meer moeten luisteren naar experts. We moeten de publieke opinie ervan overtuigen dat de focus niet moet liggen op de kwantiteit van de straffen, maar wel op de kwaliteit. In onze gevangenissen is er een manifest gebrek aan begeleiders die gevangenen voorbereiden op hun vrijlating en de re-integratie in de samenleving.

In Finland spreekt men niet van gevangenen, maar van cliënten.

Van Quickenborne: Dat is niet onbelangrijk. We moeten af van het vooroordeel dat elke veroordeelde bij voorbaat verloren is. Daarom spreken we in onze detentiehuizen straks ook over bewoners in plaats van gedetineerden en niet meer over cipiers, maar detentiebegeleiders. De aanpak in die kleinschalige huizen zal helemaal anders zijn. Het gaat om mensen die vaak voor de eerste keer veroordeeld zijn voor een korte straf – maximaal drie jaar – en bereid zijn om hun leven weer in handen te nemen. Voor 80 procent van de gedetineerden in onze gevangenissen heb je helemaal geen hoge beveiliging nodig, maar begeleiding op maat. In Kortrijk zal plaats zijn voor 50 bewoners. Daarna volgt Berkendael in Brussel met 60 plaatsen. In 2025 opent een huis voor 24 bewoners in de oude rijkswachtkazerne in Ninove.

In Finland verblijven zelfs veroordeelde moordenaars in open detentiehuizen. Bent u dat ook van plan?

Van Quickenborne: Die moordenaars zaten in Finland wel eerst een aantal jaren in een klassieke gevangenis. Maar zover wil ik niet gaan. Bij ons komen veroordeelden voor zware feiten niet in aanmerking voor detentiehuizen. Die zijn gericht op first offenders met een korte straf. Dat is de enige manier om de overbevolking ten gronde te bestrijden. Al zal het wellicht nog tien jaar duren voor ze opgelost raakt. Tegen 2050 zou het merendeel van de straffen uitgevoerd moeten worden in detentiehuizen. De klassieke gevangenisstraf moet dan de uitzondering zijn. In Finland zit 50 procent van de gevangenen in zo’n gevangenissysteem. Ook in ons land is daar ruimte voor. 80 procent van de gedetineerden die vrijkomen uit onze gevangenissen hoeft geen gevaar meer te betekenen als je ze intensief voorbereidt op hun vrijlating.

We moeten de publieke opinie overtuigen dat kwalitatieve straffen beter zijn dan lange straffen.

Zullen de Belgische detentiehuizen volledig open zijn, zoals in Finland?

Van Quickenborne: Nee. Bewoners zullen meer vrijheid krijgen binnen de muren van het detentiehuis dan in een klassieke gevangenis, maar ze zullen niet zomaar binnen of buiten kunnen. Bewoners kunnen overdag naar buiten gaan, bijvoorbeeld om te solliciteren, maar enkel na toelating. Zo’n detentiehuis ziet eruit als een gewoon gebouw, dus zonder hoge omheiningsmuren met prikkeldraad en tralies voor de ramen. Er zal wel camerabewaking zijn en alles is goed afgesloten.

De publieke opinie hebt u nog niet mee.

Van Quickenborne: In Finland was er in het begin ook weerstand. Ik denk dat het de publieke opinie in ons land vooral tegen de borst stuit dat zo veel straffen niet worden uitgevoerd. Als je dat in orde brengt, dan ben ik er zeker van dat je op heel wat meer begrip kunt rekenen.

Ik trek mij op aan het voorbeeld van het transitiehuis in Edingen. Het werd in 2017 onder massaal protest van de om- wonenden geopend door mijn voorganger (Koen Geens, CD&V, nvdr). Het werd geëxploiteerd door een vzw. Onlangs werd het initiatief stopgezet na het wegvallen van subsidies van de Waalse overheid. Er was opnieuw protest… omdat het huis slóót.

Wanneer presenteert u het nieuwe strafwetboek, dat u al even belooft?

Van Quickenborne: We hopen het na de zomer naar de ministerraad te brengen voor een eerste lezing. Het is een complex werk.

Wat zijn de belangrijkste krijtlijnen?

Van Quickenborne: Het huidige strafwetboek dateert van 1867. De samenleving en dus ook de inbreuken zijn sindsdien totaal veranderd. In het nieuwe strafwetboek worden alle inbreuken ingedeeld in acht strafniveaus. Voor criminele straffen op misdaden voorziet de wetgever twee niveaus (meer dan 20 jaar tot en met levenslang) en zes niveaus voor correctionele straffen op wanbedrijven. Op wanbedrijven in de eerste categorie zullen geen gevangenisstraffen meer staan. Het gaat bijvoorbeeld om verkeersmisdrijven zonder slachtoffers, over coronaovertreders of iemand zoals plastisch chirurg Jeff Hoeyberghs, die onlangs een celstraf kreeg van 10 maanden waarvan de helft met uitstel voor onder meer seksisme en discriminatie. Het lijkt mij beter om zo iemand een alternatieve straf te geven. Laat hem bijvoorbeeld een paar maanden meedraaien in Payoke, waar vrouwelijke slachtoffers van seksueel geweld worden opgevangen.

En categorie 2?

Van Quickenborne: Dat zijn misdrijven waarbij de gevangenisstraf pas als tweede optie geldt. Men moet eerst kiezen voor een alternatieve straf. Als de rechter daarvan afwijkt, moet hij dat motiveren.

Finse rechters geven in de helft van alle zaken een alternatieve straf.

Van Quickenborne: Onlangs vroeg ik aan een groep verkeersrechters waarom ze zo veel gevangenisstraffen uitspreken. Het verkeerscentrum Vias gaat helemaal anders te werk en gebruikt alternatieve leerstraffen voor zware verkeersovertreders, zoals het verplicht volgen van een opleiding. De recidive is zo met 41 procent gedaald.

En wat was hun antwoord?

Van Quickenborne: Ze zijn terecht boos omdat in dit land korte straffen, tot drie jaar, niet worden uitgevoerd. Dat veroorzaakt die strafinflatie. Zij zeggen: ik wil per se dat die man of vrouw naar de gevangenis gaat en dus krijgen ze een straf van 36 maanden, plus één maand. Om dezelfde reden geven onderzoeksrechters vaker voorarrest dan in andere landen. Daarom wil ik ook dat die korte straffen wél worden uitgevoerd. Om die spiraal te doorbreken. Daarom starten we op 1 september met de uitvoering van de eerste korte straffen.

Onlangs was er beroering omdat u een structurele korting van zes maanden zou geven aan gevangenen.

Van Quickenborne: Uit de cijfers die onlangs gepubliceerd werden in De Standaard blijkt dat het aantal gevangenen die hun straf volledig uitzitten aan het dalen is. Maar meer dan de helft zit nog altijd twee derde van hun straf uit. Sommigen zien dat als een schande, anderen als een vooruitgang. Het betekent nu eenmaal dat meer mensen voorwaardelijk vrijkomen. En die voorwaarden impliceren dat je hen beter kunt opvolgen en begeleiden terwijl ze integreren in de samenleving.

Het zal niet makkelijk zijn politieke partners te vinden voor uw hervormingen. Rechtse en extreemrechtse partijen roepen om verstrengingen in plaats van versoepelingen.

Van Quickenborne: Wat moeten we doen? Kiezen voor de Amerikaanse aanpak: lock them up and throw away the keys? Iedereen weet dat die aanpak totaal niet werkt. Je scoort er natuurlijk wel mee bij een deel van de publieke opinie. Ik kies liever voor een humaan én efficiënt strafbeleid. De Finse aanpak toont dat je meer resultaten boekt met een menselijke aanpak dan met de manier waarop we het hier al decennialang tevergeefs proberen.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content