Iedere week zoekt Knack naar misleidende informatie op het internet.
...

In het Vlaams Parlement ondervroeg Kathleen Krekels (N-VA) op 25 februari onderwijsminister Ben Weyts (N-VA) over het mentale en fysieke welzijn van scholieren. Weyts antwoordde met enkele cijfers die zijn kabinet had opgevraagd bij de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB's). De statistieken schetsen een verontrustend beeld. Het opvallendste cijfer? In de eerste vijf maanden van het huidige schooljaar waren bijna tien keer zoveel dossiers rond 'verontrustende opvoedingssituaties' doorgegeven aan het parket. Dat doen CLB's normaal gezien alleen bij acuut gevaar, zoals geweld of seksueel misbruik, of wanneer ouders alle hulp weigeren. De minister besloot: 'U ziet alvast dat er echt een probleem is. Vandaar: de scholen volledig open, als het even kan, ook voor de tweede en de derde graad. Dat blijft absoluut nodig.'Weyts herhaalde de CLB-cijfers op 3 maart bij De Ochtend (Radio 1) en koppelde er ook daar de conclusie aan 'dat in een welvarende regio als Vlaanderen voor sommige leerlingen de school de enige veilige thuis is'. Ook in het vorige nummer van Knack plaatste de onderwijsminister de problematiek in een pleidooi om scholen na de paasvakantie weer te laten overschakelen op voltijds contactonderwijs: 'We hebben een ongelooflijke piek gezien in de meldingen van seksueel misbruik en huiselijk geweld, als gevolg van de schoolsluiting.' Maar een dag later, op 4 maart, klonk een ander geluid, opnieuw bij De Ochtend op Radio 1. Mario Wijns, substituut-procureur des Konings bij het Antwerpse parket, vertelde er dat het aantal dossiers bij de parketten over 'verontrustende opvoedingssituaties' in 2020 op nationaal vlak net gedááld was ten opzichte van 2019. De CLB's zijn maar een van vele sporen waarlangs dossiers kunnen doorvloeien naar het parket, maar de discrepantie tussen beide getuigenissen is opvallend. We vroegen de cijfers op bij de CLB's en kregen hetzelfde document in handen als het kabinet-Weyts. Daarin valt wel degelijk te lezen dat er vorig schooljaar tussen september en januari maar 39 dossiers doorverwezen werden naar het parket en dit schooljaar opeens 305. Maar, opvallend, van die 305 doorverwijzingen zouden er liefst 209 dateren uit één maand: september 2020. Dat is 2,5 keer zo vaak als in het hele schooljaar 2019-2020, dat ook de eerste lockdown omvat. In de maanden nadien liggen de cijfers iets meer in de lijn van vorig jaar. De tabel samenstellen voor de recentste vijf maanden blijkt geen eenvoudig proces. De cijfers zijn afkomstig uit LARS, het Leerlingen Activiteiten en Registratie Systeem van de CLB's. Het resultaat is een nogal rommelige tabel met cijfers die nog dagelijks worden geüpdatet. De datum van invoering in LARS stemt ook niet noodzakelijk overeen met de datum van de daadwerkelijke doorverwijzing. LARS is een enorme databank en ook een soort manusje-van-alles. In coronatijden wordt het zelfs gebruikt om contactonderzoek te organiseren. Na doorgedreven onderzoek komen de CLB's met een verklaring voor het hoge aantal doorverwijzingen in september 2020. Die ene anomalie blijkt het gevolg van een (ondertussen rechtgezette) softwarefout. Het echte cijfer ligt geen tienmaal hoger maar eerder dubbel zo hoog. Het debat over de rol van scholen in de coronacrisis is stilaan ook aan zijn eerste verjaardag toe. Zijn de scholen een motor van de verspreiding van het virus? Moeten mondmaskers verplicht worden, en vanaf welke leeftijd? Wat is de impact van afstandsonderwijs en klassen in quarantaine op leerachterstand? Vallen bepaalde groepen kwetsbare leerlingen uit de boot, die thuis geen computer hebben? De cijfers worden al snel munitie in een felle woordenstrijd over het openhouden van de scholen. Tegenstanders van schoolsluitingen schuiven leerachterstand, toenemende kindermishandeling en afbrokkelend welzijn in de schoenen van voorstanders van afstandsonderwijs. Omgekeerd verwijten die laatsten de voorstanders van contactonderwijs dat ze toelaten dat het virus zich sluipend blijft verspreiden via grotendeels asymptomatische besmettingen onder leerlingen. In Nederland is dat niet anders. Bijna de voltallige Nederlandse pers nam een persbericht over van het Nationaal Centrum Preventie Stress en Burn-Out, waarin stond dat maar liefst 80 procent van de Nederlandse jongeren tegen een burn-out aan zat. Critici van de coronamaatregelen grepen dat bericht gretig aan om te wijzen op de omvangrijke nevenschade. Maar na onderzoek door factcheckers bleken de resultaten afkomstig van een amateuristische online-enquête door een privébedrijf, met slechts 350 deelnemers, suggestieve vragen en zonder representatieve steekproef. Heel wat kranten trokken het bericht in. De softwarefout bij CLB betekent niet dat er niets aan de hand is. Dat er een stijging in verontrustende dossiers op te tekenen valt, is zeker. Maar wat de cijfers precies betekenen, is ook niet altijd helder. Onderzoeker sociaal werk Jochen Devlieghere (UGent) wees op Twitter op de rol van de doorverwijzingspolitiek van de CLB's in dit coronajaar: 'De kans bestaat dat ze er niet in slagen hun welzijnsrol op te nemen. We zien dat sommige CLB's veel sneller doorverwijzen naar het parket en andere veel langer zelf proberen om tussenbeide te komen. Het is mogelijk dat er vandaag veel sneller een doorverwijzing is.' Het is bekend dat de jeugdzorg al langer kampt met wachtlijsten en opnamestops. In het coronajaar 2020 droogde ook de vrijwilligershulp deels op. 'Dan is het begrijpelijk dat soms sneller de stap naar het parket wordt gezet, in de hoop dat er via de procureur toch een deur naar hulp opengaat', liet Stefan Grielens, algemeen directeur van de vrije CLB's, optekenen in De Standaard. De casus toont vooral aan hoe, zelfs na twaalf maanden, het coronabeleid op allerlei vlakken noodgedwongen blind vaart. Voorlopige cijfers geven indicaties, maar hun betekenis is vaak voor interpretatie vatbaar. Het valt trouwens niet uit te sluiten dat, precies door de lockdowns en de toename van afstandsonderwijs, heel wat problematische thuissituaties van jongeren net minder vaak onder de aandacht komen van scholen en andere omstanders. Pedagoog Pedro De Bruyckere (Arteveldehogeschool) schreef op Twitter dat er mogelijk sprake is van onderrapportering 'omdat sommige CLB's liever tijd steken in de problemen aanpakken dan in rapporteren'. Het dark number, zoals dat heet, kan dus hoger liggen dan de huidige meldingscijfers. Over de economie hoor je vaak dat de werkelijke impact van een jaar coronacrisis zich nog moet manifesteren. Het ziet ernaar uit dat voor de toestand van het welzijn van de schoolgaande jeugd hetzelfde geldt.