Met 'moederdag' vóór de deur doet de commercie alweer gouden zaken: bloemetje, bongobon of een iets originelers cadeau; allemaal van harte toegewenst aan alle 'moeders' en al wie de moederrol opneemt voor iemand. Maar bij zo'n feestdag sta ik toch even stil bij wat ik als 'moeder' wil meegeven aan de kinderen: ik vraag me in een filosofische bui wel eens af hoe ik door mijn kinderen (nu 11j, 14j, 15j en 17j) later zal herinnerd worden. Alvast niet als de organisator van een vlekkeloos huishouden, evenmin als de steeds aanwezige moeder. Maar ik laat ieder zelf een invulling geven van zijn/haar rol als ouder.

Wat wil je als ouder je kinderen meegeven? De overgrote meerderheid van de ouders wil zijn of haar kind voeden, kleden, onderwijs laten genieten, finaal in de maatschappij laten functioneren, meestal minstens in het spoor van moeder of vader, maar liefst nog iets slimmer/rijker/... In elk geval een sport hoger op de sociale ladder. En als sluitstuk willen we ons kind een 'startkapitaal' meegeven, om 'iets' op te bouwen. In se niets mis mee: een goede studie, een financieel extraatje, wie zegt er nee tegen?

Is een vak burgerschap voldoende om jongeren te laten opgroeien tot verantwoorde burgers?

Maar hebben we ook gedacht aan het mentale extraatje? Welke mens- en wereldbeeld willen we onze kinderen meegeven? Elke dag horen we slecht nieuws: armoede onder zowel jong als oud, vluchtelingen, ziektes, verkeersdoden,... ook in eigen land. Moet ik mij deze problemen aantrekken? Moet ik mij engageren en er tegen in gaan? Moet ik dit überhaupt aankaarten bij mijn kinderen? Als ouder zeg ik driemaal 'ja'.

Ik hoop dat mijn kinderen als volwassenen 'verantwoorde burgers' zullen zijn. Hoe kunnen ze dat leren? Is een schoolvak als 'burgerschap' daarvoor voldoende? Alleen als jongeren verantwoord burgerschap voorgeleefd krijgen, van een ouder, een opvoeder, een leerkracht of een vertrouwenspersoon in hun omgeving, kunnen ze die houding overnemen. En dan gaat het niet over 'het klimaat' alleen. Het is veel ruimer: een houding waaruit voor een kind duidelijk wordt dat de maatschappij (en bij uitbreiding de wereld/de aarde) niet kaal te plukken is. Het is niet alleen de wet volgen, maar een stap verder gaan. Of zoals we in de bijbel lezen: 'Als iemand je vraagt om één mijl met hem te gaan, ga er dan twee mee.'

Uiteraard moet een maatschappij geordend zijn met instellingen, procedures en regels. Het naleven van die regels en procedures is - in de optiek van het verantwoord burgerschap - echter geen vrijgeleide voor het uitputten van rechten en vrijheden: hoeveel mensen staan er eigenlijk stil bij het feit dat 'subsidies' vooral bedoeld zijn om mensen die financieel te weinig sterk staan, kansen te geven? Het zijn stimuli om minder kapitaalkrachtige groepen te laten meedoen. Maar er zijn daarnaast ook gemeentelijke subsidies voor het planten van een extra boom in de tuin in handen zijn gekomen van de goedverdienende middenklasse en de goed geïnformeerde veelverdiener. Of hoeveel zelfstandigen met een hoog inkomen toch aan een studiebeurs voor zoon of dochter geraken. Ook al is het wettelijk, het was nooit het opzet van de wetgever: is dit feitelijk geen 'oneigenlijk gebruik' van overheidsmiddelen?

Ik heb veel geluk gehad. Het is dus mijn plicht om me iets aan te trekken van de mensen die minder geluk hebben gehad in onze maatschappij.

Dit is geen pleidooi voor een model waarin de overheid reguleert in zoveel mogelijk domeinen van de samenleving. Het is eerder een ethische reflex om de aarde als rentmeester te bestieren: niet alleen de aarde als planeet (ook nodig uiteraard), maar ook de aarde als maatschappij. Al een paar jaar, een hele tijd dus vóór de klimaatbetogingen - hebben we een verdediger van dit model. De encycliek 'Laudato si' van Paus Franciscus is immers een uiterst evenwichtig document om de belangen van het klimaat en 'onze aarde' samen te verdedigen met de belangen van de sociaal zwakkeren. Het is immers niet met het op de spits drijven van het klimaatdebat dat we er uit zullen raken.

Na mijn overpeinzingen als moeder denk ik dat mijn kinderen mij zullen herinneren als een 'bezige bij'. Ik heb bewust gekozen om engagementen op te nemen, naast het gezin en het werk. 'Mama, waarom zou je dát nu doen?' Als burger vind ik dit mijn 'plicht': ik heb het geluk gehad om in een goed nest terecht te komen bij mijn geboorte, heb op onderwijsvlak het gewenste diploma kunnen bereiken en heb me tot op de dag van vandaag kunnen ontplooien in mijn professionele loopbaan. Ik heb veel geluk gehad. Het is dus mijn plicht om me iets aan te trekken van de mensen die minder geluk hebben gehad in onze maatschappij. Voor mij is de manier waarop we (als ouder) in het leven staan, iets wat we graag willen doorgeven aan onze kinderen als een aanbod waarmee ze verder kunnen op hun pad.

Hilde Martien is moeder van 4 kinderen en lid van de christelijk geïnspireerde denktank Logia. Ze werk als beleidsondersteuner in het onderwijs en is vrijwilliger in middenveldorganisaties.