Van de zes winkels die de reporters op één dag lukraak bezochten, bleken er aanvankelijk vijf bereid om te helpen met het opdrijven van een fiets. Dat ging van het spontaan aanbieden om een opgedreven elektrische fiets te verkopen (zelfs zonder dat de vraag gesteld was), een voorstel om de fiets op te drijven tot maar liefst 70 kilometer per uur en een onmiddellijke 'ja' op de vraag, met de waarschuwing dat het wel illegaal was. Eén handelaar haakte af na een dodelijk ongeval van een jongere met een e-bike, dat veel media-aandacht gekregen had.

Het verkeersveiligheidsinstituut Vias is formeel: een e-bike die opgedreven is tot boven de 25 km/u is verboden op de openbare weg. Bovendien vernauwt bij een hoge snelheid het gezichtsveld: de fietser raakt in een soort tunnelvisie waardoor hij de gevaren veel minder ziet aankomen. Ongevallen bij dergelijke snelheden veroorzaken bovendien ernstige letsels.

Overtredingen met opgedreven e-bikes opsporen, is zo goed als ondoenbaar, stelt Nicholas Paelinck, voorzitter van de Vaste Commissie van de Lokale Politie en korpschef van de politiezone Westkust. Een vastgestelde overtreding kan bovendien makkelijk juridisch aangevochten worden. De overtreder kan altijd beweren dat hij op eigen spierkracht meer dan 25 kilometer per uur reed.

Maatregelen

Minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) is van plan te overleggen met experts om het probleem rond opgedreven e-bikes aan te pakken. 'Wat de veiligheid negatief beïnvloedt, dat verontrust ons', zegt De Crems woordvoerder.

'Het wetgevend kader is één ding dat aangepast kan worden', aldus de woordvoerder. 'Daarnaast is er ook de controle. Dat kan met rollen gebeuren, maar dat zijn andere en duurdere rollen dan de klassieke rollenbanken die gebruikt worden bij de controle van brommers. Misschien zijn andere, goedkopere oplossingen ook een mogelijkheid? Misschien kan dit ook door een computer aan de fiets te koppelen en zo na te gaan of de e-bike opgedreven is? Daarvoor zullen we aan tafel gaan zitten met technisch onderlegde mensen.'

Voor De Crem, als minister van Binnenlandse Zaken bevoegd voor de politie, staat het alleszins buiten kijf dat dit 'groeiend probleem' aangepakt moet worden. 'Wie met zo'n opgedreven fiets rijdt, brengt niet alleen de eigen veiligheid in gevaar, maar ook die van andere weggebruikers.'

Van de zes winkels die de reporters op één dag lukraak bezochten, bleken er aanvankelijk vijf bereid om te helpen met het opdrijven van een fiets. Dat ging van het spontaan aanbieden om een opgedreven elektrische fiets te verkopen (zelfs zonder dat de vraag gesteld was), een voorstel om de fiets op te drijven tot maar liefst 70 kilometer per uur en een onmiddellijke 'ja' op de vraag, met de waarschuwing dat het wel illegaal was. Eén handelaar haakte af na een dodelijk ongeval van een jongere met een e-bike, dat veel media-aandacht gekregen had. Het verkeersveiligheidsinstituut Vias is formeel: een e-bike die opgedreven is tot boven de 25 km/u is verboden op de openbare weg. Bovendien vernauwt bij een hoge snelheid het gezichtsveld: de fietser raakt in een soort tunnelvisie waardoor hij de gevaren veel minder ziet aankomen. Ongevallen bij dergelijke snelheden veroorzaken bovendien ernstige letsels. Overtredingen met opgedreven e-bikes opsporen, is zo goed als ondoenbaar, stelt Nicholas Paelinck, voorzitter van de Vaste Commissie van de Lokale Politie en korpschef van de politiezone Westkust. Een vastgestelde overtreding kan bovendien makkelijk juridisch aangevochten worden. De overtreder kan altijd beweren dat hij op eigen spierkracht meer dan 25 kilometer per uur reed.Minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) is van plan te overleggen met experts om het probleem rond opgedreven e-bikes aan te pakken. 'Wat de veiligheid negatief beïnvloedt, dat verontrust ons', zegt De Crems woordvoerder.'Het wetgevend kader is één ding dat aangepast kan worden', aldus de woordvoerder. 'Daarnaast is er ook de controle. Dat kan met rollen gebeuren, maar dat zijn andere en duurdere rollen dan de klassieke rollenbanken die gebruikt worden bij de controle van brommers. Misschien zijn andere, goedkopere oplossingen ook een mogelijkheid? Misschien kan dit ook door een computer aan de fiets te koppelen en zo na te gaan of de e-bike opgedreven is? Daarvoor zullen we aan tafel gaan zitten met technisch onderlegde mensen.' Voor De Crem, als minister van Binnenlandse Zaken bevoegd voor de politie, staat het alleszins buiten kijf dat dit 'groeiend probleem' aangepakt moet worden. 'Wie met zo'n opgedreven fiets rijdt, brengt niet alleen de eigen veiligheid in gevaar, maar ook die van andere weggebruikers.'