Voor een woonhuis steeg de prijs in Antwerpen, Brugge, Gent, Hasselt en Leuven met gemiddeld 6,7 procent, dezelfde prijsevolutie als in de rest van Vlaanderen. De prijs van een appartement steeg iets meer in de 5 steden (7 procent) tegenover 6,5 procent in de rest van Vlaanderen. Leuven was in 2020 de duurste provinciehoofdstad om een woonhuis te kopen. De prijs bedroeg er gemiddeld 404.149 euro. Hasselt was het goedkoopst met een gemiddelde prijs van 292.160 euro. Een appartement was het goedkoopst in Antwerpen (223.764 euro) en het duurst in Gent (288.184 euro). In het afgelopen jaar was het aandeel jongeren dat vastgoed kocht in de provinciehoofdsteden minder groot: 27,9 procent was 30 jaar of jonger, in 2019 ging het om 30,1 procent. Op nationaal niveau daalde het aantal kopers dat 30 jaar of jonger was het afgelopen jaar ook, met 19,6 procent in vergelijking met een jaar eerder. In 2019 waren jongeren wel bijzonder actief op de markt nadat de afschaffing van de woonbonus werd aangekondigd. "Het feit dat jonge kopers minder actief waren in de provinciehoofdsteden is een aandachtspunt", aldus Bart van Opstal, woordvoerder van notaris.be. "We merken in onze dagelijkse praktijk dat het voor vele jonge koppels geen evidente zaak is om een betaalbare woning te vinden in het centrum van de stad. Zeker als ze op eigen kracht, zonder financiële steun van ouders, een woning willen kopen. Jonge singles hebben het nog moeilijker." (Belga)

Voor een woonhuis steeg de prijs in Antwerpen, Brugge, Gent, Hasselt en Leuven met gemiddeld 6,7 procent, dezelfde prijsevolutie als in de rest van Vlaanderen. De prijs van een appartement steeg iets meer in de 5 steden (7 procent) tegenover 6,5 procent in de rest van Vlaanderen. Leuven was in 2020 de duurste provinciehoofdstad om een woonhuis te kopen. De prijs bedroeg er gemiddeld 404.149 euro. Hasselt was het goedkoopst met een gemiddelde prijs van 292.160 euro. Een appartement was het goedkoopst in Antwerpen (223.764 euro) en het duurst in Gent (288.184 euro). In het afgelopen jaar was het aandeel jongeren dat vastgoed kocht in de provinciehoofdsteden minder groot: 27,9 procent was 30 jaar of jonger, in 2019 ging het om 30,1 procent. Op nationaal niveau daalde het aantal kopers dat 30 jaar of jonger was het afgelopen jaar ook, met 19,6 procent in vergelijking met een jaar eerder. In 2019 waren jongeren wel bijzonder actief op de markt nadat de afschaffing van de woonbonus werd aangekondigd. "Het feit dat jonge kopers minder actief waren in de provinciehoofdsteden is een aandachtspunt", aldus Bart van Opstal, woordvoerder van notaris.be. "We merken in onze dagelijkse praktijk dat het voor vele jonge koppels geen evidente zaak is om een betaalbare woning te vinden in het centrum van de stad. Zeker als ze op eigen kracht, zonder financiële steun van ouders, een woning willen kopen. Jonge singles hebben het nog moeilijker." (Belga)