Als we Lode Wils opzoeken in zijn woning in Heverlee, heeft de oude professor zijn eigen 'coronamaatregelen' getroffen. Hij heeft vooraf de tafel in zijn woonkamer opgemeten, en die blijkt precies anderhalve meter lang te zijn: het beloofde interview kan doorgaan. Op zijn 91e heeft Wils nog een boek geschreven - zelfs een turf van meer dan vierhonderd pagina's: Op zoek naar een natie. Het ontstaan van Vlaanderen binnen België. Het boek gaat dieper in op de hamvraag die Lode Wils al zijn hele academische leven bezighoudt, en die hij zelf in dit boek verwoordt als: 'Hoe een Vlaamse natie de Belgische is gaan verdringen' . En dat terwijl de Vlaamse beweging in essentie een Belgische beweging was voor negentiende-eeuwse Vlaamse schrijvers zoals Hendrik Conscience. Dat komt onder meer, zo betoogt Wils in zijn boek, omdat het idee van een 'Vlaamse natie' geconstrueerd werd, met de hulp van een aantal van Wils' vakgenoten - historici dus - die daarbij de geschiedkundige werkelijkheid meer dan eens geweld hebben aangedaan. Dat begint al met hun uitleg van wat er in 1830 gebeurde: de Belgische opstand tegen Willem I was géén opstand van het Franstalige zuiden tegen het Nederlandssprekende noorden, waarbij Vlaanderen het kind van de Franstalige rekening werd. In de splitsing van 1830 speelde de taalkwestie slechts een heel ondergeschikte rol.
...

Als we Lode Wils opzoeken in zijn woning in Heverlee, heeft de oude professor zijn eigen 'coronamaatregelen' getroffen. Hij heeft vooraf de tafel in zijn woonkamer opgemeten, en die blijkt precies anderhalve meter lang te zijn: het beloofde interview kan doorgaan. Op zijn 91e heeft Wils nog een boek geschreven - zelfs een turf van meer dan vierhonderd pagina's: Op zoek naar een natie. Het ontstaan van Vlaanderen binnen België. Het boek gaat dieper in op de hamvraag die Lode Wils al zijn hele academische leven bezighoudt, en die hij zelf in dit boek verwoordt als: 'Hoe een Vlaamse natie de Belgische is gaan verdringen' . En dat terwijl de Vlaamse beweging in essentie een Belgische beweging was voor negentiende-eeuwse Vlaamse schrijvers zoals Hendrik Conscience. Dat komt onder meer, zo betoogt Wils in zijn boek, omdat het idee van een 'Vlaamse natie' geconstrueerd werd, met de hulp van een aantal van Wils' vakgenoten - historici dus - die daarbij de geschiedkundige werkelijkheid meer dan eens geweld hebben aangedaan. Dat begint al met hun uitleg van wat er in 1830 gebeurde: de Belgische opstand tegen Willem I was géén opstand van het Franstalige zuiden tegen het Nederlandssprekende noorden, waarbij Vlaanderen het kind van de Franstalige rekening werd. In de splitsing van 1830 speelde de taalkwestie slechts een heel ondergeschikte rol. Lode Wils: Onder Willem I was het Frans ook in Den Haag de hoftaal. Daaraan is pas een einde gekomen aan het einde van de negentiende eeuw. Koning Willem III (1817-1890) was op oude leeftijd hertrouwd met de jonge Duitse prinses Emma. Na de dood van haar echtgenoot was hun dochter Wilhelmina nog een kind. Emma werd regentes, en als Duitse vond zij het vanzelfsprekend dat aan haar hof geen Frans maar Nederlands werd gesproken. Het Frans van de Nederlandse koningen uit de negentiende eeuw is nooit gezien als een vijandelijke daad tegenover het Nederlandse volk, het Frans van Leopold I en II wel als een aanslag op Vlaanderen. CD&V-kamerlid Hendrik Bogaert liet op Twitter weten dat hij daarom geen bezwaar heeft tegen het neerhalen van beelden van Leopold II: die bezondigde zich niet alleen aan een genocide in Congo, maar ook aan een 'etnocide' in Vlaanderen.Wils:(lachje) Werkelijk? Ik vermoed waar Bogaert zijn mosterd haalt. In 2003 verscheen het boek Het verhaal van het Vlaams, waarin de kwakkel herhaald werd dat de Belgische elite in de negentiende eeuw het Vlaams wilde uitroeien. Dat gaat terug op een brief van de Waalse politicus Charles Rogier. Die zou geschreven hebben dat er voor de efficiëntie van het bestuur slechts één taal mag overblijven, het Frans dus, en 'zodoende zullen we gaandeweg het Germaanse bestanddeel van België kunnen vernietigen'. Alleen heeft die brief nooit bestaan: het verhaal is een product van flamingantische propaganda, of spot. Maar die valse uitspraak leeft dus tot vandaag door. Er zijn meer voorbeelden. Destijds werden wij met een studiegezelschap van Vlaamse en Nederlandse hoogleraren in de geschiedenis in Brussel rondgeleid door de knappe historicus Paul De Ridder. Hij bleef staan bij het standbeeld van kardinaal Mercier naast Sint- Goedele: 'Dit is dus de kardinaal die gezegd heeft: "Wij zijn een volk om teheersenen jullie Vlamingen zijn een volk omondergeschikt te zijn."' Mercier heeft dat nooit gezegd. Die uitspraak dateert uit de Eerste Wereldoorlog en werd voor het eerst opgetekend in het Duits-Grootnederlandse propagandablad De Toorts, dat door de Duitse bezetter werd betaald. Met dit soort vervalsingen zijn de Duitsers er toen al in geslaagd om binnen de Vlaamse beweging een anti-Belgische stroming tot leven te wekken. Het voorbije weekend nog betoogden een aantal Vlaamse radicalen met exact dezelfde slogan bij datzelfde beeld van Mercier.Wils: Ik citeer in mijn boek de schrijver Gerard Walschap: 'Het activisme spleet ons veel dieper dan ons nu begrijpelijk voorkomt', schreef hij: 'Het koos tussen Vlaanderen en België, twee vaderlanden voor ons tot dan toe identiek, en die plots tot onze verstomming onverzoenlijke vijanden waren.' In maart 1918 keurde de Raad van Vlaanderen - dat was het marionettenparlement van de activisten dat door de Duitse bezetters werd gecreëerd - een motie goed waarin stond dat 'het feit en de naam België moesten verdwijnen'. Zelfs de naam mocht niet meer bestaan. (lacht)Natuurlijk is Mercier in Vlaams- nationalistische kringen de gebeten hond. Hij had in een toesprak een aantal van zijn geestelijken aangemoedigd om op te komen 'tegen dat landverraad'. Maar dat is nog iets heel anders dan de karikatuur die de activisten van Mercier maken, waarbij ze hem in een gesprek met koning Albert de woorden in de mond leggen: 'Laat ze maar sneuvelen, de Vlamingen.' Dat beeld leeft nog altijd: dat aan het IJzerfront tijdens de Eerste Wereldoorlog de Belgische, Franstalige legerleiding Vlaamse soldaten heeft gebruikt als kanonnenvlees.Wils: Koning Albert kón niet eens de Vlaamse soldaten opofferen, juist omdat het Belgisch leger bestond uit gemengde eenheden, Vlamingen en Franstaligen samen. De koning weigerde in te gaan op een wens van Vlaamsgezinde politici als Frans Van Cauwelaert: zij eisten aparte Vlaamse en Waalse eenheden. Als die er geweest waren, had de koning de Vlamingen de dood in kunnen jagen. Toch hebben mensen als Frans Daels, de eerste voorzitter van het IJzerbedevaartcomité, die laster verspreid. Laster: ik kan geen ander woord gebruiken. Generaal Bernheim werd ervan beschuldigd dat hij tijdens het eindoffensief van 1918 Vlaamse soldaten bewust de dood zou hebben ingejaagd. Dat is een evidente leugen. In uw boek drukt u dat scherp uit: 'Wij weten nu dat de erfenis van de collaboratie de belangrijkste motor is van het Vlaamse separatisme. Een halve eeuw na de Tweede Wereldoorlog bleek dat de Duitse bezettingspolitiek een tijdbom had nagelaten, niet alleen in Joegoslavië en Tsjecho- Slowakije, maar ook in België.'Wils: Natuurlijk is de federalisering van België niet alleen een gevolg van de collaboratie. Ook zonder de twee oorlogen zouden er spanningen geweest zijn tussen Nederlandstaligen en Franstaligen, en zouden die conflicten scherp geweest zijn. In dit land zullen wij wel zonder bloedvergieten uit elkaar gaan. Het is een proces dat al lang voor de Eerste Wereldoorlog begonnen is. In het eerste hoofdstuk van mijn boek beschrijf ik al dat er onder Napoleon meer Vlaamse dan Waalse rekruten niet kwamen opdagen als ze opgeroepen werden voor het Franse leger. Met andere woorden: de revolutionaire propaganda uit Frankrijk sloeg beter aan in het zuiden dan in het noorden van het land. Mogelijk omdat veel Vlamingen onvoldoende Frans kenden. Al onder Napoleon begon er dus een verschil in politieke opvattingen tussen de Franstalige en de Nederlandstalige bewoners van België te ontstaan, en dat is in de loop van 230 jaar uitgegroeid tot de tegenstelling tussen een meer rechts Vlaanderen en een meer links Wallonië. Die evolutie kreeg een enorme versnelling door de Flamenpolitik van de Duitsers. In de Eerste Wereldoorlog was die nog voorwerp van improvisatie, tijdens de Tweede Wereldoorlog was het een grondig voorbereid politiek project. Als wij niet tweemaal bezet waren geweest door de Duitsers, dan zou België niet uiteenvallen zoals het nu gebeurt. (denkt na) Weet u: ik heb mij lange tijd afgevraagd wat de oorzaak is van die haat tegen België. Waardoor komt dat? Ik denk dat ik een antwoord vond bij historicus Hendrik Elias. Hij schreef dat de activisten na de Eerste Wereldoorlog 'door de overgrote meerderheid van de bevolking werden uitgespuwd'. Dat is krasse taal, maar Elias sprak uit ervaring: zijn vader was een activist. Na de Tweede Wereldoorlog was die haat natuurlijk nog intenser jegens de Vlamingen die met de nazi's hadden gecollaboreerd. Die oud-collaborateurs hebben de oorzaak van die volkswoede en van de repressie nooit bij zichzelf gezocht. Zij legden die bij België. Vandaar hun voorstelling van België als de verdrukker van Vlaanderen. En daarom moet de Belgische staat kapotgemaakt worden. Pas dan zal 'Vlaanderen voltooid zijn'. Hendrik Elias was niet alleen een historicus, maar ook een belangrijke collaborateur. Tijdens de Tweede Wereldoorlog volgde hij zelfs Staf de Clercq op als leider van het Vlaams Nationaal Verbod (VNV), de grootste collaboratiepartij van het land.Wils: Toen ik nog student was, vertelde professor Leo van der Essen ons dat Hendrik Elias de knapste historicus was die hij in zijn veertigjarige loopbaan had gekend. Elias' boeken, vooral Geschiedenis van de Vlaamse gedachte, bevatten waardevolle inzichten. Maar de onderliggende lijn van dat werk is niet wetenschappelijk onderbouwd. Kan het anders? Hij schreef die boeken na de Tweede Wereldoorlog: dus nadat Elias zijn eigen volgelingen in de miserie had gestort, nadat hij jonge sukkelaars naar het Oostfront had gestuurd, nadat hij en zijn partij de Vlaamse beweging ontiegelijk veel schade hadden toegebracht en nadat hij in de cel zijn eigen vrijheid jarenlang verspild had. Kun je dan verwachten dat Elias, hoe knap hij ook was, intellectueel in staat zou zijn om te erkennen dat die Vlaamse beweging in wezen inderdaad een Belgische beweging was, ooit bedoeld om België te versterken? Natuurlijk kon die man dat niet opbrengen. En natuurlijk kunnen de meeste andere Vlaams-nationalistische historici dat nog altijd niet. Merkwaardig toch welke dwaasheden een verstandige man als Elias geschreven heeft. In de jaren twintig was hij de auteur van een knap proefschrift over de verhouding tussen kerk en staat onder de aartshertogen Albrecht en Isabella in de 17e eeuw. In de jaren zestig schrijft diezelfde Elias dat de Belgische revolutie van 1830 niet gezien kan worden als een 'nationale revolutie'. België was geen echte natie omdat er geen nationale godsdienst was, argumenteerde hij. Dat komt dus van dezelfde man die ooit schreef hoe de aartshertogen het protestantisme in dit land met wortel en tak hebben uitgeroeid. De gevolgen daarvan waren bij de Belgische onafhankelijkheid nog altijd zichtbaar. Bij de eerste volkstelling in 1846 gaven amper 10.000 landgenoten zich op als 'niet-Rooms-katholiek', en dat op een totaal van 4,5 miljoen Belgen. Als er één land bij zijn onafhankelijkheid een feitelijke nationale godsdienst had, dan was dat België. Toch schrijft een verstandige historicus als Hendrik Elias het tegenovergestelde. Elias werd na de oorlog ter dood veroordeeld maar kreeg genade. In uw boek behandelt u ook het geval van Leo Vindevogel, een Vlaams- nationalist die wel de kogel kreeg.Wils: Leo Vindevogel was tijdens de Tweede Wereldoorlog de oorlogsburgemeester van Ronse. Hij werd tijdens de oorlog nog berecht en is in 1945 geëxecuteerd. In een recente biografie over die man heeft auteur Pieter-Jan Verstraete het nog altijd over 'een gerechtelijke moord' en dat na een 'showproces'. Waarom? Leo Vindevogel had tijdens de Tweede Wereldoorlog soldaten geronseld voor het leger van de vijand. Natuurlijk riskeer je daarvoor de kogel. Bovendien dacht Vindevogel zo völkisch dat hij tijdens zijn proces weigerde om enige vorm van schuld te erkennen. In zijn ogen was het normaal dat jonge Vlamingen zich vrijwillig aansloten bij het Duitse leger, en dus vond hij dat hij terecht had gehandeld. Zijn advocaten hebben een verzoekschrift om genade ingediend, maar hij heeft zelf nooit zijn fouten willen toegeven. Hij heeft dus de kogel gekregen. Hoe dan ook blijven de naoorlogse executies een gruwelijke geschiedenis.Wils: Een historicus moet altijd rekening houden met de context. De executie van Leo Vindevogel vond plaats in september 1945. Het grootste deel van België was al een jaar bevrijd, maar de Tweede Wereldoorlog was amper afgelopen. Bovendien had België op dat ogenblik een linkse regering met een paar communistische ministers die sterk de kaart trokken van het verzet. Achteraf kun je zeggen dat de executie van Vindevogel een tactische fout was van de Belgische overheid. Maar meer ook niet. Je kunt niet zeggen dat het in die omstandigheden onredelijk was. Ik erken de moed van Vindevogel om bij zijn inzichten te blijven. Vergeet niet dat de kopstukken van de collaboratie meteen weggevlucht zijn en de eerste en zwaarste straffen overlieten aan hun volgelingen. Vindevogel verdient erkentelijkheid omdat hij dat niet gedaan heeft. Overigens was de repressie in Vlaanderen een stuk clementer dan die in Wallonië. Logisch ook: er was in Vlaanderen véél meer gecollaboreerd dan in Wallonië en je kunt moeilijk de helft van de Vlaamse bevolking in de gevangenis steken. Dat kwam omdat het Waalse politieke klimaat veel patriottischer was dan het Vlaamse. Vandaar dat zo veel Vlamingen geen bezwaar hadden om samen te werken met de nazi's. U citeert de gematigde Vlaams-nationalist Hugo Schiltz: 'Wat de Vlamingen betreft, weet ik dat in het collectieve geheugen van een deel van ons volk de drang leeft om revanche te nemen, de rekening te presenteren voor meer dan een eeuw stiefmoederlijke behandeling, culturele vernedering en soms lijflijke afstraffing.' Dat is eigenlijk niet veel minder dan oorlogstaal. Kun je vanuit zo'n inzicht ooit tot een min of meer objectieve 'canon van de Vlaamse geschiedenis komen', zoals de Vlaamse regering wil?Wils: Ik benijd de Nederlanders dat ze een normaal volk zijn (lachje), met een normaal nationaal bewustzijn dat toelaat om efficiënt en solidair te leven. Wij hebben ons nationaal bewustzijn grotendeels verloren, juist door die strijd van het Vlaamse tegen het Belgische. Vandaar dat niet alleen onze politici elkaar zo moeilijk vinden, maar dat ook onze sociale partners nog slechts met de grootste moeite akkoorden kunnen afsluiten. In Nederland bestaat er een grotere nationale cohesie: Nederlanders voelen zich leden van één gemeenschap. En daarom kunnen zij wel een historische canon maken, en Vlamingen niet. We zijn het in Vlaanderen niet eens over onze geschiedenis. Over de grond van de zaak is er géén akkoord te bereiken tussen mij en historici als wijlen Hendrik Elias en Pieter-Jan Verstraete. Ik zeg niet dat zij zich nog bezondigen aan de nationalistische propaganda van vroeger. Veel boeken zijn pogingen tot historisch onderzoek: de toon is objectiever, men durft wat er fout gelopen is al te benoemen en beschrijven. Het is het resultaat van pogingen tot wetenschappelijk onderzoek. Maar de premissen van het Vlaams-nationalisme zelf wil men niet onderwerpen aan degelijk wetenschappelijke onderzoek. In hun ogen kan de Vlaamse beweging in de loop van de geschiedenis wel 'vergissingen' hebben begaan, maar over de grond van de zaak heeft de Vlaamse beweging per definitie gelijk. Zelfs al gaat dat in tegen bevindingen van historisch onderzoek. Het is een vorm van ideologische blindheid?Wils: Er zijn ook goede voorbeelden. Een paar jaar geleden heeft de N-VA het boek Onvoltooid Vlaanderen van Frank Seberechts op een paar duizend exemplaren verdeeld onder haar leden. Nochtans was dat het eerste boek van een Vlaams-nationalistische historicus dat de meeste leugens over België en Vlaanderen op een objectieve manier weerlegde. Het was geen anti-Belgische rommel, en in een bespreking van dat boek heb ik geschreven dat ik hoopte dat al die N-VA-militanten dat boek ook echt zouden lézen. (lacht) Maar dan volgt een nawoord van Bart De Wever over de onvermijdelijke evolutie naar het confederalisme, een model dat kant noch wal raakt. Voor hen is Vlaanderen dienen hetzelfde als België bestrijden. En dus bent u ook pessimistisch over de huidige federale formatie: bij veel Vlaamse politici overheerst het anti-Belgische sentiment.Wils: Daarom richt ik mij in het laatste hoofdstuk van mijn boek tot Bart De Wever. Ik hoop dat hij niet de Boris Jeltsin van Vlaanderen wordt, de doodgraver van zijn eigen land. Boris Jeltsin dacht dat hij door de Sovjet-Unie te ontbinden, Rusland had bevrijd van de Oekraïners, Wit-Russen, Kazachen en al die andere volkeren waaraan de Russen financiële transfers moesten afdragen. Zijn opvolger Vladimir Poetin noemde die bevrijding 'de grootste ramp uit de Russische geschiedenis'. Ik vrees dat ook zo'n nationalistische 'voltooiing van Vlaanderen' zal uitdraaien op een ramp voor dit land. Wat zal Vlaanderen nog voorstellen in Europa? De toekomst van Vlaanderen moeten we niet proberen vorm te geven met onze gevoelens en onze fantasie, maar met ons verstand. België is nu eenmaal onbestuurbaar, zegt de N-VA. Dat leren de feiten: kijk naar de hoge sterftecijfers van de coronacrisis.Wils: De meeste Vlaams-nationalistische militanten willen België natuurlijk gewoon weg. Maar dan lopen we recht in de afgrond. De flaminganten hebben jarenlang geëist dat Brussel- Halle-Vilvoorde werd gesplitst. Sinds dat gebeurd is, zien ze plots in dat het niet werkt en dat we eigenlijk slechter af zijn dan voordien. Natuurlijk, want ze hebben zo aangedrongen op die splitsing, dat de Franstaligen op een bepaald moment gezegd hebben: 'Wij doen mee, maar op onze voorwaarden', en vanzelfsprekend waren die ongunstig voor Vlaanderen. Toch is dat voor de Vlaams-nationalisten weer de aanleiding om nóg meer te willen splitsen, omdat ze er het bewijs in zien dat België niet werkt. Enerzijds stelt u in uw boek vast dat België bijna onherroepelijk uit elkaar is gegroeid en dat het idee van een Vlaamse natie aan kracht wint. Anderzijds zegt u dat als we België toch zouden splitsen, dat erg nadelig is voor Vlaanderen.Wils: Bart De Wever is misschien de knapste staatsman die we hebben, al had ik liever gehad dat hij een historicus was gebleven. Toch zal het voor De Wever bijna onmogelijk zijn om níét 'Jeltsin' te spelen. Artikel één van de N-VA-statuten zegt dat Vlaanderen een onafhankelijke republiek moet worden, dus dat zal dan moeten gebeuren, en tegen elke prijs. Dan zullen we Brussel moeten afstaan, en zullen we niet anders kunnen dan ook de faciliteitengemeenten te lossen. En daarna eisen ze ook nog gemeenten op als Halle en Sint-Pieters-Leeuw. Dat gaat allemaal ten koste van Vlaanderen. Maar een meerderheid van de Vlaams-nationalisten wil zelfs die prijs betalen. Als De Wever niet wil doen zoals Jeltsin, zal hij een opstand krijgen in zijn partij. Toch hoop ik dat hij het niet doet. Als Bart De Wever de druk van de N-VA kan weerstaan, zal hij een groot staatsman zijn.