Ze zal het even noteren, zegt ze. Dus stop ik haar een balpen en een notitieboekje toe. Maar mijn adres heeft ze al lang op haar smartphone ingetikt. 'Heb jij altijd pen en papier in je tas?' vraagt ze nieuwsgierig. Dat ik geregeld een ingeving of flarden van een conversatie wil noteren, leg ik uit. Heb ik dan geen smartphone? Of een tablet? Ik herken die meewarige blik. Zo kijken ook jonge collega's telkens als ik mijn sleetse adressenboekje opdiep als ze met het een of andere telefoonnummer vragen. Dat boekje kocht ik meer dan twintig jaar geleden tijdens een zwerftocht door Amsterdam in een onooglijk winkeltje ergens in De Pijp. Degelijk en ernstig ziet het eruit. Gelijnde bladen beschut door een zwarte kaft met daarop in gouden letters 'BSUR'. Amper een halve avond heeft het me dest...

Ze zal het even noteren, zegt ze. Dus stop ik haar een balpen en een notitieboekje toe. Maar mijn adres heeft ze al lang op haar smartphone ingetikt. 'Heb jij altijd pen en papier in je tas?' vraagt ze nieuwsgierig. Dat ik geregeld een ingeving of flarden van een conversatie wil noteren, leg ik uit. Heb ik dan geen smartphone? Of een tablet? Ik herken die meewarige blik. Zo kijken ook jonge collega's telkens als ik mijn sleetse adressenboekje opdiep als ze met het een of andere telefoonnummer vragen. Dat boekje kocht ik meer dan twintig jaar geleden tijdens een zwerftocht door Amsterdam in een onooglijk winkeltje ergens in De Pijp. Degelijk en ernstig ziet het eruit. Gelijnde bladen beschut door een zwarte kaft met daarop in gouden letters 'BSUR'. Amper een halve avond heeft het me destijds gekost om al mijn telefoonnummers over te pennen. Daarna groeide het boekje jaar na jaar aan. Nummers en namen van politici, woordvoerders, opiniemakers, schrijvers, ondernemers. Sommigen heb ik in de loop der jaren tientallen keren gebeld, anderen niet meer dan eens. Nogal wat van die nummers leiden ondertussen nergens meer toe. Naast die namen staat een kruisje in zwarte balpen. Zo is het schriftje in de loop der jaren een soort bulletin van mijn eigen kleine geschiedenis geworden. Hoe zou ik dat ooit door een steriele contactenlijst kunnen vervangen? Toch is dat wat die jonge collega's me keer op keer aanraden: al die nummers in mijn telefoon steken en er een dozijn back-ups van maken. Veel efficiënter en veiliger.Maar ik hou stand. Ik blijf in mijn adressenboekje schrijven, afspraken pen ik neer in een gedateerde Filofax en de grote lijnen van een nieuw verhaal noteer ik in mijn werkschrift. Omdat ik het dan beter onthou allemaal, omdat het me helpt na te denken ook. En omdat ik steeds meer van die schaarse handgeschreven berichten ben gaan houden: een verloren boodschappenlijstje, een postkaart uit de Provence, een krabbel in de marge van een tweedehandsboek, een post-it op de badkamerspiegel. Terwijl ik de telefoonnummers van mijn dierbaren al jaren niet meer uit het hoofd ken, herken ik hun neergepende woorden nog altijd uit duizenden. Zelfs als ze me al vele jaren niet meer hebben geschreven.De enige wiens handschrift ik nog zo goed als elke dag lees, is mijn zoon. Aan zijn schoolagenda zie ik hoe het met hem gaat. Of hij moe is, in de war, uitbundig of onverschillig. Wordt zijn handschrift dag na dag slordiger, dan weet ik dat er ook een paar mindere toetsen aan zitten te komen. Uit de manier waarop hij een punt op de i zet of een streepje door de t trekt, kan ik veel meer afleiden dan uit alle emoji's en uitroeptekens waarmee hij zijn sms'en en chatberichten in de verf zet. Net zoals ik me bij handgeschreven kattenbelletjes van vrienden of geliefden nooit hoef af te vragen hoe ze hun woorden hebben bedoeld. Terwijl ik wel keer op keer zit te gissen naar de ondertoon van e-mails, WhatsApps of Messengerberichten.Laten we dus vooral blijven schrijven. Ook al is dat niet zo efficiënt. Ook al gaan er steeds meer stemmen op om kinderen op school zoveel mogelijk met toetsenborden en touchscreens te laten werken. Of zoals een leraar me onlangs mailde: 'Veel ouders klagen dat hun kind les krijgt in schoonschrift. Ze vinden dat nutteloos, overbodig en vooral niet meer van deze tijd.' Maar het is ook een oefening in geduld en vaardigheid, en uit allerlei onderzoeken blijkt dat kinderen beter leren als ze aantekeningen maken op papier. Laten we dus niet alles zomaar opofferen aan de efficiëntie.'Zit jij nu in je adressenboek te lezen?' vraagt een collega geamuseerd. 'Mijn oog is op een naam van lang geleden gevallen', zeg ik. Die van Terry Verbiest, de man die ik ooit belde om te vragen hoe hij erin slaagde om zich in te leven in een hond als Samson. Sindsdien schrijf ik er altijd de voornaam bij in dat boekje van me. Altijd.