Het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren opent eind dit jaar opnieuw de deuren. En maar goed ook, want verschillende incidenten toonden de voorbije maanden aan dat onder andere ook hier nood aan is. Eerlijkheid en compleetheid over de historische band tussen België en Congo, en aldus het herkennen van onze Congolese familie, is reeds decennia lang een pijnlijk probleem in onze samenleving.

Het is hoog tijd dat we onze Congolese familie (h)erkennen.

Bovendien tonen recente studies opnieuw aan dat het slecht gesteld is met de hoogopgeleide Congolese gemeenschap in België, die nochtans maar al te graag wilt integreren. Het herkennen van de Congolezen en het erkennen van de problemen inzake de Congolese gemeenschap kan echter leiden tot een beter België én een beter Congo.

Het museum lijkt wel een metafoor voor de Belgische samenleving. Tot voor kort hield het vast aan een zeer koloniale en paternalistische voorstelling van zaken, maar door een veranderende tijdsgeest zal men vanaf nu de historische band op een gevoeligere wijze weergeven met een eerlijk beeld over de kolonisatie.

Deze lange en historische band vindt men makkelijk terug in Congo, waar vaak gesproken wordt over nos frères Belges. In België, daarentegen, lijkt deze band onbestaande. Het is een van de weinige zaken waarmee ons land nog de internationale pers haalt: de onwil en het onvermogen om ons koloniaal verleden onder ogen te komen en om de Congolese gemeenschap te omarmen.

Ons koloniaal verleden blijft dan ook gehuld in een pijnlijke stilte. Sommige archieven blijven zelfs ontoegankelijk, wat herinneringen oproept aan Leopold II die naar verluidt het bevel gaf om zijn eigen archieven te verbranden toen zijn persoonlijke heerschappij erop zat.

Een recente studie toonde aan dat 74% van de Congolese gemeenschap vindt dat ons koloniaal verleden een taboeonderwerp is in België. Ook in het onderwijs krijgt dit onderwerp niet de plaats die het verdient. Volgens 93% van de Congolese gemeenschap moet er dan ook meer onderwezen worden inzake de koloniale geschiedenis.

Ons koloniaal verleden hoeft niet als een molensteen rond onze nek te hangen.

Nu, een volledige waardering van de historische band is dan ook zeer emotioneel. Sommigen zien daarin een beschuldiging dat alle blanke Belgen racistisch zijn. Bovendien kennen veel families wel iemand die tijdens de kolonisatie in Congo gewerkt heeft.

Elke beweging richting een nieuwe blik op ons verleden wordt uit die hoek ooit afgedaan als een veroordeling van de kolonialen. Men zegt dat het te gemakkelijk is om Leopold II achteraf te veroordelen en om de morele standaarden van vandaag te transponeren op die tijd. Het was zelfs de vader van onze huidige premier, Louis Michel, die er in 2010 op wees dat Leopold II een visionaire held was.

In de zomer van 1897 was het deze 'visionaire held' die 267 Congolezen naar België haalde om tentoon te stellen bij zijn Koloniënpaleis in Tervuren. De populariteit was immens en men besloot er een permanente exhibitie van te maken. Wat eerst het Musée du Congo heette, kennen we vandaag als - jawel - het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren.

De "visionaire held" Leopold II stelde in 1897 Congolezen tentoon bij zijn Koloniënpaleis.

On display was tot enkele jaren geleden een pijnlijke minderwaardigheid van de Congolees gepaard met de superioriteit van de blanke man die beschaving bracht. Het museum was nochtans razend populair in België, en voor vele kinderen hun eerste echte kennismaking met ons verleden en de historische band tussen België en Congo.

Maar na honderd jaar voornamelijk een koloniale boodschap te hebben uitgedragen, zal het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika eindelijk niet alleen een fysieke maar ook een geestelijke transformatie ondergaan. De geestelijke verandering is misschien van het grootste belang: men zal een eerlijker en duidelijker beeld naar voren schuiven dat aanzet tot reflectie en debat. Het museum in Tervuren, gegroeid uit die zomer van 1897, kan vanaf december een grote rol spelen in de eindelijke herkenning van onze Congolese familie.

Met oog op deze herkenning moeten wel de grote bezwaren geadresseerd worden. Namelijk dat dit ertoe leidt dat alle blanke Belgen racistisch zijn of dat alle blanke Belgen zich schuldig moeten voelen en gebukt moeten gaan onder de historische verantwoordelijkheid voor de gruweldaden. Dit is onjuist en kan enkel leiden tot een verslechtering van de situatie en mag aldus niet het doel zijn.

De opwaardering van onze historische relatie zou namelijk niet negatief ervaren mogen worden, wel integendeel. In Congo sprak men tegen mij over een broederschap, een verwevenheid die ons vandaag de dag nu eenmaal meegegeven is door de geschiedenis, maar niet door die geschiedenis bepaald wordt. Hij hoeft niet als een molensteen rond onze nek te hangen, de gewaardeerde band moet juist een geprivilegieerde positie zijn voor de beide partijen in het nu.

Bovendien zal het herwaarderen van onze band de hele samenleving alsook de Congolese gemeenschap tot vele voordelen strekken, want volgend op de eindelijke herkenning van onze Congolese frères et soeurs komt hopelijk een erkenning. Het erkennen van de penibele socio-economische situatie van de uitgesloten Congolese gemeenschap in België.

Deze slechte socio-economische positie blijkt uit verschillende onderzoeken. Taal blijft belangrijk, maar ook discriminatie en de problematiek inzake het erkennen van diploma's liggen aan de oorzaak. Daardoor is de gemeenschap hoger opgeleid dan het Belgische gemiddelde, maar ligt de werkloosheidsgraad toch driemaal hoger. Het aanpakken van deze problematiek kan nochtans niet alleen tot economische groei leiden, maar ook een remedie tegen vergrijzing uitmaken. Een hoogopgeleide gemeenschap die onze waarden deelt en wilt integreren - welke Belgische partij zou zich hier niet voor willen engageren?

Koning Filip die koffie drinkt met Kagame is niet de enige toegangsweg tot de regio.

In de verre toekomst kan dit zelfs een beetje bijdragen aan een geprivilegieerde relatie met een stabiel en welvarend Congo. Jawel, u leest het goed, koning Filip die koffie drinkt met Kagame is niet de enige toegangsweg tot de regio.

Bij de onafhankelijkheid van Congo sprak Filips nonkel Boudewijn: 'Aan u, heren, komt het toe om nu te tonen dat wij gelijk gehad hebben u te vertrouwen.' Maar misschien is het juist aan ons om te tonen dat het geen fabeltje is dat een hoogopgeleide gemeenschap die wilt integreren, kan slagen in België. Met oog hierop zijn de veranderingen die het museum doorvoerde van belang, maar de veranderingen die de maatschappij moet doorvoeren zijn dat nog meer.

Het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren opent eind dit jaar opnieuw de deuren. En maar goed ook, want verschillende incidenten toonden de voorbije maanden aan dat onder andere ook hier nood aan is. Eerlijkheid en compleetheid over de historische band tussen België en Congo, en aldus het herkennen van onze Congolese familie, is reeds decennia lang een pijnlijk probleem in onze samenleving. Bovendien tonen recente studies opnieuw aan dat het slecht gesteld is met de hoogopgeleide Congolese gemeenschap in België, die nochtans maar al te graag wilt integreren. Het herkennen van de Congolezen en het erkennen van de problemen inzake de Congolese gemeenschap kan echter leiden tot een beter België én een beter Congo.Het museum lijkt wel een metafoor voor de Belgische samenleving. Tot voor kort hield het vast aan een zeer koloniale en paternalistische voorstelling van zaken, maar door een veranderende tijdsgeest zal men vanaf nu de historische band op een gevoeligere wijze weergeven met een eerlijk beeld over de kolonisatie. Deze lange en historische band vindt men makkelijk terug in Congo, waar vaak gesproken wordt over nos frères Belges. In België, daarentegen, lijkt deze band onbestaande. Het is een van de weinige zaken waarmee ons land nog de internationale pers haalt: de onwil en het onvermogen om ons koloniaal verleden onder ogen te komen en om de Congolese gemeenschap te omarmen.Ons koloniaal verleden blijft dan ook gehuld in een pijnlijke stilte. Sommige archieven blijven zelfs ontoegankelijk, wat herinneringen oproept aan Leopold II die naar verluidt het bevel gaf om zijn eigen archieven te verbranden toen zijn persoonlijke heerschappij erop zat. Een recente studie toonde aan dat 74% van de Congolese gemeenschap vindt dat ons koloniaal verleden een taboeonderwerp is in België. Ook in het onderwijs krijgt dit onderwerp niet de plaats die het verdient. Volgens 93% van de Congolese gemeenschap moet er dan ook meer onderwezen worden inzake de koloniale geschiedenis. Nu, een volledige waardering van de historische band is dan ook zeer emotioneel. Sommigen zien daarin een beschuldiging dat alle blanke Belgen racistisch zijn. Bovendien kennen veel families wel iemand die tijdens de kolonisatie in Congo gewerkt heeft. Elke beweging richting een nieuwe blik op ons verleden wordt uit die hoek ooit afgedaan als een veroordeling van de kolonialen. Men zegt dat het te gemakkelijk is om Leopold II achteraf te veroordelen en om de morele standaarden van vandaag te transponeren op die tijd. Het was zelfs de vader van onze huidige premier, Louis Michel, die er in 2010 op wees dat Leopold II een visionaire held was. In de zomer van 1897 was het deze 'visionaire held' die 267 Congolezen naar België haalde om tentoon te stellen bij zijn Koloniënpaleis in Tervuren. De populariteit was immens en men besloot er een permanente exhibitie van te maken. Wat eerst het Musée du Congo heette, kennen we vandaag als - jawel - het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren. On display was tot enkele jaren geleden een pijnlijke minderwaardigheid van de Congolees gepaard met de superioriteit van de blanke man die beschaving bracht. Het museum was nochtans razend populair in België, en voor vele kinderen hun eerste echte kennismaking met ons verleden en de historische band tussen België en Congo.Maar na honderd jaar voornamelijk een koloniale boodschap te hebben uitgedragen, zal het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika eindelijk niet alleen een fysieke maar ook een geestelijke transformatie ondergaan. De geestelijke verandering is misschien van het grootste belang: men zal een eerlijker en duidelijker beeld naar voren schuiven dat aanzet tot reflectie en debat. Het museum in Tervuren, gegroeid uit die zomer van 1897, kan vanaf december een grote rol spelen in de eindelijke herkenning van onze Congolese familie. Met oog op deze herkenning moeten wel de grote bezwaren geadresseerd worden. Namelijk dat dit ertoe leidt dat alle blanke Belgen racistisch zijn of dat alle blanke Belgen zich schuldig moeten voelen en gebukt moeten gaan onder de historische verantwoordelijkheid voor de gruweldaden. Dit is onjuist en kan enkel leiden tot een verslechtering van de situatie en mag aldus niet het doel zijn. De opwaardering van onze historische relatie zou namelijk niet negatief ervaren mogen worden, wel integendeel. In Congo sprak men tegen mij over een broederschap, een verwevenheid die ons vandaag de dag nu eenmaal meegegeven is door de geschiedenis, maar niet door die geschiedenis bepaald wordt. Hij hoeft niet als een molensteen rond onze nek te hangen, de gewaardeerde band moet juist een geprivilegieerde positie zijn voor de beide partijen in het nu. Bovendien zal het herwaarderen van onze band de hele samenleving alsook de Congolese gemeenschap tot vele voordelen strekken, want volgend op de eindelijke herkenning van onze Congolese frères et soeurs komt hopelijk een erkenning. Het erkennen van de penibele socio-economische situatie van de uitgesloten Congolese gemeenschap in België.Deze slechte socio-economische positie blijkt uit verschillende onderzoeken. Taal blijft belangrijk, maar ook discriminatie en de problematiek inzake het erkennen van diploma's liggen aan de oorzaak. Daardoor is de gemeenschap hoger opgeleid dan het Belgische gemiddelde, maar ligt de werkloosheidsgraad toch driemaal hoger. Het aanpakken van deze problematiek kan nochtans niet alleen tot economische groei leiden, maar ook een remedie tegen vergrijzing uitmaken. Een hoogopgeleide gemeenschap die onze waarden deelt en wilt integreren - welke Belgische partij zou zich hier niet voor willen engageren? In de verre toekomst kan dit zelfs een beetje bijdragen aan een geprivilegieerde relatie met een stabiel en welvarend Congo. Jawel, u leest het goed, koning Filip die koffie drinkt met Kagame is niet de enige toegangsweg tot de regio.Bij de onafhankelijkheid van Congo sprak Filips nonkel Boudewijn: 'Aan u, heren, komt het toe om nu te tonen dat wij gelijk gehad hebben u te vertrouwen.' Maar misschien is het juist aan ons om te tonen dat het geen fabeltje is dat een hoogopgeleide gemeenschap die wilt integreren, kan slagen in België. Met oog hierop zijn de veranderingen die het museum doorvoerde van belang, maar de veranderingen die de maatschappij moet doorvoeren zijn dat nog meer.