De rechtszaak is een erfenis uit het Fortis-verleden van Ageas. De hefboomfondsen zijn houders van in 2007 uitgegeven 'mandatory convertible securities' (MCS): een soort van financiële instrumenten die op het einde van de looptijd worden omgezet in aandelen. De MCS-houders hadden evenwel - middenin de financiële crisis - beslist de eindtijd van de instrumenten te verlengen naar 2030. Dat was tegen de zin van Ageas, dat in eerste aanleg ook gelijk had gekregen. De hefboomfondsen trokken naar het hof van beroep tegen die uitspraak. Ze vroegen de omzetting van de MCS in aandelen van Ageas ongedaan te maken, of als alternatief een voorlopige schadevergoeding van 1,3 miljard euro toe te kennen en de aanstelling van een expert om de precieze schade vast te stellen. Het hof van beroep wees die vorderingen op 1 februari 2019 evenwel af, waardoor de omzetting in aandelen van Ageas behouden bleef, en er geen schadevergoeding verschuldigd was. In juli 2019 tekenden de hefboomfondsen opnieuw beroep aan tegen die beslissing, ditmaal bij het Hof van Cassatie. Dat heeft nu dus het arrest van het hof van beroep bekrachtigd. De omzetting van de aandelen blijft behouden en er komt geen schadevergoeding. Ageas verwelkomt de uitspraak die een einde maakt aan de juridische procedures in deze zaak, laat het zaterdag weten in een persbericht. "De uitspraak is een nieuwe positieve stap naar de oplossing van de juridische zaken uit het verleden, waardoor de Groep zich verder kan concentreren op zijn verzekeringsactiviteiten." (Belga)

De rechtszaak is een erfenis uit het Fortis-verleden van Ageas. De hefboomfondsen zijn houders van in 2007 uitgegeven 'mandatory convertible securities' (MCS): een soort van financiële instrumenten die op het einde van de looptijd worden omgezet in aandelen. De MCS-houders hadden evenwel - middenin de financiële crisis - beslist de eindtijd van de instrumenten te verlengen naar 2030. Dat was tegen de zin van Ageas, dat in eerste aanleg ook gelijk had gekregen. De hefboomfondsen trokken naar het hof van beroep tegen die uitspraak. Ze vroegen de omzetting van de MCS in aandelen van Ageas ongedaan te maken, of als alternatief een voorlopige schadevergoeding van 1,3 miljard euro toe te kennen en de aanstelling van een expert om de precieze schade vast te stellen. Het hof van beroep wees die vorderingen op 1 februari 2019 evenwel af, waardoor de omzetting in aandelen van Ageas behouden bleef, en er geen schadevergoeding verschuldigd was. In juli 2019 tekenden de hefboomfondsen opnieuw beroep aan tegen die beslissing, ditmaal bij het Hof van Cassatie. Dat heeft nu dus het arrest van het hof van beroep bekrachtigd. De omzetting van de aandelen blijft behouden en er komt geen schadevergoeding. Ageas verwelkomt de uitspraak die een einde maakt aan de juridische procedures in deze zaak, laat het zaterdag weten in een persbericht. "De uitspraak is een nieuwe positieve stap naar de oplossing van de juridische zaken uit het verleden, waardoor de Groep zich verder kan concentreren op zijn verzekeringsactiviteiten." (Belga)