Tot aan de coronacrisis gaf hij mij zowat elke maand, in het Chinese restaurant Cooking Dao in Keerbergen, een privécursus macro-economie - al kwam tussendoor ook de teloorgang van de CD&V en voetbalclub Anderlecht ter sprake. Telkens weer werd de menukaart grondig bestudeerd, en dan koos eregouverneur Fons Verplaetse steevast voor dimsum, gevolgd door nasi goreng met kip, waarvan hij de overschot mee naar huis zou nemen. Een fles champagne hoorde er altijd bij. En vervolgens fileerde hij de Belgische en de internationale economie, aan de hand van de recentste cijfers van de Nationale Bank en het Internationaal Monetair Fonds, die hij tot op twee cijfers na de komma uit het hoofd kende. Cijfers waren zijn vrienden.
...

Tot aan de coronacrisis gaf hij mij zowat elke maand, in het Chinese restaurant Cooking Dao in Keerbergen, een privécursus macro-economie - al kwam tussendoor ook de teloorgang van de CD&V en voetbalclub Anderlecht ter sprake. Telkens weer werd de menukaart grondig bestudeerd, en dan koos eregouverneur Fons Verplaetse steevast voor dimsum, gevolgd door nasi goreng met kip, waarvan hij de overschot mee naar huis zou nemen. Een fles champagne hoorde er altijd bij. En vervolgens fileerde hij de Belgische en de internationale economie, aan de hand van de recentste cijfers van de Nationale Bank en het Internationaal Monetair Fonds, die hij tot op twee cijfers na de komma uit het hoofd kende. Cijfers waren zijn vrienden. Vorige week overleed Verplaetse op 90-jarige leeftijd na een korte ziekte en aan de gevolgen van corona. 'Als het een beetje gaat, is het al goed', zei hij de voorbije maanden aan de telefoon. Maar dan in het Zultse dialect dat hij cultiveerde. De in memoriams herinnerden ons aan zijn cruciale rol voor onze welvaart, van de devaluatie van de frank in 1982 waarmee hij de Belgische economie weer op de sporen zette, tot de koppeling van de frank aan de Duitse mark in 1990 om ons te verzekeren van deelname aan de euro. Hij zei daar zelf over dat de premiers Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene 'niks van economie kenden' en hem lieten doen. 'Heel democratisch was het niet, maar het werkt wel.' Ook nadat hij op zijn 69e met pensioen was gegaan, maakte hij in de marge nog allerlei berekeningen bij de cijfers van de Nationale Bank en het IMF. Hij werd 'de oudste medewerker van Knack': om de paar maanden analyseerde hij voor ons de belangrijkste uitdagingen op sociaal en economisch vlak. Tot jaloezie van de gouverneurs na hem, die bij elke gelegenheid informeerden of zij na hun pensioen ook een plek in Knack zouden krijgen. Heel wat inzichten van Verplaetse zullen blijven voortleven. Bijvoorbeeld dat we blijkbaar liever een land hebben met rijke burgers en een arme overheid dan omgekeerd. Hij wees er dan op dat de evolutie van de overheidsschuld samenviel met de toename van de rijkdom van de Belgen. 'België bestaat eigenlijk ook nog niet zo lang als soevereine staat, en we waren vroeger vaak bezet gebied', schetste Verplaetse. 'Toen was het een burgerdeugd om de bezetter niet overvloedig fiscaal te spijzen. Misschien speelt dat nog steeds mee.' De regeringen moesten die overheidsschuld afbouwen, maar hij hamerde erop dat ze daarbij oog moest hebben voor de weerslag op de jobcreatie. Want 'een sanering met 1 procent van het bruto binnenlands product brengt met zich mee dat er pakweg 10.000 jobs in de privésector minder gecreëerd worden', was een van zijn vele vuistregeltjes. Verplaetse benadrukte altijd dat er zo veel mogelijk mensen aan de slag moesten zijn, en dat we onze achterstand op het vlak van werkzaamheidsgraad in vergelijking met de rest van Europa moesten ophalen. 'Als België competitief is en er meer arbeidsplaatsen bij komen, zal het ook beter gaan met de overheidsfinanciën', luidde zijn mantra. Verplaetse was zonder overdrijven de architect van het herstelbeleid, maar moest daarna met spijt in het hart vaststellen hoe de paarse regeringen onder Guy Verhofstadt die erfenis verkwanselden en een unieke kans lieten liggen om een budgettaire spaarpot aan te leggen, wat ons tot op vandaag zuur opbreekt. 'Verhofstadt heeft alles wat we met Wilfried en Jean-Luc hadden bereikt kapotgemaakt', zei hij. Tien jaar geleden waarschuwde Verplaetse er al voor dat België op zowat alle sociaal-economisch-financiële vlakken achteruitboerde, 'maar ligt daar nog iemand van wakker? Ik in ieder geval wel', zei hij in Knack. 'Als je vandaag jong bent en naar de toekomst in België kijkt, heb je twee opties. Ofwel zeg je: ik verhuis. Ofwel zeg je: ik ga mijn steentje bijdragen om België op een structurele manier sociaal-economisch beter te maken. Ik behoor niet langer tot de jongeren, maar ik kies radicaal voor het laatste.' Jaren later zou hij dat bij elke lunch in Cooking Dao blijven benadrukken, voor hij de dessertkaart liet aanrukken. Hij vroeg dan altijd om die voor te lezen, en altijd koos hij voor een dame blanche, die hij met veel smaak tot op de bodem oplepelde. Niet alleen de cijfers verloren een vriend.