De UEFA besliste donderdag dat Brussel afvalt als gaststad voor het EK voetbal in 2020 omdat de bouw van het Eurostadion te onzeker is. Op de partijraad van de MR zei premier Charles Michel dat het dossier van begin af aan verprutst is door amateurs, maar Vanhengel voelt zich niet aangesproken. "Die uitspraak toont een totale onwetendheid aan", reageerde hij. "En dat is toch wel straf, dat zelfs de premier niet weet hoe het dossier in elkaar zit", zei de Brusselse minister in De Zevende Dag.

Positiewissels

Vanhengel ontkent dat Brussel soloslim heeft proberen spelen, en merkt op dat verschillende sleutelfiguren in het dossier gaandeweg op andere posities zijn terechtgekomen. "In 2014 zaten we met iedereen rond de tafel: Elio Di Rupo voor de federale regering, Kris Peeters voor Vlaanderen, de Voetbalbond, de Brusselse regering en de stad Brussel. Iedereen wilde ervoor gaan. Toen is Steven Martens opgestapt en zijn de Vlaamse en federale regering van samenstelling veranderd. Uiteindelijk zijn bijna alle hoofdrolspelers vertrokken. We hebben toen het gevoel gekregen dat we werden tegengewerkt."

"Op een zeker moment is men niet alleen tegen geweest, maar zijn we terecht gekomen in regelrechte sabotagepraktijken", zei Vanhengel, ook verwijzend naar de fameuze 'buurtweg' op parking C, die net na de UEFA-beslissing is afgeschaft.

'Stadion moet er toch komen'

Vanhengel pleit ervoor om de plannen voor de bouw van een stadion op parking C van de Heizel voort te zetten. "De nadelen van parking C ga je overal terugvinden, maar de voordelen ervan vind je nergens", zei de Brusselse minister..

"Ofwel gaat men nu nog door op het huidige dossier, dan zit er nog kans in dat we binnen een redelijke termijn een deftige infrastructuur hebben. Ofwel veegt men het bord af en dan zijn we terug vertrokken voor enkele tientallen jaren discussie."

"We hebben nu in dit land een kwarteeuw achterstand tegenover de buurlanden voor wat dit type van infrastructuur betreft", zegt Vanhengel. "Bovendien start volgend jaar de nations league, een landenkampioenschap waarin ons land om de haverklap zal moeten spelen tegen de Europese grootmachten. We gaan door UEFA nogal raar bekeken worden als we nog altijd niet over de infrastructuur beschikken om dat mogelijk te maken".