Nadat een bootje met transmigranten voor de Belgische kust kapseisde, voerde de politie dinsdagmorgen een zoekactie in De Panne. Al snel regende het op sociale media en internetfora racistische berichten. Verschillende politici hebben die berichten al veroordeeld en het parket is intussen een onderzoek gestart.

In de Kamer vroegen verschillende parlementsleden donderdag wat de regering zou doen tegen de zogenoemde 'hate speech', het verspreiden van haatdragende boodschappen via het internet. Jessika Soors (Groen) wees erop dat veel haatmisdrijven in de pratijk niet vervolgd worden, omdat ze voor assisen moeten komen, wat in de praktijk niet gebeurt. Om daar iets aan te doen, moet de grondwet gewijzigd worden. Ze stelde voor om daarom binnen de Kamer een werkgroep op te richten.

Kamervoorzitter Patrick Dewael zei meteen dat hij parlementaire initiatieven tegen haatboodschappen wil steunen. 'Als je leest wat er op sites allemaal verschijnt, heb je daar maar één woord voor: afschuw'.

Ook premier Wilmès wil bijkomende initiatieven nemen om de strijd aan te gaan met haatdragende boodschappen. 'We hebben hier niet allemaal dezelfde politieke kleur, maar we zouden een gemeenschappelijke vijand moeten hebben: de haat tegenover anderen', aldus de premier in lopende zaken. Wilmès wil op het Overlegcomité met de deelstaatregeringen voorstellen om een interministeriële conferentie op te richten rond de strijd tegen racisme en antisemitisme.

Soors wil ook dat de werkgroep in het parlement een aantal deontologische afspraken maakt voor politici. 'Dat politieke partijen, op kosten van de belastingbetaler, doelbewust fake news de wereld insturen, lijkt mij in strijd met de democratische opdracht waarvoor we verkozen zijn. Dit moet stoppen'.

Nadat een bootje met transmigranten voor de Belgische kust kapseisde, voerde de politie dinsdagmorgen een zoekactie in De Panne. Al snel regende het op sociale media en internetfora racistische berichten. Verschillende politici hebben die berichten al veroordeeld en het parket is intussen een onderzoek gestart. In de Kamer vroegen verschillende parlementsleden donderdag wat de regering zou doen tegen de zogenoemde 'hate speech', het verspreiden van haatdragende boodschappen via het internet. Jessika Soors (Groen) wees erop dat veel haatmisdrijven in de pratijk niet vervolgd worden, omdat ze voor assisen moeten komen, wat in de praktijk niet gebeurt. Om daar iets aan te doen, moet de grondwet gewijzigd worden. Ze stelde voor om daarom binnen de Kamer een werkgroep op te richten. Kamervoorzitter Patrick Dewael zei meteen dat hij parlementaire initiatieven tegen haatboodschappen wil steunen. 'Als je leest wat er op sites allemaal verschijnt, heb je daar maar één woord voor: afschuw'. Ook premier Wilmès wil bijkomende initiatieven nemen om de strijd aan te gaan met haatdragende boodschappen. 'We hebben hier niet allemaal dezelfde politieke kleur, maar we zouden een gemeenschappelijke vijand moeten hebben: de haat tegenover anderen', aldus de premier in lopende zaken. Wilmès wil op het Overlegcomité met de deelstaatregeringen voorstellen om een interministeriële conferentie op te richten rond de strijd tegen racisme en antisemitisme. Soors wil ook dat de werkgroep in het parlement een aantal deontologische afspraken maakt voor politici. 'Dat politieke partijen, op kosten van de belastingbetaler, doelbewust fake news de wereld insturen, lijkt mij in strijd met de democratische opdracht waarvoor we verkozen zijn. Dit moet stoppen'.