Deze bergrit telt drie gecategoriseerde beklimmingen en in totaal moeten 3400 hoogtemeters overbrugd worden. Het is een atypische bergetappe, want de eerste 50 kilometer gaan in dalende lijn waarna de eerste gecategoriseerde klim volgt; de Sveseri van derde categorie, 3,3 km aan 8,4%. Daarna gaat het opnieuw 84 km in dalende lijn of door de vallei om aan tweeluik bergop te beginnen. De Passo Valentino is een klim van eerste categorie, 14,8 km lang aan 7,8% gemiddeld. Maximaal topt het even naar 14%, iets voor halfweg de klim. De top ligt op 1159 meter. Na een snelle afdaling volgen er nog acht vlakke kilometers om te eindigen met een nieuwe klim in de Giro, de Sega di Ala van eerste categorie. In de vroegere ronde van Trentino werd deze col al eens opgenomen in het parcours en toonde Vincenzo Nibali zich toen in 2013 de sterkste. Vijf weken later won hij ook zijn eerste Giro. De kans dat hij dat nu aan het feest is, lijkt eerder klein, want de vinnen van de Haai van Messini zijn lang zo scherp niet meer als vroeger. Hoe dan ook, de slotklim is 11,2 km lang aan 9,8% gemiddeld met in de beginfase en het midden enkele steile stukken en ook het slot is niet van de poes met een strook van één kilometer (van km 7 naar 8 op de klim) aan 16,9%. Hier maakte Nibali toen het verschil. Egan Bernal kan hier nog verder uitlopen, al kan het ook zijn dat de vroege vluchters opnieuw voorop mogen blijven. (Belga)

Deze bergrit telt drie gecategoriseerde beklimmingen en in totaal moeten 3400 hoogtemeters overbrugd worden. Het is een atypische bergetappe, want de eerste 50 kilometer gaan in dalende lijn waarna de eerste gecategoriseerde klim volgt; de Sveseri van derde categorie, 3,3 km aan 8,4%. Daarna gaat het opnieuw 84 km in dalende lijn of door de vallei om aan tweeluik bergop te beginnen. De Passo Valentino is een klim van eerste categorie, 14,8 km lang aan 7,8% gemiddeld. Maximaal topt het even naar 14%, iets voor halfweg de klim. De top ligt op 1159 meter. Na een snelle afdaling volgen er nog acht vlakke kilometers om te eindigen met een nieuwe klim in de Giro, de Sega di Ala van eerste categorie. In de vroegere ronde van Trentino werd deze col al eens opgenomen in het parcours en toonde Vincenzo Nibali zich toen in 2013 de sterkste. Vijf weken later won hij ook zijn eerste Giro. De kans dat hij dat nu aan het feest is, lijkt eerder klein, want de vinnen van de Haai van Messini zijn lang zo scherp niet meer als vroeger. Hoe dan ook, de slotklim is 11,2 km lang aan 9,8% gemiddeld met in de beginfase en het midden enkele steile stukken en ook het slot is niet van de poes met een strook van één kilometer (van km 7 naar 8 op de klim) aan 16,9%. Hier maakte Nibali toen het verschil. Egan Bernal kan hier nog verder uitlopen, al kan het ook zijn dat de vroege vluchters opnieuw voorop mogen blijven. (Belga)