De arbeidseconoom spreekt van "een belasting op arbeid die men over de tijd wil uitdoven." Dat is vooral een goede zaak omdat zo de financiële kloof tussen werkenden en niet-werkenden groter wordt. "Politici rollen al jaren over elkaar om dat te bepleiten", zegt Baert na de begrotingsgesprekken. "Dit is een zichtbare manier om dat te doen. Werkenden zullen meer centen overhouden als ze aan het werk gaan of promotie krijgen". De bijzondere bijdrage zal in vier fases uitdoven: 2022, 2024, 2026 en 2028. De oefening kan vooral een gunstig effect hebben op de werkzaamheidsgraad, gelooft Baert. Die moet in 2030 federaal op 80 procent liggen. "Hiermee doet men wat men al lange tijd zegt", vindt Baert, "namelijk werken meer doen lonen en zorgen dat het verschil met niet-werken vergroot." De maatregel zou op termijn 1,2 miljard euro kosten, al kan de operatie uiteindelijk budgetneutraal zijn. Het akkoord dat dinsdagochtend is voorgesteld "bevat meer dan ik had verwacht", vervolgt Baert, "al zijn een aantal dingen ook niet gelukt." Vooral de vereenvoudiging van de vierdagen week, waarbij 38 uren in een kortere werkweek worden geklopt, valt op. "Ik ben verbaasd dat men daar niet in geslaagd is. Ook het versterken van Belgische e-commerce is nog niet gelukt. "We willen meer mensen aan de slag zien", zegt Baert. "Maar toch verliezen we elke dag banen aan andere landen." De econoom wijst op de noodzaak om werk te maken van een aangepast kader voor de sector. "De regering zegt dat daarover een rondetafel georganiseerd zal worden. Als dat maar geen vergeetput wordt, zoals de lijst met zware beroepen van de regering Michel een vergeetput was." Baert gelooft dat het nodig is dat de regering de sociale partners een deadline oplegt en die ook afdwingt wanneer die verstreken is. "Als men hier nu al erg moeilijk uit geraakt, is het nog maar de vraag of men dit zal doen indien de sociale partners er niet uit geraken." Wat betreft de aanpak van langdurig zieken. "Ook hier kan ik zeggen dat het akkoord minder bevat dan gehoopt, maar meer dan verwacht." Dat de middelen van mutualiteiten verbonden zullen worden aan hun inspanning om langdurig zieken terug naar de arbeidsmarkt te begeleiden, verrast Baert. "Omdat je dat van bepaalde partijen langs de linkse kant van het spectrum niet zou verwachten dat ze daarin mee zouden gaan." Toch is het afwachten hoe groot de resultaatsverbintenis met de mutualiteiten zal worden en in welke mate ook bedrijven meer aangemoedigd zullen worden om langdurig zieke mensen te reactiveren. (Belga)

De arbeidseconoom spreekt van "een belasting op arbeid die men over de tijd wil uitdoven." Dat is vooral een goede zaak omdat zo de financiële kloof tussen werkenden en niet-werkenden groter wordt. "Politici rollen al jaren over elkaar om dat te bepleiten", zegt Baert na de begrotingsgesprekken. "Dit is een zichtbare manier om dat te doen. Werkenden zullen meer centen overhouden als ze aan het werk gaan of promotie krijgen". De bijzondere bijdrage zal in vier fases uitdoven: 2022, 2024, 2026 en 2028. De oefening kan vooral een gunstig effect hebben op de werkzaamheidsgraad, gelooft Baert. Die moet in 2030 federaal op 80 procent liggen. "Hiermee doet men wat men al lange tijd zegt", vindt Baert, "namelijk werken meer doen lonen en zorgen dat het verschil met niet-werken vergroot." De maatregel zou op termijn 1,2 miljard euro kosten, al kan de operatie uiteindelijk budgetneutraal zijn. Het akkoord dat dinsdagochtend is voorgesteld "bevat meer dan ik had verwacht", vervolgt Baert, "al zijn een aantal dingen ook niet gelukt." Vooral de vereenvoudiging van de vierdagen week, waarbij 38 uren in een kortere werkweek worden geklopt, valt op. "Ik ben verbaasd dat men daar niet in geslaagd is. Ook het versterken van Belgische e-commerce is nog niet gelukt. "We willen meer mensen aan de slag zien", zegt Baert. "Maar toch verliezen we elke dag banen aan andere landen." De econoom wijst op de noodzaak om werk te maken van een aangepast kader voor de sector. "De regering zegt dat daarover een rondetafel georganiseerd zal worden. Als dat maar geen vergeetput wordt, zoals de lijst met zware beroepen van de regering Michel een vergeetput was." Baert gelooft dat het nodig is dat de regering de sociale partners een deadline oplegt en die ook afdwingt wanneer die verstreken is. "Als men hier nu al erg moeilijk uit geraakt, is het nog maar de vraag of men dit zal doen indien de sociale partners er niet uit geraken." Wat betreft de aanpak van langdurig zieken. "Ook hier kan ik zeggen dat het akkoord minder bevat dan gehoopt, maar meer dan verwacht." Dat de middelen van mutualiteiten verbonden zullen worden aan hun inspanning om langdurig zieken terug naar de arbeidsmarkt te begeleiden, verrast Baert. "Omdat je dat van bepaalde partijen langs de linkse kant van het spectrum niet zou verwachten dat ze daarin mee zouden gaan." Toch is het afwachten hoe groot de resultaatsverbintenis met de mutualiteiten zal worden en in welke mate ook bedrijven meer aangemoedigd zullen worden om langdurig zieke mensen te reactiveren. (Belga)