Juicht, Belgen, juicht ! Want -tromgeroffel en bazuingeschal- het geld is niét op! Nog eens: het geld is niét op. Hoera!

Wat een prachtig staaltje van plichtsgetrouw optimisme, wie wil kan er elk kritisch oordeel mee pareren. En wat een godsgeschenk voor de weinig benijdenswaardige lieden die nog moeten proberen dit koninkrijk aan een Belgische regering te helpen. Aangezien alles in dit land een zogenaamd 'communautair' aspect vertoont, geldt dat ook voor die bizarre uitspraak die de eerste dagen van het nieuwe jaar moest opvrolijken.

Met die regeringsvorming lukt het voorlopig nog altijd niet te best. Omdat de politieke partijen strategische spelletjes spelen, daarbij alleen op eigen voordeel lijken uit te zijn, en 'hun verantwoordelijkheid weigeren op te nemen', beweren sommigen. Omdat de pseudo-federale Belgische constructie tegen haar laatste limieten opbotst, denken anderen. Terwijl slechts hier en daar een schaarse Cassandra te horen valt, die zegt waar het echt op staat: er moeten eigenlijk zonder dralen zware besparingen worden doorgevoerd, maar daar wil geen enkele partij de schuld van krijgen - en al helemaal niet dié partijen die het in het verleden zo ver hebben laten komen.

Falende regeringsvorming laat falend land zien.

Dan komt het natuurlijk goed uit dat ergens een wetenschapper, een econoom, met de geruststellende mare uitpakt dat het allemaal niet zo erg is. Willem Sas vindt zelfs dat dit koninkrijk er eigenlijk helemaal niet zo slecht voorstaat. Tja, als je natuurlijk de juiste invalshoek en parameters hanteert, en negeert wat niet in die struisvogelvisie past. Optimisme als morele plicht?

In ernst nu. Wie de toestand een beetje nuchter bekijkt, en zich niet door taboes laat verblinden, weet (a) dat de regeringsvorming deze keer meer dan ooit te maken heeft met (heel veel) centen, en (b) dat die centen er niét zijn. De briljante Franstalige jurist Marc Uyttendaele - wiens intelligentie vaak wordt overtroffen door zijn cynisme - smeedde onlangs beide vaststellingen in omgekeerde orde aan elkaar: 'Als de financiële solidariteit behouden blijft, is qua staatshervorming alles mogelijk'.

De woordkeuze is niet onbelangrijk. 'Geldstromen' en zelfs 'transfers' zijn lelijke woorden, die liever niet in de mond worden genomen door staatsdragende lieden. Meer nog: ook het uitvoerig uitgewerkte plan van de N-VA om België om te vormen tot een confederatie voorziet het handhaven van die financiële solidariteit. De partij zit daarmee - allicht nietsvermoedend, want anders zou het zeer tegen haar zin zijn geweest - in feite op het zelfde spoor als de linkse flamingant Toon Roosens, die meer dan twintig jaar geleden al opriep om voor - en met - Wallonië een soort Marshall-plan uit te werken. Roosens' idee werd dezer dagen nog eens voor het voetlicht gehaald door de eminente commentator Rik van Cauwelaert. Zeer terecht.

Want na een lachwekkend aantal informatierondjes kan maandag hooguit nog wat blessuretijd vergund worden; maar dan is het spel wel afgelopen. Inmiddels zijn toch wel drie dingen onmiskenbaar duidelijk: dit koninkrijk is aan heel grondige verbouwingen toe wanneer het wil blijven voortbestaan, die verbouwingen mogen niet langer worden uitgesteld ten koste van komende generaties, én: daarbij zullen goede afspraken over financiële solidariteit levensnoodzakelijk zijn.

Eenvoudig is het niet, en vijf minuten politieke moed zullen niet volstaan. Maar verder uitstel kan alleen maar de conclusie versterken dat de falende regeringsvorming niet meer is dan de zwarte rook die een zware brand verraadt: die van een volkomen falend politiek bestel. Ofte, in een taal die meer in de mode is: a failed state.

Edi Clijsters is kernlid van Vlinks.

Juicht, Belgen, juicht ! Want -tromgeroffel en bazuingeschal- het geld is niét op! Nog eens: het geld is niét op. Hoera! Wat een prachtig staaltje van plichtsgetrouw optimisme, wie wil kan er elk kritisch oordeel mee pareren. En wat een godsgeschenk voor de weinig benijdenswaardige lieden die nog moeten proberen dit koninkrijk aan een Belgische regering te helpen. Aangezien alles in dit land een zogenaamd 'communautair' aspect vertoont, geldt dat ook voor die bizarre uitspraak die de eerste dagen van het nieuwe jaar moest opvrolijken.Met die regeringsvorming lukt het voorlopig nog altijd niet te best. Omdat de politieke partijen strategische spelletjes spelen, daarbij alleen op eigen voordeel lijken uit te zijn, en 'hun verantwoordelijkheid weigeren op te nemen', beweren sommigen. Omdat de pseudo-federale Belgische constructie tegen haar laatste limieten opbotst, denken anderen. Terwijl slechts hier en daar een schaarse Cassandra te horen valt, die zegt waar het echt op staat: er moeten eigenlijk zonder dralen zware besparingen worden doorgevoerd, maar daar wil geen enkele partij de schuld van krijgen - en al helemaal niet dié partijen die het in het verleden zo ver hebben laten komen.Dan komt het natuurlijk goed uit dat ergens een wetenschapper, een econoom, met de geruststellende mare uitpakt dat het allemaal niet zo erg is. Willem Sas vindt zelfs dat dit koninkrijk er eigenlijk helemaal niet zo slecht voorstaat. Tja, als je natuurlijk de juiste invalshoek en parameters hanteert, en negeert wat niet in die struisvogelvisie past. Optimisme als morele plicht? In ernst nu. Wie de toestand een beetje nuchter bekijkt, en zich niet door taboes laat verblinden, weet (a) dat de regeringsvorming deze keer meer dan ooit te maken heeft met (heel veel) centen, en (b) dat die centen er niét zijn. De briljante Franstalige jurist Marc Uyttendaele - wiens intelligentie vaak wordt overtroffen door zijn cynisme - smeedde onlangs beide vaststellingen in omgekeerde orde aan elkaar: 'Als de financiële solidariteit behouden blijft, is qua staatshervorming alles mogelijk'.De woordkeuze is niet onbelangrijk. 'Geldstromen' en zelfs 'transfers' zijn lelijke woorden, die liever niet in de mond worden genomen door staatsdragende lieden. Meer nog: ook het uitvoerig uitgewerkte plan van de N-VA om België om te vormen tot een confederatie voorziet het handhaven van die financiële solidariteit. De partij zit daarmee - allicht nietsvermoedend, want anders zou het zeer tegen haar zin zijn geweest - in feite op het zelfde spoor als de linkse flamingant Toon Roosens, die meer dan twintig jaar geleden al opriep om voor - en met - Wallonië een soort Marshall-plan uit te werken. Roosens' idee werd dezer dagen nog eens voor het voetlicht gehaald door de eminente commentator Rik van Cauwelaert. Zeer terecht.Want na een lachwekkend aantal informatierondjes kan maandag hooguit nog wat blessuretijd vergund worden; maar dan is het spel wel afgelopen. Inmiddels zijn toch wel drie dingen onmiskenbaar duidelijk: dit koninkrijk is aan heel grondige verbouwingen toe wanneer het wil blijven voortbestaan, die verbouwingen mogen niet langer worden uitgesteld ten koste van komende generaties, én: daarbij zullen goede afspraken over financiële solidariteit levensnoodzakelijk zijn.Eenvoudig is het niet, en vijf minuten politieke moed zullen niet volstaan. Maar verder uitstel kan alleen maar de conclusie versterken dat de falende regeringsvorming niet meer is dan de zwarte rook die een zware brand verraadt: die van een volkomen falend politiek bestel. Ofte, in een taal die meer in de mode is: a failed state. Edi Clijsters is kernlid van Vlinks.