Onlangs gaf Tobias Leenaert, oprichter van vzw EVA en Donderdag Veggiedag, een interview aan de krant De Standaard, naar aanleiding van zijn nieuwe boek How to create a vegan world. Toen hem werd gevraagd naar de eiercrisis, zei hij niet verrast te zijn. 'Kippen zijn de slechtst behandelde dieren ter wereld', aldus Leenaert. Aan de telefoon verduidelijkt hij zijn stelling. 'Kippen in de intensieve veeteelt worden barslecht behandeld. Wereldwijd ondergaan ruim 60 miljard kippen dit lot. Kippen uit de intensieve veeteelt halen is dus een voorbeeld van effectief altruïsme: daarmee kun je, binnen de dierenwereld, het meeste leed verminderen.'
...

Onlangs gaf Tobias Leenaert, oprichter van vzw EVA en Donderdag Veggiedag, een interview aan de krant De Standaard, naar aanleiding van zijn nieuwe boek How to create a vegan world. Toen hem werd gevraagd naar de eiercrisis, zei hij niet verrast te zijn. 'Kippen zijn de slechtst behandelde dieren ter wereld', aldus Leenaert. Aan de telefoon verduidelijkt hij zijn stelling. 'Kippen in de intensieve veeteelt worden barslecht behandeld. Wereldwijd ondergaan ruim 60 miljard kippen dit lot. Kippen uit de intensieve veeteelt halen is dus een voorbeeld van effectief altruïsme: daarmee kun je, binnen de dierenwereld, het meeste leed verminderen.' Toch blijft het volgens Ferry Leenstra, pluimveedeskundige aan de universiteit van Wageningen (Livestock Research), moeilijk om deze uitspraak te staven. 'Het is al heel moeilijk om bij mensen wetenschappelijk te bepalen hoe goed of slecht ze zich voelen, laat staan bij dieren. We kunnen hun (on)welzijn wel meten, maar vergelijken tussen diersoorten is onmogelijk. Het klopt wel dat kippen getalsmatig de grootste groep zijn in de veehouderij, maar die uitspraak gaat dan eerder over de hele populatie, niet over het individuele leed van één kip.' Bij het Instituut voor Landbouw en Visserijonderzoek (ILVO) klinkt een soortgelijk geluid: het is onmogelijk om op wetenschappelijke basis het welzijn (of leed) van diersoorten onderling te vergelijken. Dan maar polsen bij de dierenrechtenorganisaties. Ook Michel Vandenbosch, voorzitter van GAIA, vindt het moeilijk vergelijken. 'In China zijn er honden die levend gevild en gekookt worden. Of neem stierengevechten: een geësthetiseerd folterspektakel.' Al beaamt Vandenbosch wel dat kippen in de intensieve landbouw 'verschrikkelijk slecht' behandeld worden. 'En het klopt dat, puur op basis van aantallen, vooral kippen (leghennen en vooral vleeskuikens) slachtoffer zijn van zulke praktijken.' Uit statistieken van de FOD Economie blijkt alvast dat er in Belgische slachthuizen vooral kippen worden geslacht: in 2016 waren dat er ruim 305 miljoen, tegenover 12 miljoen andere dieren (runderen, varkens, schapen, geiten en paarden). Nadine Lucas, woordvoerder van Animal Rights, gaat volkomen akkoord met de stelling. 'Een jaar geleden konden we nog beelden tonen van een legkipschuur in Vlaanderen. Gruwelijke toestanden: die dieren zaten met duizenden op elkaar, op een bodem van draadgaas. Hun poten gingen kapot en ze kregen geen enkele verzorging. Vleeskippen worden dan weer speciaal gefokt om zo veel en zo snel mogelijk borstfilets te produceren. Hun evenwicht raakt totaal verstoord, waardoor ze vaak niet meer op hun poten kunnen staan.' Ten slotte polsten we nog bij het Amerikaanse PETA (People for the Ethical Treatment of Animals), de grootste dierenrechtenorganisatie ter wereld. 'Normaal kan een kip 20 jaar oud worden. Maar in de industrie worden ze hooguit één jaar. Tenminste als ze het geluk hebben vrouwelijke legkippen te zijn. De haantjes worden onmiddellijk na hun geboorte gedood. En kippen uit de vleesindustrie blijven maar zes à zeven weken leven', aldus Felicitas Kitali (PETA Duitsland). 'In Duitsland hebben wij een overheidswebsite waarop per soort staat hoeveel dieren er jaarlijks gedood worden voor de vleesindustrie. Alleen bij kippen niet: voor hen wordt dat uitgedrukt per ton. Dat zegt genoeg. Als je puur naar aantallen kijkt, zouden enkel vissen "concurrentie" kunnen zijn. Maar bij kippen is het misbruik toch nog groter.'