1. Wat moet u kopen?

'Wat geven jullie aan een driejarige? Pfffffff.' De wanhoopskreet is in verschillende variaties te lezen op onlinefora voor ouders die worstelen met pedagogische vraagstukken zoals de aanschaf van cadeaus. Een sinterklaascadeau moet in de eerste plaats leuk zijn, zegt socioloog Dimitri Mortelmans (Universiteit Antwerpen), die zich bezighoudt met onze geschenkencultuur. Een goed cadeau voldoet aan twee kenmerken, zegt hij. 'Het is persoonlijk, en het verrast. Dat tweede vloeit voort uit het eerste: je toont met een geschenk hoe goed je iemand kent.'
...

'Wat geven jullie aan een driejarige? Pfffffff.' De wanhoopskreet is in verschillende variaties te lezen op onlinefora voor ouders die worstelen met pedagogische vraagstukken zoals de aanschaf van cadeaus. Een sinterklaascadeau moet in de eerste plaats leuk zijn, zegt socioloog Dimitri Mortelmans (Universiteit Antwerpen), die zich bezighoudt met onze geschenkencultuur. Een goed cadeau voldoet aan twee kenmerken, zegt hij. 'Het is persoonlijk, en het verrast. Dat tweede vloeit voort uit het eerste: je toont met een geschenk hoe goed je iemand kent.' Net dat aspect van cadeautjes geven maakt sinterklaascadeaus zo magisch en de Sint zo'n heilig man, weet ook etiquettespecialiste Brigitte Balfoort. 'Dat hij uit de duizenden cadeaus in het ruim van zijn stoomboot net dát cadeau plukt dat jij zo graag wilt.' Nee, zegt Mortelmans resoluut. 'Ze zijn de dark side van de geschenken, want ze hebben een bijbedoeling. Een wereldbol is een mooi cadeau, maar kan ook zeggen: ik hoop dat je nu betere punten voor aardrijkskunde zult hebben. Dat is een negatieve boodschap.' Wat wel kan, zegt Balfoort, is dat de Sint speelgoed geeft om samen te spelen. 'Als zelfs de Sint zegt dat je moet delen, dan zal dat wel zo zijn. Gezelschapsspelletjes zijn daarom heel waardevol. Zo spelen de kinderen nog eens fysiek samen, en niet alleen via de computer of online. Bovendien is er niets leukers voor kinderen om samen met de ouders te spelen. En al helemaal als die verliezen.' De etiquettekenner ziet nog een indirecte pedagogische dimensie aan cadeaus: dankbaarheid leren tonen. 'Kinderen moeten leren dat er maar drie manieren zijn om een geschenk in ontvangst te nemen. Blij, zeer blij en extreem blij. Dus ook die lelijke gebreide trui van je oude tante aanvaard je met de glimlach en een "dankjewel". Net zo kun je je kinderen een bedankbriefje laten sturen naar de Sint. En dat bedankje verlengt ook nog eens de pret.' Mortelmans: 'Wanneer je niet weet wat te kopen voor een verjaardag is een spaarcentje of een waardebon een mooi cadeau. Zeker van grootouders aanvaarden we dat, omdat zij niet altijd meer mee zijn met wat kinderen willen.' Maar geld en waardebonnen zijn uitgesloten als sinterklaascadeau, vinden Balfoort en Mortelmans. Die laatste heeft tienerkinderen, en ontsnapt aan de stress van het juiste cadeau uitkiezen. 'Mijn zoon liet via Messenger weten welk computerspel hij wil. Op Black Friday bovendien, dan kon ik meteen een koopje doen. Dat is wel anders voor ouders van kleuters die elke dag iets anders willen. Ik fiets elke dag langs een speelgoedwinkel. Elk jaar zie ik daar tot twee dagen voor 6 december ouders binnen en - buitenstormen.' Die ouders raadt Balfoort aan om de stress om te buigen naar een vroege aftrap van de feestvreugde. 'Kinderen zetten een paar dagen voor 6 december toch al hun schoentje, en daar hoort de brief bij met wat ze willen. Maak die brief ruim op voorhand samen, zodat je die kunt gebruiken als boodschappenlijstje.' Sinterklaas ademt hoe dan ook pedagogiek. Want: wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe. Balfoort is er niet tegen dat ouders Sinterklaas inzetten als politieman. 'Hij mag de stok achter de deur zijn, en ouders helpen om begrippen zoals goed en kwaad bij te brengen.' Maar de stok moet wel achter de deur blijven, benadrukt ze. 'Wat is het eerste dat Sinterklaas zegt wanneer hij voet aan wal zet? "Er zijn dit jaar geen stoute kinderen." Dat is een prachtig gebaar. De Sint moet vergevingsgezind zijn.' Het strafelement van Sinterklaas is tegenwoordig stevig afgezwakt, weet socioloog Mortelmans. 'Toen ik bij de scouts zat, durfde Zwarte Piet nog écht iemand in de zak stoppen. Vandaag is dat wellicht niet meer denkbaar.' Hij wijst op één groep kinderen bij wie het zwarte randje wel nog sterkt leeft: 'Kinderen uit arme gezinnen. Er is een reden waarom armoedeorganisaties dezer dagen zo gedreven speelgoed inzamelen. Een kind dat op 6 december niets krijgt, zal dat schrijnend genoeg op zichzelf betrekken en zich afvragen of het stout is geweest.' Het speelgoed waar uw koters niet meer mee spelen naar het OCMW, een weeshuis of een ander goed doel brengen, is dus een uitstekend idee. Volgens de Nederlandse creditcarduitgever ICS spendeerden de Nederlanders vorig jaar meer geld aan kerstcadeaus dan aan sinterklaasgeschenken. Hoe zit dat bij ons? Mortelmans waarschuwt voor vergelijkingen. 'De geschenkcultuur in Nederland is helemaal anders dan die bij ons. Sinterklaas is er bijvoorbeeld veel minder een cadeautjesfeest, en is niet exclusief voor kinderen. Kinderen en volwassenen lezen op wat zij "pakjesavond" noemen zelfgeschreven gedichtjes en rijmpjes voor aan elkaar. Dat verklaart, tussen haakjes, wellicht deels waarom de Zwarte Pietdiscussie bij ons minder hevig verloopt.' Dimitri Mortelmans ziet een verschuiving wanneer kinderen ouder worden. 'Zolang ze in Sinterklaas geloven, ligt in onze traditie dáár het zwaartepunt. Daarna kantelt het naar kerst, wanneer wij voor elkáár iets kopen - eerder dan dat de Kerstman iets geeft, zoals in de VS.' Hoe belangrijk het sinterklaasfeest bij ons wel is, mag blijken uit het feit dat ook wie niet meer gelooft toch nog iets krijgt. 'Zelfs pubers verwachten iets, al is het wat chocolade. En ook bedrijven zorgen voor een attentie. Het hoort bij de magie van Sinterklaas.' 'Hoeveel geven jullie uit?' Ook die vraag keert geregeld terug op fora. Brigitte Balfoort vindt dat mensen doorgaans te veel spenderen aan cadeaus, waardoor er inflatie optreedt. 'Sinterklaas moet veel geven, maar daarom nog geen tablets en fietsen. "Veel" kan ook betekenen dat de hele tafel bezaaid is met letterkoekjes, chocolade en mandarijntjes. De Sint moet de hemel op aarde leveren.' Daar schuilt een tip in voor ouders die toch graag een praktisch cadeautje geven. 'Leg tussen al het lekkers en de andere cadeautjes gerust ook een paar dingen die kinderen dezer dagen nodig hebben, zoals een paar oorwarmers of een warme pyjama. Het maakt die dingen minder saai voor kleine kinderen, want ze kwamen toch maar mooi van Sinterklaas.' Balfoort pleit ook voor een kwaliteitssint. 'Vandaag kunnen kinderen drie sinterklazen per dag zien in elke winkel - je vindt tegenwoordig al een pak voor 30 euro. Maar een kind haalt zo'n voddensint er meteen uit, denk maar aan de fantastische sinterklaassketch van Toon Hermans. Nee, haal je eens de Sint voor de geest die vroeger bij jou op school kwam. Eén en al blingbling: gewaden met gouden borduursel, ringen met robijnen, die prachtige, lange baard. Dat maakt driekwart van de magie uit.' Mortelmans beaamt dat overdaad intrinsiek deel uitmaakt van feesten. 'Antropologen zagen bij primitieve volkeren al potlatch, te vertalen als potverteren of verbrassen. Overschotten van feestmaaltijden werden gewoon verbrand. Of kijk naar carnaval, ook dat is alle remmen los. Net zo moet er op 6 december meer chocolade en snoep zijn dan op 5 december. De vraag is in hoeverre we ons moeten laten pushen door de commercie. Ik heb Sinterklaas en de Kerstman weleens de hogepriesters van het kapitalisme genoemd. (lacht) Mensen mogen zichzelf geen pijn doen om tegemoet te komen aan het economisch opgedrongen idee dat the sky the limit is. Bepaal vooral zelf hoeveel een sinterklaascadeau mag kosten.'