Het parket van Brussel voert een opsporingsonderzoek naar vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken en Defensie Didier Reynders na de beschuldigingen van een ex-geheim agent. De man werkte van 2007 tot 2018 bij de Staatsveiligheid. In zijn politieverhoor maakt Ullens gewag van smeergeld dat zou zijn betaald bij een reeks overheidsopdrachten en overheidsaankopen. Hij verwijst onder meer naar de verhuis van de federale politie naar het Rijksadministratief Centrum in Brussel, Kazachgate en een zaak rond Libische fondsen. Ullens wil voorkomen dat Reynders tot Europees commissaris wordt benoemd, want dan wordt het voor het parket moeilijker om een onderzoek te voeren. Zijn strijd is naar eigen zeggen ingegeven door het algemeen belang. "Ik ben ervan bewust dat het kamp-Reynders me zal proberen weg te zetten als iemand die hem politiek wil beschadigen. Maar dat klopt niet. Tachtig procent van het sociaal milieu waar ik uitkom, stemt op hem. Ik heb geen enkel persoonlijk belang om me op hem te richten", zegt hij in De Tijd. "Voor het geval er vreemde dingen zouden gebeuren: ik ga niet naar de parking in Cointe (waar PS-politicus André Cools in 1991 werd vermoord, red.), ik ben niet suïcidaal en ik zie geen enkele reden om een eind te maken aan mijn leven", voegt Ullens er nog aan toe. (Belga)