CEO deed onderzoek naar de manier waarop besluiten worden genomen in de Raad, waar de ministers van de lidstaten vergaderen, de Europese Raad van staatshoofden en regeringsleiders, en de gespecialiseerde werkgroepen en comités die de lidstaten ondersteunen. Het besluit luidt dat bedrijfsbelangen "erg dominant" zijn en dat vakbonden en ngo's nog niet van de toegang kunnen dromen die ondernemingen wel hebben. In het rapport worden verschillende landen genoemd die volgens CEO vereenzelvigd kunnen worden met een specifieke sector waarvan ze op EU-niveau telkens weer de belangen verdedigen. Zo trekt Duitsland altijd de kaart van de auto-industrie, verdedigt Spanje telecomgigant Telefónica, kiest Polen de kant van zijn kolenindustrie en gaat het Verenigd Koninkrijk telkens in op de vraag van de Londense City om de financiële regelgeving zo licht mogelijk te houden. Ook de Europese Commissie is niet vrij van schuld, meent CEO. Verschillende commissarissen, zoals Günther Oettinger van Begroting, Miguel Arias Cañete van Klimaat en Margrethe Vestager van Concurrentiebeleid, "organiseren disproportioneel veel ontmoetingen met bedrijfslobbyisten uit hun eigen land". Belgisch commissaris Marianne Thyssen wordt in deze context niet genoemd. Volgens Corporate Europe Observatory moeten de lidstaten eigen regels aannemen om het risico op beïnvloeding door de bedrijfswereld zo veel mogelijk te beperken. Maar ook de Europese instellingen moeten maatregelen nemen om hun democratisch deficit aan te pakken, luidt het. (Belga)