Eind jaren 90 verliet Gérard Deprez de PSC, voorloper van het CDH. Via politieke herverkaveling hoopte hij de dominante positie van de PS in Wallonië te breken. Bijna twee decennia en ettelijke politieke schandalen later heeft zijn indirecte opvolger Benoît Lutgen de zwaar geteisterde socialisten misschien wel het genadeschot gegeven. Al blijft zijn besluit een waagstuk, zegt Deprez.
...

Eind jaren 90 verliet Gérard Deprez de PSC, voorloper van het CDH. Via politieke herverkaveling hoopte hij de dominante positie van de PS in Wallonië te breken. Bijna twee decennia en ettelijke politieke schandalen later heeft zijn indirecte opvolger Benoît Lutgen de zwaar geteisterde socialisten misschien wel het genadeschot gegeven. Al blijft zijn besluit een waagstuk, zegt Deprez. Gérard Deprez: Of de gok van Benoît Lutgen zal lonen, moet nog blijken. Zijn demarche is op de eerste plaats bedoeld om een echte ramp te voorkomen. Het CDH zát al in slechte papieren - kijk maar naar de laatste peilingen. Voeg daarbij de schandalen rond de PS en hun gigantische impact op de Franstalige publieke opinie, en je weet: Benoît Lutgen móést zich wel uit de voeten maken of zijn partij dreigde samen met de PS ten onder te gaan. Deprez: Hij besefte dat hij niet verder kon met de PS, dat er iets moest gebeuren. Vanwege de niet-aflatende reeks schandalen, dat spreekt. Maar ook omdat de Brusselse en Waalse gewestregeringen al een hele tijd verlamd zijn. Met de PS konden geen compromissen meer worden gesloten. Of het nu ging over onderwijs of het sociaal-economische beleid: de socialisten blokkeerden te veel belangrijke dossiers. Vraag het maar aan de Waalse bevolking: niemand zou ook maar één maatregel van de Waalse regering kunnen opsommen. Deprez: Ja en nee. Door Lutgens grote gebaar heeft de MR eigenlijk geen keuze meer: mijn partij móét wel positief reageren op zijn oproep om alternatieve meerderheden te vormen. Doet ze dat niet, dan zal ze als de handlanger van de socialisten worden gezien. Dat zou rampzalig zijn. Positief is natuurlijk dat de MR eindelijk de kans heeft om tot de gewestregeringen toe te treden. Daar streeft de partij al tien jaar naar. Maar ze zal zich dus moeten plooien naar de eisen van een kleinduimpje dat samenwerking met de MR in het recente verleden altijd van de hand heeft gewezen. Deprez: Hij heeft een mooie politieke coup gepleegd en zijn partij opnieuw op de kaart gezet, ja. Daar valt niets op af te dingen. Deprez: Lutgen is in elk geval onder de indruk van de ineenstorting van de traditionele politieke partijen in Frankrijk. Net zoals president Macron heeft hij weinig op met de traditionele links-rechtstegenstelling in de politiek. Alle mensen van goede wil verzamelen in een grote centrumbeweging: dat is de historische roeping van de christendemocraten. Vijftig jaar machtsdeelname heeft daar een eind aan gemaakt, maar in Lutgens hoofd bestaat die droom nog altijd. Na wat in Frankrijk is gebeurd, denkt hij dat ook in Franstalig België een beweging als die van Macron mogelijk is. Deprez: Klopt. Op het eind van de jaren 80 heb ik als PSC-voorzitter nog een partijcongres georganiseerd om orde op zaken te stellen in het wereldje van de intercommunales. Ik was tot het besluit gekomen dat die aan elke democratische controle ontsnapten, terwijl hun aantal én hun taken zich bleven vermenigvuldigen. Dat zou, zag ik, onvermijdelijk tot ongezonde praktijken lijden. Maar ik heb toen weinig klaargespeeld: mijn eigen partij heeft me teruggefloten. (lacht)