Het is alweer vier jaar geleden dat de Europese leiders in Göteborg het sociale Europa een nieuwe impuls hadden gegeven. De presentatie van een Europese pijler van sociale rechten moest helpen om de burgers opnieuw te verzoenen met het Europese project na het hardvochtige besparingsbeleid dat was ingezet na de financiële crisis van 2008. In Porto gaat het erom de grote principes van Göteborg verder om te zetten in concreet beleid. "De uitvoering van de sociale pijler is het beste vaccin tegen ongelijkheid, angst en populisme", betoogde de Portugese premier Antonio Costa, wiens linkse regering momenteel de Europese ministerraden leidt. Verwacht wordt dat de regeringsleiders in Porto hun steun betuigen aan het actieplan dat de Europese Commissie in maart op papier zette. Dat omvat drie kerndoelstellingen voor 2030: 78 procent van de 20- tot 64-jarigen moet een job hebben, 60 procent moet jaarlijks aan een opleiding deelnemen en het aantal mensen dat met armoede of sociale uitsluiting wordt bedreigd moet met minstens 15 miljoen omlaag. De Europese pijler leidde onder meer al tot een richtlijn die een beter evenwicht tussen werk en privé voor ouders en mantelzorgers moet garanderen. Intussen ligt ook een richtlijn over Europese minimumlonen op tafel, een symbooldossier dat nogmaals illustreert hoe verdeeld de lidstaten blijven over sociaal beleid en de wenselijkheid om daarover Europese afspraken te maken. Anderzijds gooit Europa het in de coronapandemie wel over een andere boeg dan ten tijde van de financiële crisis. Hoewel de lidstaten opnieuw grote uitgaven moesten doen, is er ditmaal nog geen sprake van een nieuwe besparingskuur. De lidstaten raakten het vorig jaar eens over een baanbrekend relanceplan van 750 miljard euro dat moet helpen om een inclusief en sociaal rechtvaardig herstelbeleid te voeren. De Belgische vakbonden en het Belgische Netwerk Armoedebestrijding zijn ontgoocheld over de doelstelling op vlak van armoedebestrijding. Een daling met 15 miljoen of 16,5 procent staat haaks op de doelstelling van de Verenigde Naties om de armoede tegen 2030 te halveren, stellen ze in een gemeenschappelijke mededeling. Ze laken ook een gebrek aan concrete beleidsmaatregelen. "Met louter een aanbeveling voor het Europese minimuminkomen gaan we er niet komen". De sociale partners en vertegenwoordigers van de civiele samenleving schuiven morgen in Portugal mee aan tafel. Op zaterdag volgt een informele top onder de staatshoofden en regeringsleiders, die wordt afgerond met een "verklaring van Porto". (Belga)

Het is alweer vier jaar geleden dat de Europese leiders in Göteborg het sociale Europa een nieuwe impuls hadden gegeven. De presentatie van een Europese pijler van sociale rechten moest helpen om de burgers opnieuw te verzoenen met het Europese project na het hardvochtige besparingsbeleid dat was ingezet na de financiële crisis van 2008. In Porto gaat het erom de grote principes van Göteborg verder om te zetten in concreet beleid. "De uitvoering van de sociale pijler is het beste vaccin tegen ongelijkheid, angst en populisme", betoogde de Portugese premier Antonio Costa, wiens linkse regering momenteel de Europese ministerraden leidt. Verwacht wordt dat de regeringsleiders in Porto hun steun betuigen aan het actieplan dat de Europese Commissie in maart op papier zette. Dat omvat drie kerndoelstellingen voor 2030: 78 procent van de 20- tot 64-jarigen moet een job hebben, 60 procent moet jaarlijks aan een opleiding deelnemen en het aantal mensen dat met armoede of sociale uitsluiting wordt bedreigd moet met minstens 15 miljoen omlaag. De Europese pijler leidde onder meer al tot een richtlijn die een beter evenwicht tussen werk en privé voor ouders en mantelzorgers moet garanderen. Intussen ligt ook een richtlijn over Europese minimumlonen op tafel, een symbooldossier dat nogmaals illustreert hoe verdeeld de lidstaten blijven over sociaal beleid en de wenselijkheid om daarover Europese afspraken te maken. Anderzijds gooit Europa het in de coronapandemie wel over een andere boeg dan ten tijde van de financiële crisis. Hoewel de lidstaten opnieuw grote uitgaven moesten doen, is er ditmaal nog geen sprake van een nieuwe besparingskuur. De lidstaten raakten het vorig jaar eens over een baanbrekend relanceplan van 750 miljard euro dat moet helpen om een inclusief en sociaal rechtvaardig herstelbeleid te voeren. De Belgische vakbonden en het Belgische Netwerk Armoedebestrijding zijn ontgoocheld over de doelstelling op vlak van armoedebestrijding. Een daling met 15 miljoen of 16,5 procent staat haaks op de doelstelling van de Verenigde Naties om de armoede tegen 2030 te halveren, stellen ze in een gemeenschappelijke mededeling. Ze laken ook een gebrek aan concrete beleidsmaatregelen. "Met louter een aanbeveling voor het Europese minimuminkomen gaan we er niet komen". De sociale partners en vertegenwoordigers van de civiele samenleving schuiven morgen in Portugal mee aan tafel. Op zaterdag volgt een informele top onder de staatshoofden en regeringsleiders, die wordt afgerond met een "verklaring van Porto". (Belga)