Op 3 november hebben de Amerkanen niet rechtstreeks hun stem uitgebracht voor een nieuwe president en vicepresident. Zij stuurden in elke staat eigenlijk kiesmannen/vrouwen, die de winnaar in die staat vertegenwoordigen, naar het Electoral College, een constitutioneel overblijfsel uit het begin van de negentiende eeuw. Dat college van kiesmannen/vrouwen omhelst sinds 1964 538 leden, evenveel als het aantal senatoren en leden van het Huis van Afgevaardigden, aangevuld met drie zetels voor het hoofdstedelijk gebied Washington. Om verkozen te zijn, heeft een kandidaat binnen het college een meerderheid van minstens 270 stemmen nodig. De kiesmannen/vrouwen staan op lijsten die de partijen hadden samengesteld op de federale partijconventies, en beloven de officiële kandidaat van hun partij te steunen hoewel dit grondwettelijk niet is vereist. Met aangepaste wetgeving proberen staten te beteugelen dat er "afvalligen" zijn, en het komt ook niet zo vaak voor. Het stemmen voor een president en vicepresident gebeurt niet op een centrale plaats. Want de leden van het Kiescollege komen in hun eigen staat samen, meestal in het parlementsgebouw van die staat. Elke staat beslist ook zelf op welk tijdstip de kiesmannen/vrouwen bijeenkomen. Eenmaal alle stemmen geteld, verhuizen ze naar het Congres. Beide kamers van het Congres komen dan op 6 januari in een zitting, voorgezeten door vicepresident Mike Pence, om de stemmen te tellen. Traditioneel is het stemmen binnen het Kiescollege een formaliteit. Maar nu is er wel aandacht gezien de Republikeinse president Donald Trump nog steeds niet zijn nederlaag wil aanvaarden en nog steeds volhoudt dat er op grote schaal fraude is gepleegd. Het staatshoofd moet na de stembusgang van november in het Electoral College normaal 232 stemmen achter zich krijgen, zijn Democratische rivaal Joe Biden 306 stemmen. De stemming is dan ook een nieuwe solide en niet te ontkennen stap naar de eedaflegging van Joe Biden op 20 januari, beklemtoont de openbare omroep PBS. (Belga)

Op 3 november hebben de Amerkanen niet rechtstreeks hun stem uitgebracht voor een nieuwe president en vicepresident. Zij stuurden in elke staat eigenlijk kiesmannen/vrouwen, die de winnaar in die staat vertegenwoordigen, naar het Electoral College, een constitutioneel overblijfsel uit het begin van de negentiende eeuw. Dat college van kiesmannen/vrouwen omhelst sinds 1964 538 leden, evenveel als het aantal senatoren en leden van het Huis van Afgevaardigden, aangevuld met drie zetels voor het hoofdstedelijk gebied Washington. Om verkozen te zijn, heeft een kandidaat binnen het college een meerderheid van minstens 270 stemmen nodig. De kiesmannen/vrouwen staan op lijsten die de partijen hadden samengesteld op de federale partijconventies, en beloven de officiële kandidaat van hun partij te steunen hoewel dit grondwettelijk niet is vereist. Met aangepaste wetgeving proberen staten te beteugelen dat er "afvalligen" zijn, en het komt ook niet zo vaak voor. Het stemmen voor een president en vicepresident gebeurt niet op een centrale plaats. Want de leden van het Kiescollege komen in hun eigen staat samen, meestal in het parlementsgebouw van die staat. Elke staat beslist ook zelf op welk tijdstip de kiesmannen/vrouwen bijeenkomen. Eenmaal alle stemmen geteld, verhuizen ze naar het Congres. Beide kamers van het Congres komen dan op 6 januari in een zitting, voorgezeten door vicepresident Mike Pence, om de stemmen te tellen. Traditioneel is het stemmen binnen het Kiescollege een formaliteit. Maar nu is er wel aandacht gezien de Republikeinse president Donald Trump nog steeds niet zijn nederlaag wil aanvaarden en nog steeds volhoudt dat er op grote schaal fraude is gepleegd. Het staatshoofd moet na de stembusgang van november in het Electoral College normaal 232 stemmen achter zich krijgen, zijn Democratische rivaal Joe Biden 306 stemmen. De stemming is dan ook een nieuwe solide en niet te ontkennen stap naar de eedaflegging van Joe Biden op 20 januari, beklemtoont de openbare omroep PBS. (Belga)