Afgelopen weekend was er in Kasteel Hertoginnedal een superministerraad. Die moest de bevolking de indruk geven dat de regering-Michel haar tweede adem heeft gevonden. Al jarenlang hekelt zowat iedereen de fiscale koterij in ons land en wordt ervoor gepleit om drastisch te snoeien in de jungle van aftrekposten. Maar wat besliste de superministerraad? Om er nóg twee te creëren: de rechtsbijstandsverzekering en beschermende motorkledij worden fiscaal aftrekbaar.
...

Afgelopen weekend was er in Kasteel Hertoginnedal een superministerraad. Die moest de bevolking de indruk geven dat de regering-Michel haar tweede adem heeft gevonden. Al jarenlang hekelt zowat iedereen de fiscale koterij in ons land en wordt ervoor gepleit om drastisch te snoeien in de jungle van aftrekposten. Maar wat besliste de superministerraad? Om er nóg twee te creëren: de rechtsbijstandsverzekering en beschermende motorkledij worden fiscaal aftrekbaar. Door nog meer aftrekposten toe te voegen, wordt onze ingewikkelde belastingaangifte nog ingewikkelder. En oneerlijker: wie geen weet heeft van aftrekposten of ze vergeet aan te geven, betaalt te veel. Voor de overheid wordt het nog moeilijker om de ontvangsten correct te voorspellen. En dat alleen omdat de regering koste wat het kost wil bewijzen dat ze nog een beleid kan voeren. De Leuvense econoom Herman Daems, tegenwoordig voorzitter van de KU Leuven en van BNP Paribas Fortis, noemt zulk beleid 'knutselbeleid' in zijn nieuwe boek, dat volgende week verschijnt. Het bundelt columns die verschenen in de zakenkrant De Tijd en heet De uitgeputte overheid: waarom het beleid stokt.Een hoofdstuk in dat boek heet 'Beleid voeren kan niet meer'. Daems stipt erin aan dat de fiscale aftrek wordt gebruikt om het gedrag van burgers te beïnvloeden, maar wijst op de uitwassen daarvan. Zoals zovelen besluit hij dat een vereenvoudiging van de belastingen zich opdringt. En dat het aantal aftrekposten dus moet verminderen. De vraag die daarbij rijst, is: hoe kan de overheid dan nog sturen? Hoe kan ze een beleid voeren? 'Daarom is een discussie over een vereenvoudiging van de belastingen ook een discussie over een nieuwe visie op de overheid en over de beleidsinstrumenten', schrijft Daems. Dat wordt géén onderwerp op de superministerraden die de komende weken nog in Hertoginnedal worden gehouden. Alles draait rond de staat en de instellingen, die aan het eind van hun krachten zijn. Ze kunnen niet meer snel, doortastend en tegen een redelijke prijs tot actie overgaan. Daarover gaf Daems een jaar geleden al een groot interview aan Knack. Hij schrijft de uitputting van de overheid toe aan vijf oorzaken. Eén: ze is machteloos geworden, ze heeft zich 'als de reus Gulliver aan alle kanten laten knevelen door belangengroepen'. Ze verliest na eindeloos overleg, 'waarbij "consultatie" steeds meer wordt verward met "beslissing"', het algemeen belang uit het oog. Doeltreffende oplossingen zijn zelden het resultaat. Twee: ze heeft amper voldoende middelen. Onze belastingdruk behoort, net als onze staatsschuld, tot de hoogste in Europa. De bewegingsruimte van de overheid is erg beperkt. Drie: ze wordt overbevraagd. Wat beschouwt ze als haar kerntaken? Dat is almaar onduidelijker. Vier: ze gaat mee in de waan van de dag. Ze wordt overspoeld met halve en hele waarheden, waarop ze telkens weer zo snel mogelijk moet reageren. En vijf: de problemen die ze moet aanpakken worden almaar complexer. Volgens Daems moeten we ons zorgen maken over zo'n uitgeputte overheid. Ze verlamt, schrijft hij, maatschappij en economie 'en zet onbewust de deur open voor populisme'. Hoe komen we dan opnieuw tot een slagvaardiger overheid? In De uitgeputte overheid reikt Daems oplossingen aan. Zo moet de overheid opnieuw haar eigen kerntaken definiëren. Dat kan met een meerjarenplan en langetermijnbegrotingen, waarmee duidelijk wordt wat ze zal doen om haar doelstellingen te bereiken en welke middelen ze daartoe zal inzetten. De overheid moet ook haar financiën in orde brengen. Volgens Daems kan ze haar schuld alleen afbouwen door overschotten op de begroting te creëren en door overheidsactiva te verkopen die niet meer onder haar kerntaken vallen: 'dat is zeker het geval voor het merendeel van de overheidsbedrijven'. Ten slotte moet ze een akkoord afsluiten met het brede middenveld over de vragen: wat is de juiste taakomschrijving van de overheid, hoe verloopt de consultatie en hoe kan ze worden afgerond, en hoe kunnen parlement en overheid tot besluiten komen? Van al die oplossingen ontbreekt onder de regering-Michel elk spoor. Een knutselbeleid lijkt haar voorkeur weg te dragen. Ook in het parlement is er daarover geen begin van een debat. Nadenken en discussiëren over hoe we opnieuw een fitte overheid krijgen: misschien moeten we díé activiteiten fiscaal aftrekbaar maken.