De burgemeesters van de veertien gemeenten van GREOVA (Groupement régional économique Ourthe-Vesdre-Amblève) hebben in Chaudfontaine samengezeten met de Waalse minister van Handel Willy Borsus. Bedoeling was een reeks initiatieven te lanceren om de 'post-overstromingsperiode' aan te pakken. Tijdens die bijeenkomst beschreven de burgemeester hun ervaringen en frustraties.

'Wij dachten dat veel van onze inwoners zouden sterven', verklaarde Daniel Bacquelaine (MR), die de gemeente Chaudfontaine vertegenwoordigde. 'Sommige van onze medeburgers bevonden zich in het donker, zonder mobiele telefoon, en zagen boomstammen door hun huizen passeren. Het was een visioen van de apocalyps en daarom is het moeilijk om terug te keren naar het dagelijkse leven.' Voor de burgemeester is het nu vooral belangrijk om te voorkomen dat de valleien spooksteden worden, door de activiteiten nieuw leven in te blazen en kleuterscholen en scholen weer te openen. Alleen al in de gemeente Chaudfontaine is tot nu toe bijna 40.000 ton puin geruimd, goed voor een budget van 1 miljoen euro.

Een groot deel van de openbare infrastructuur in de getroffen gemeenten is verwoest. Zo raamt Aywaille de schade aan zijn sportfaciliteiten op bijna twee miljoen euro. Bovendien zullen er overal bruggen, wegen en trottoirs moeten worden heraangelegd.

Lessen trekken

De bijeenkomst was eveneens een gelegenheid voor de plaatselijke verkozenen om bepaalde huisvestingsbehoeften onder de aandacht te brengen. Er was eensgezindheid over het feit dat de getroffen wijken heropgebouwd moeten worden, maar niet op gelijk welke manier. 'Hele wijken verplaatsen lijkt ons niet redelijk of wenselijk', beaamde de minister, 'ze identiek reproduceren is dat ook niet'. Hij voegde er aan toe dat er nu werk moet worden gemaakt van het vermogen van de grond om meer water op te nemen.

De aanwezigen waren het er ook over eens dat er lessen moeten worden getrokken uit de ramp. Zo is er een rondzendbrief in voorbereiding om ervoor te zorgen dat toekomstige gebouwen minder aan overstromingen worden blootgesteld, bijvoorbeeld door het gebruik van palen. Daarnaast wordt gedacht aan een groot 'masterplan' voor ruimtelijke ordening. Ook de rivieroevers werden besproken: er is dringend behoefte aan een duurzame wederopbouw, maar de kwestie is complex omdat sommige delen geprivatiseerd zijn, terwijl andere gemeentelijk of regionaal zijn, klonk het. Een ander cruciaal aspect is de schadeloosstelling van slachtoffers en het gebruik van het rampenfonds.

De burgemeesters van de veertien gemeenten van GREOVA (Groupement régional économique Ourthe-Vesdre-Amblève) hebben in Chaudfontaine samengezeten met de Waalse minister van Handel Willy Borsus. Bedoeling was een reeks initiatieven te lanceren om de 'post-overstromingsperiode' aan te pakken. Tijdens die bijeenkomst beschreven de burgemeester hun ervaringen en frustraties.'Wij dachten dat veel van onze inwoners zouden sterven', verklaarde Daniel Bacquelaine (MR), die de gemeente Chaudfontaine vertegenwoordigde. 'Sommige van onze medeburgers bevonden zich in het donker, zonder mobiele telefoon, en zagen boomstammen door hun huizen passeren. Het was een visioen van de apocalyps en daarom is het moeilijk om terug te keren naar het dagelijkse leven.' Voor de burgemeester is het nu vooral belangrijk om te voorkomen dat de valleien spooksteden worden, door de activiteiten nieuw leven in te blazen en kleuterscholen en scholen weer te openen. Alleen al in de gemeente Chaudfontaine is tot nu toe bijna 40.000 ton puin geruimd, goed voor een budget van 1 miljoen euro. Een groot deel van de openbare infrastructuur in de getroffen gemeenten is verwoest. Zo raamt Aywaille de schade aan zijn sportfaciliteiten op bijna twee miljoen euro. Bovendien zullen er overal bruggen, wegen en trottoirs moeten worden heraangelegd. De bijeenkomst was eveneens een gelegenheid voor de plaatselijke verkozenen om bepaalde huisvestingsbehoeften onder de aandacht te brengen. Er was eensgezindheid over het feit dat de getroffen wijken heropgebouwd moeten worden, maar niet op gelijk welke manier. 'Hele wijken verplaatsen lijkt ons niet redelijk of wenselijk', beaamde de minister, 'ze identiek reproduceren is dat ook niet'. Hij voegde er aan toe dat er nu werk moet worden gemaakt van het vermogen van de grond om meer water op te nemen. De aanwezigen waren het er ook over eens dat er lessen moeten worden getrokken uit de ramp. Zo is er een rondzendbrief in voorbereiding om ervoor te zorgen dat toekomstige gebouwen minder aan overstromingen worden blootgesteld, bijvoorbeeld door het gebruik van palen. Daarnaast wordt gedacht aan een groot 'masterplan' voor ruimtelijke ordening. Ook de rivieroevers werden besproken: er is dringend behoefte aan een duurzame wederopbouw, maar de kwestie is complex omdat sommige delen geprivatiseerd zijn, terwijl andere gemeentelijk of regionaal zijn, klonk het. Een ander cruciaal aspect is de schadeloosstelling van slachtoffers en het gebruik van het rampenfonds.