De drie voormalige topmannen van Tokyo Electric Power (TEPCO) worden beschuldigd van nalatigheid met de dood tot gevolg. Ze zouden geen voorzorgsmaatregelen hebben genomen tegen een tsunami. TEPCO zou in 2008 op de hoogte gebracht zijn dat een tsunami, met golven tot 16 meter hoog, de kerncentrale kon treffen. Volgens de openbare aanklagers was het voor de bedrijfsleiders belangrijker om te voorkomen dat de kernreactor stilgelegd moest worden, dan het probleem aan te pakken. De drie pleiten onschuldig. Volgens de verdediging was de tsunami niet te voorspellen en zou de ramp sowieso hebben plaatsgevonden, ook al waren er veiligheidsmaatregelen genomen. De openbaar aanklager eist vijf jaar cel voor de voorzitter van de raad van bestuur Tsunehisa Katsumata, en twee voormalige vice-CEO's, Sakae Muto en Ichiro Takekuro. In maart 2011 was er een aardbeving met een kracht van 9,0 op de schaal van Richter en ontstond aansluitend een enorme tsunami in het noorden van Japan, waarbij 18.500 mensen omkwamen. In de kerncentrale van Fukushima kwam het toen tot een drievoudige meltdown, een kernsmelting. Meer dan 160.000 mensen moesten vluchten en zeker 30.000 Japanners konden nog steeds niet terugkeren. Het incident was de grootste nucleaire ramp sinds de kernramp van Tsjernobyl in 1986. (Belga)